Nederland als vormenorgie

Sinds architectuurhistoricus Ole Bouman een paar jaar geleden hoofdredacteur is geworden van Archis, is dit tijdschrift toegankelijker geworden dan onder de vorige hoofdredacteur, de Belgische ex-hoogleraar Geert Bekaert. Bouman doopte het blad om in een maandblad over `architectuur, stad en beeldcultuur' en zorgde ervoor dat het blad minder wordt geteisterd door stukken die met de ellebogen zijn geschreven.

Af en toe verschijnt er een themanummer van Archis, meestal over de architectuur van een bepaald buitenland. Maar in het septembernummer is Nederland zelf aan de beurt. Archis laat de hedendaagse Nederlandse architectuur zien op een manier die het begrip `beeldcultuur' recht doet: het nummer bestaat voor een groot deel uit 80 foto's, die een goed beeld geven van wat de bouwhausse in Nederland de laatste jaren heeft opgeleverd. Dit zijn nu eens niet alleen de Belangrijke Gebouwen van de Grote Namen die normaal gesproken de kolommen van architectuurtijdschriften vullen, maar ook bouwwerken van onbekende of zelfs anonieme architecten.

De foto's laten zien wat iedereen kan zien die wel eens door Nederland rijdt. Bovendien zijn de foto's in veel gevallen niet het werk van architectuurfotografen die uren wachten tot er niemand meer op staat, maar kiekjes die de gewoonheid van de gebouwen beklemtonen. Maar in een tijdschrift bij elkaar gezet zorgen de doodgewone foto's voor een spectaculair beeld dat duidelijk maakt dat Nederland zucht onder een ongewone vormenorgie. De redactie van Archis heeft weliswaar orde in de chaos geschapen en de vormen onderverdeeld in categorieën als `mix van materialen' en `historische nieuwbouw', maar veel helpt dit niet. Ook binnen de categorieën blijkt de variatie van vormen oneindig.

Scheef, modernistisch, rond, klassiek, golvend, deconstructivistisch, rechthoekig, traditionalistisch, organisch, enzovoort, enzovoort: `anything goes' in het Nederlandse bouwen. Het ligt dus voor de hand om te veronderstellen dat nu ook in Nederland het postmodernisme definitief is doorgebroken. Toch is dit niet de conclusie die de redactie van Archis trekt. Nederland is het postmodernisme voorbij, schrijven Ole Bouman en Arjen Oosterman. Nederland, niet zo lang geleden het laatste land waar het modernisme de architectuur nog overheerste, heeft het postmodernisme overgeslagen en is plotseling beland in een post-post-modernistisch vacuüm. ,,Het hele postmodernistische idee van architectuur als een gelaagd betekenissysteem dat zich gelijktijdig tot verschillende culturele lagen van de bevolking zou moeten richten, is volstrekt achterhaald'', schrijft Arjen Oosterman.

,,Wie nu ronddwaalt in de nieuwe woonstedes die overal en nergens worden ontwikkeld, ziet letterlijk alleen maar vorm'', schrijft Bouman in de inleiding. ,,Er is geen enkele overkoepelende gedachte, ideologie, geloof, wereldbeeld of wat voor betekenissysteem dan ook waarvan vorm zou kunnen worden afgegeleid.'' Maar is dit laatste, zo vraag je je af, nu juist niet een perfecte omschrijving van de postmoderne notie bij uitstek?

Archis. 9 - 1999. Prijs ƒ28,75.