Havenbedrijf R'dam deels gesplitst

Het Rotterdamse Havenbedrijf gaat haar commerciële activiteiten onderbrengen in een aparte vennootschap. Ook krijgt het Gemeentelijk Havenbedrijf meer bevoegdheden om zelfstandig beslissingen te nemen. Op die manier wil havenwethouder Simons het Havenbedrijf de mogelijkheid bieden sneller op marktontwikkelingen in te spelen. Zo krijgt het Havenbedrijf meer vrijheid bij de uitgifte van bedrijfsterreinen, de tarieven in de haven, de arbeidsvoorwaarden en het investeringsbeleid. Het Havenbedrijf zal de komende drie jaar 66 miljoen per jaar aan de gemeente afdragen.

De plannen voor het Havenbedrijf werden gisteren gezamenlijk gepresenteerd door wethouder H. Simons en algemeen directeur W. Scholten van het Havenbedrijf. Scholten krijgt ook de leiding over de nieuwe vennootschap (NV Mainport Holding Rotterdam).

Het Havenbedrijf wil in deze vennootschap onder andere het binnenkort te verwerven belang van 35 procent in overslagbedrijf ECT onderbrengen. Ook een eventueel belang in de aanleg van de tweede Maasvlakte (wanneer dat plaatsvindt via publiek/private samenwerking) zou hieronder komen te vallen. Hetzelfde geldt voor andere commerciële activiteiten van het Rotterdamse Havenbedrijf, zoals consultancy.

De Rotterdamse raad beslist op 14 oktober over het voorstel van Simons om de directe invloed van de gemeente op het Havenbedrijf te verkleinen. Tegelijkertijd nemen de raadsleden een besluit over deelname van het Havenbedrijf in overslagbedrijf ECT. De onderneming wordt eigendom van het Havenbedrijf en het Hongkongse containerbedrijf Hutchison Port Holdings (elk 35 procent), ABN Amro Participatiemaatschappij en ING (samen 28 procent) en ECT-personeel (2 procent).

Over een meer onafhankelijke positie van het Rotterdamse Havenbedrijf wordt al geruime tijd gesproken. Reden is, zo zei Simons gisteren, de soms ,,moeizame verhouding'' tussen de ambtelijke en bestuurlijke top en de daarmee gepaard gaande ,,vergruizing'' van verantwoordelijkheden. In het door Simons gelanceerde voorstel zijn de opties voor verzelfstandiging of privatisering van het Havenbedrijf afgewezen. Met de opzet van een aparte vennootschap is gekozen voor ,,een derde weg'', aldus de wethouder. Hoe die route precies zal uitvallen, is nog niet bekend. ,,De manier waarop de nieuwe nv gaat opereren, kan aangepast worden als de omstandigheden dat eisen.''

Algemeen directeur Scholten van het Gemeentelijk Havenbedrijf noemde de gekozen opzet ,,goed voor de haven''. Hij wees erop dat het Havenbedrijf moet inspelen op ,,ongelooflijk snelle ontwikkelingen'' bij de scheepvaart (containervervoer) en de olie- en chemiesector.

Het Havenbedrijf investeert jaarlijks voor circa 300 miljoen in de haven. Op basis van het voorstel van Simons kan het Havenbedrijf straks zijn eigen cash flow-management voeren.

In overleg met de gemeenteraad zal een zogeheten `strategische agenda' voor de ontwikkeling van de Rotterdamse haven worden opgesteld. Behalve leidraad voor de politieke aansturing van het GHR en zijn nieuwe NV Mainport is deze agenda bedoeld als de Rotterdamse inbreng bij het Bestuurlijk Overleg Mainport (BOM), een overlegforum met een groot aantal ministeries.