Biotech-bedrijf wacht met `vernietigingsgen'

Monsanto, het Amerikaanse bedrijf voor biotechnologie, heeft de ontwikkeling van een zogeheten vernietigingsgen voor commercieel gebruik opgeschort. Het gen zou in gewassen kunnen worden geïmplanteerd om te voorkomen dat ze vruchtbare zaden geven, die door boeren gebruikt zouden kunnen worden. Daarmee zou Monsanto, dat miljarden heeft geïnvesteerd in genetisch gemanimuleerde gewassen zoals soja, boeren dwingen om jaarlijks hun zaaigoed bij het bedrijf te kopen.

Op dit moment sluit Monsanto al contracten met boeren, waarin hen wordt verboden om zaad van Monsanto-gewassen te bewaren en het jaar daarop in te zaaien. Het bedrijf zet in de Verenigde Staten privé-detectives in om ervoor te zorgen dat boeren zich aan dit verdrag houden.

In een brief schrijft Monsanto ,,geen besluit te nemen voor het commerciële gebruik van gen-protectie technologie'' totdat alle consequenties ervan duidelijk zijn.

Volgens de milieu-organisatie Vrienden van de Aarde heeft Monsanto het besluit genomen onder druk van de publieke opinie. Het verzet tegen genetisch gemanipuleerd (GM) voedsel wordt steeds groter. De organisatie voegt er echter aan toe dat dit besluit alleen symbolische waarde heeft, omdat het Monsanto geen cent kost en het bedrijf niet van plan is om de ontwikkeling van het protectie-systeem te staken. ,,Niets kan hen ervan weerhouden om het op een later moment alsnog in te voeren'', aldus een woordvoerder. Monsanto erkent dat het nog een aantal jaren zal duren voordat het vernietigingsgen ook werkelijk in productie genomen zou kunnen worden.

Vooral in ontwikkelingslanden is opgelucht gereageerd op Monsanto's besluit. Boeren daar zouden het meest te hebben geleden van het steriele zaad, omdat ze niet genoeg geld hebben om jaarlijks opnieuw GM-zaaigoed van Monsanto te kopen. (Reuters)