In Duitsland blijft `Ostalgie' volop aanwezig

Zaterdag werd in Oost-Berlijn de laatste `Ostalgie-party' gevierd die de herinnering aan de DDR levend moest houden. Dat betekent echter nog niet dat Duitsland nu herenigd en gelukkig is.

Genosse Claus straalt. Hij is eregast op de `Ostalgie'-nacht in een oude bakstenen fabriek in Oost-Berlijn. ,,Ostalgie betekent voor mij ook nostalgie kan ik eindelijk mijn uniform weer aan'', zegt Claus en wijst trots naar zijn groene pet met hamer en sikkel-embleem.

De 54-jarige Claus was majoor in het volksleger van de voormalige DDR. Nu is hij, bijna tien jaar na de val van de Berlijnse muur, architect. Maar flatwijk Hohenschönhausen - in het oostelijk deel van de stad - blijft zijn Heimat. ,,In het Westen kom je niet''.

Het is de laatste `Ostalgie-party' die zaterdag wordt gevierd. De 30-jarige Ossie Ralph Heckel uit Thüringen, die sinds 1994 Ostalgie-partys in Oost- en West-Duitsland heeft georganiseerd, neemt de wijk naar het buitenland. ,,Natuurlijk wil niemand de DDR terug, maar herinneringen verbinden en velen kunnen er om lachen'', zegt hij. Pfeffis, Vita-Cola, Rottkäpchen-sekt, rode Pioniers-sjaals; Heckel heeft allemaal relikwieën uit het verleden in de rode fabriek verzameld. Hoogtepunt is het optreden van dubbelgangers van Erich Honecker en Michael Gorbatsjov.

Precies na middernacht, op de negende verjaardag van het herenigde Duitsland (3 oktober 1990), is het Schluss. Hoewel Heckel vindt dat zijn feesten niets met nostalgie te maken hebben, wil hij niet dat zij voedsel geven aan een tegenbeweging van `Ossies' tegen `Wessies'. Heckel bespeurt tot zijn spijt, dat de besser-Wessies uit Bonn, die na de verhuizing van de regering nog onwennig door de stad lopen, bij de Berlijners ,,niet erg geliefd'' zijn. Enkele ballingen uit het Rijnland hebben zelfs een praatgroep Berlin tut weh opgericht om hun shockerende ervaringen uit het `rampgebied' uit te wisselen.

De 82 miljoen Duitsers mogen herenigd zijn, ze zijn slecht gemutst, constateert de Oost-Duitse schrijver Günter de Bruyn in zijn nieuwste boek Deutsche Zustände. Verenigd, maar niet gelukkig. Vooral in het Oosten is volgens de schrijver ontevredenheid met de eenwording een wijd verbreide kwaal. Niet alleen daar. Wil in het Oosten 14 procent van de bevolking de muur het liefst weer terughebben, in het Westen is dat aantal met 20 procent hoger, blijkt uit onderzoek in het weekblad Stern.

Met de val van de muur begon voor Duitsland ook economisch een nieuwe tijd. De wortels van de Duitse welvaart zijn aangetast. Niet alleen de hoge kosten van de hereniging hebben de schuldenberg van de staat de laatste 16 jaar opgestuwd van ruim 300 miljard naar 1.500 miljard mark. Alleen al de jaarlijkse rente bedraagt 82 miljard. ,,Al konden we maar de helft daarvan uitgeven aan bestrijding van de hoge werkloosheid of aan onderwijs, waren we al geholpen'', zei bondskanselier Gerhard Schröder (SPD) gisteren in een vraaggesprek over zijn omstreden hervormingsprogramma. Duitsland leeft op te grote voet en is gedwongen te bezuinigen. Hervorming van het sociale stelsel is dringend nodig, erkent ook Schröder tot verdriet van zijn eigen achterban.

Het sociale model, ooit een voorbeeld, is achterhaald. Later dan andere West-Europese landen, reageerde Duitsland op de globalisering de hevige internationale concurrentie. De oplopende schulden en de hoge werkloosheid hebben de Duitse reus wakker geschud. Zonder ingrijpende sanering van de financiën, kan Duitsland niet eens aan de euro-criteria voldoen. Bedrijven en banken zijn volop bezig om zich via fusies en ingrijpende herstructureringen aan te passen. Maar politici, vakbonden en sociale organisaties hebben de problemen van het dure sociale stelsel, dat de loonkosten de hoogste in Europa maakt, voor zich uitgeschoven. Nu pas realiseren we ons, dat de hereniging had moeten worden gebruikt om Duitsland te moderniseren, erkent CDU-voorzitter Wolfgang Schäuble, de opvolger van Helmut Kohl.

Ook al lijdt het humeur onder de last van de hereniging, langzaamaan beginnen de Duitsers zich wel één volk te voelen. Vond in 1994 nog 32 procent van de Duitsers dat de leuze Wir sind ein Volk van toepassing was, in 1999 vindt 45 procent van de Duitsers dat ze een volk zijn, blijkt uit onderzoek van het Allensbach-instituut. Zelfs Genosse Claus wenst de DDR niet meer terug. Ook al houdt hij vaak op zondag met zijn vrienden reünies (,,in uniform''). ,,Uiteindelijk zijn we allemaal Duitsers''.