Europese investeringsbank beschuldigd van wanbeleid

Een voormalige medewerker beschuldigt de Europese Investeringsbank (EIB)in de jaren 1991 tot 1994 ongeveer 500 miljoen gulden minder opbrengst op belegd geld te hebben behaald dan mogelijk was. Het slechte beleggingsresultaat zou het gevolg zijn van vriendjespolitiek. De leiding van de EIB zou waarschuwingen hebben genegeerd en niet tijdig hebben ingegrepen.

De EIB ontkent de beschuldigingen. Volgens een woordvoerder heeft de bank lagere opbrengsten op beleggingen zelf gepubliceerd in rapporten in 1994 en 1995. De ministers van Financiën van de EU die de Raad van Gouverneurs van de EIB vormen, keurden in juni 1995 het beleid van de bank goed. Bij onderzoeken door zowel de interne accountant als door het externe kantoor KPMG bleken geen onregelmatigheden.

De beschuldigingen over vriendjespolitiek staan in een document van 40 pagina's dat de Italiaan Carlo de Nicola, een voormalig medewerker van de EIB, heeft gestuurd aan de commissie voor begrotingscontrole van het Europees Parlement. Het Parlement heeft echter geen directe bemoeienis met de EIB. Deze bank is door de EU opgericht om door middel van goedkope leningen de economie te stimuleren.

De EIB heeft voor ongeveer 400 miljard gulden aan leningen uitstaan. Volgens een woordvoerder is voormalig medewerker De Nicola geen `klokkenluider', maar iemand die de bank onder druk probeert te zetten. De Nicola is afgelopen februari ontslagen bij de EIB waar hij een ondergeschikte functie had. Sindsdien heeft hij bij het Europees Hof van Justitie een procedure tegen de EIB aangespannen om een schadevergoeding van zeven miljoen euro te krijgen. Volgens een woordvoerder van de EIB is het resultaat van beleggingen van de EIB in 1994 lager geweest dan gebruikelijk als gevolg van renteontwikkelingen. De EIB zou echter minder verloren hebben dan commerciële banken. In 1995 besloot de EIB het beleid ten aanzien van beleggingen in staatsleningen te wijzigen, waardoor een herhaling van een verlies bij een plotselinge rentestijging onmogelijk zou zijn geworden.

Volgens PvdA-Europarlementariër Michiel van Hulten is niet duidelijk in hoeverre de beschuldigingen van De Nicola op waarheid berusten. De Deense socialistische Europarlementariër Freddy Blak vroeg om opheldering, maar kreeg slechts te horen dat de EIB geen verantwoording schuldig is aan het parlement. De EIB wil ook de fraudebedrijdingsdienst van de EU, Olaf, geen onderzoek laten doen omdat deze niet bevoegd is om binnen de bank te werken.