Audina `met Gods hulp' terug naar de top

Badmintonster Mia Audina werd met de hulp van God al jong een wereldtopper. Op 17-jarige leeftijd won ze in Atlanta olympisch zilver. Alles ging goed, totdat het leven haar een half jaar geleden stevig in de kraag vatte. Haar moeder overleed en de toestand in haar vaderland Indonesië belette haar topsport te bedrijven. Ze kwam na haar huwelijk met de Rotterdamse gospelzanger Tylio Lobman naar Nederland en maakte afgelopen week in Den Bosch haar debuut voor de Nederlandse Badminton Bond (NBB).

Dat resulteerde in een finaleplaats bij de Dutch Open. De kracht daarvoor kreeg de 20-jarige Audina naar eigen zeggen ,,van boven''. In de finale in Den Bosch bleek de Chinese qualifier Chunyu Tang in drie games nog wel te sterk: 11-13, 11-4 en 11-7. Aan het einde van de eerste game, waarin ze een voorsprong van vijf punten weggaf, kreeg Audina last van een spierblessure in bil en bovenbeen. Maar dat was niet de enige reden van haar verlies. ,,Tang is een goede speelster en had bovendien niets te verliezen.'' De winnares kwam voor het eerst de Chinese grens over. Een notering op de wereldranglijst had Tang nog niet eens. Voor het Duitse Open, komende week, stond ze aanvankelijk zelfs op de reservelijst van de kwalificaties.

Audina heeft daarentegen al een heel badmintonleven achter zich. In 1994 moest ze als 14-jarig meisje tijdens de finale van het WK-landenteams voor vrouwen zomaar ineens de arena in. Bij de stand 2-2 aan haar de taak om het beslissende punt van China af te pakken. Ze slaagde met verve. Twee jaar ouder ging ze naar Atlanta. Tot dit voorjaar bleef ze een vaste speelster van de mondiale top-10. Maar eind april stortte haar persoonlijke leven in toen haar moeder overleed. ,,Voor haar deed ze alles'', zei haar Nederlandse echtgenoot, Tylio Lobman. ,,Ze betaalde het ziekenhuis, speelde voor haar badminton, met liefde heeft ze jaren in haar moeder geïnvesteerd.''

Het overlijden van haar moeder is een van de redenen geweest van haar emigratie. In Indonesië had ze nog veel herinneringen en daarbij verslechterde de economische en politieke situatie zienderogen. ,,Ik wilde opnieuw beginnen met Tylio. En ik denk dat Nederland beter voor me is dan Indonesië.'' Maar de gewoonten van Indonesië zouden hier heel vreemd kunnen zijn, hield Lobman haar voor. ,,Wij Nederlanders zijn immers nuchter. Geen dolle taferelen als Richard Krajicek over de Lijnbaan loopt. Maar Mia voelt zich al thuis, ook dankzij haar geloof. Ze bidt tot God, vraagt hem om steun. Ze bidt ook altijd in haar spel. `Help me ook bij dit puntje weer' of 'ik ben moe, geef me wat kracht'. Sommige spelers hebben een bijgeloof, zij voelt zich lekker als ze met God communiceert.''

Dat doet ze dan ook volop. Nadat ze in de halve finales had afgerekend met de nummer zeven van de wereld en nummer één van de plaatsingslijst, Zhou Mi uit China, zei Audina: ,,God gaf me kracht, het publiek gaf me steun. Ik voel me hier echt welkom. Ik ben al een van hen. Ik wil vechten voor dit land.''

Echt Nederlands is ze nog niet, binnenkort moet haar verblijfsvergunning rond zijn en kan de naturalisatie worden afgerond. Op de wereldranglijst zal de uit Jakarta afkomstige Audina na de Open NK zo'n vijftien plaatsen stijgen en zal ze net onder de top-25 uitkomen. Met de Duitse en Deense Open voor de boeg verwacht technisch directeur van de Nederlandse bond, Martijn van Dooremalen, behoorlijke progressie. ,,Als alles goed verloopt, zou het best zo kunnen zijn dat ze eind dit jaar in de top-10 binnenkomt.''

Dat Audina gaat terugkeren op de hoogste plaats van de wereldranglijst zegt ze zelf niet hardop. ,,Ik ga ervoor'', wil ze slechts kwijt. Lobman: ,,Tegen mij heeft ze gezegd: ik kom terug op nummer één. Tegen journalisten zal ze zoiets niet zeggen. Want Mia vindt: wat je zegt, moet je ook doen.'' (ANP)