Vragen over opbrengst `Clickfonds'

De Socialistische Partij (SP) wil van minister Korthals van Justitie weten waarom hij afgelopen maandag in antwoord op Kamervragen schreef, dat het `beursfraudeonderzoek' (`Operatie Clickfonds') ,,de fiscus zo'n honderd miljoen gulden aan boetes en naheffingen vanwege belastingontduiking heeft opgeleverd''. Een dag later bleek uit cijfers van het ministerie van Financiën dat de feitelijk geïnde fiscale opbrengsten uit het Clickfondsonderzoek tot nu toe 7,9 miljoen gulden bedragen. Er is voor 88 miljoen gulden aan aanslagen opgelegd, waarvan volgens Financiën een ,,substantieel deel'' voorlopig, terwijl er tegen verschillende aanslagen bezwaar is aangetekend. Voor 19,4 miljoen zijn fiscale boetes opgelegd. De SP wil weten hoe deze feiten zijn te rijmen met antwoorden van Korthals op eerdere vragen uit de Kamer.

Bovendien vraagt de SP zich af hoe het kan dat het Openbaar Ministerie (OM) woensdag verklaarde dat het nooit de bedoeling is geweest de indruk te wekken dat er reeds 100 miljoen aan belastinginkomsten ontvangen is, terwijl hoofdofficier van justitie J. Vrakking in augustus in NRC Handelsblad onder meer sprak over ,,de honderd miljoen die we nu al binnen hebben'' en ,,de honderd miljoen aan belastingopbrengsten''. In juni had Vrakking in de Telegraaf ook al eens gesteld dat er op dat moment 90 miljoen gulden ,,al door de fiscus is geïnd of op zijn minst beslag op gelegd''. De verwarring over de belastinginkomsten kwam gisteren ook aan de orde in een zitting voor de Amsterdamse Raadkamer. Het OM herhaalde dat nooit is bedoeld dat de honderd miljoen binnen is, maar dat het wel de verwachting is dat het bedrag kan worden geïnd.

In de Raadkamerzitting diende een van de verdachten, oud-directeur A. van der R. van het voormalige effectenkantoor Leemhuis en Van Loon, een verzoek in het onderzoek tegen hem te staken. Van der R., die door het OM op 23 augustus nog als `hoofdverdachte' in de Clickfondszaak werd aangemerkt, wordt onder meer verdacht van valsheid in geschrifte, misbruik van voorwetenschap en deelname aan een criminele organisatie. Zijn raadsman, V. Koppe, benadrukt echter dat er ,,nog geen enkel fundamenteel feit'' is aangedragen door het OM. ,,Als dat, na twee jaar onderzoek de stand van zaken is, moet je gewoon ophouden'', aldus Koppe, die benadrukte dat de affaire een zware druk op zijn cliënt legt.

Volgens het OM loopt het onderzoek echter nog en valt er eind dit jaar een defintief besluit over verdere vervolging. Minister Korthals had de Kamer deze week overigens al de datum van november 1999 genoemd. Volgens hem is twee jaar, ,,gegeven de omvang en juridische en feitelijke complexiteit van zaken niet ongebruikelijk lang''. De rechtbank toonde zich gisteren trouwens geïrriteerd over het feit dat fraudeofficier H. de Graaff niet zelf naar zitting was gekomen, maar een plaatsvervanger. Uitspraak is 15 oktober.