Vadertje Staat, moedertje bijstand

Waarom ik geen kinderen heb, wordt me wel eens gevraagd. Enigszins besmuikt, want vrouwen zonder kinderen zijn vast een beetje zielig. Tot ongeveer mijn vijfendertigste heb ik me suf gepiekerd over kinderen krijgen, om uiteindelijk te besluiten dat het niet kon. Betaalbare kinderopvang was niet voorhanden, dus de enige oplossing was geweest dat ik stopte met werken, met als gevolg financiële afhankelijkheid en mentale verkommering. Spijt heb ik nooit gehad van mijn zelfgekozen kinderloosheid, maar een zekere mate van nieuwsgierigheid naar hoe het geweest zou zijn, als..., heb ik er wel aan overgehouden. En boosheid over een van de ergste maatschappelijke misstanden in het na-oorlogse Nederland: het ontbreken van voldoende kinderopvang. Elk streven naar gelijkheid en gelijkwaardigheid tussen vrouwen en mannen staat of valt nu eenmaal met de mogelijkheid werk en kinderen te combineren.

Langzaam maar zeker is die verworvenheid – in de vorm van deeltijdbanen, crèches, naschoolse opvang – tot in de achterlijkste bastions van het gezinsdenken doorgedrongen. Maar kijk, daar rukt de gezinspolitie uit om de vrouwen terug in hun hok jagen. Dit naar aanleiding van het voorstel van staatssecretaris Annelies Verstand om bijstandsmoeders per week maximaal 24 uur buitenshuis te laten werken. Lees wat de gezinsinquisitie in de Volkskrant, als voormalig katholiek dagblad voor de hoeksteen van de Nederlandse samenleving, werkende moeders voor de voeten werpt.

Bijstandsmoeders die hun kinderen naar de crèche brengen, laten hen opgroeien voor galg en rad. ,,De groep bijstandsmoeders waar het hier om gaat'', aldus een hoofdredactioneel commentaar van de erven Romme, ,,is doorgaans te vinden in achterstandswijken, dezelfde wijken waar de overheid met veel geld probeert te voorkomen dat jongeren al op jeugdige leeftijd ontsporen. Warmte en geborgenheid zijn daarvoor belangrijke bouwstenen, waarbij de eerste levensjaren dubbel tellen. Het kabinet biedt die geborgenheid slechts buitenshuis, in de crèche.'' Schande! Achter de wastobbe en in de bijstand, daar horen die vrouwen thuis. Romme, ooit staatkundig hoofdredacteur van de Volkskrant, wilde toen hij minister van Sociale Zaken was, gehuwde vrouwen het werken verbieden en voerde dit arbeidsverbod bij de overheid in. Zijn geest leeft voort. Boven het Volkskrantcommentaar over het voorstel van Verstand stond for old times' sake de kwalificatie `onzalig', want zalig zijn, zoals bekend, de armen van geest.

Het verbaast me niets dat de ingezonden brieven in De Telegraaf over mevrouw Verstand geheel in overeenstemming waren met het commentaar van de Volkskrant. ,,Bijstandmoeders aan het werk? Waar moet dat heen met de criminaliteit? Een moeder hoort thuis te zijn bij haar gezin.'' Een ander: ,,Misschien kan de regering nog eens onderzoeken waarom de criminelen van nu crimineel zijn geworden. Het zou mij niet verbazen als dit zgn. crèchekinderen zijn.''

De discussie over de vereiste voorzieningen om alleenstaande ouders te kunnen laten deelnemen aan het arbeidsproces en hen uit een situatie van isolement en armoede te halen, gaat gepaard met een antifeministisch tegenoffensief.

Joke Smit, we missen je. Meer dan dertig jaar geleden is het alweer dat je schreef: ,,Van hoog tot laag beijvert men zich een vrouw in te prenten hoe onmisbaar zij is voor haar kinderen. Vroeger was het in bepaalde kringen gebruikelijk kinderen over te laten aan daartoe al of niet gekwalificeerde personen, tegenwoordig is dat praktisch ondenkbaar.'' Nu is het denkbaar geworden, maar wordt het `onzalig' genoemd en krijgen moeders die zorgtaken gedeeltelijk uitbesteden te horen dat zij misdadigers kweken. We zijn getuige van de criminalisering van de crèche. Dat doen niet alleen SGP en CDA, maar ook Groenlinks en de SP, die zich hiermee als antifeministische partijen ontpoppen. Zij willen zelfs dat alleenstaande ouders (lees: vrouwen) niet buitenshuis werken tot hun kinderen twaalf jaar zijn.

In 1967 klaagde Joke Smit een samenleving aan die van moeders tweederangsbugers maakte, maar ook de moeders die zich daarbij neerlegden. Zulke vrouwen bestaan nog steeds. De Volkskrant liet bijstandsmoeders die niet willen solliciteren, uitleggen waarom alles bij het oude moet blijven. Ze hadden nu eenmaal met hun ex-meneer afgesproken dat zij fulltime voor de kinderen zouden zorgen, op zijn kosten. Helaas zijn de meneren hem gesmeerd en dus moet Vadertje Staat maar dokken en fulltime salaris uitbetalen voor hun fulltime baan als moeder.

Hiermee verklaren zij zichzelf levenslang ongeschikt voor de maatschappij, zoals Joke Smit indertijd over de vrouw als voltijdse moeder schreef. ,,Aangezien al haar energie wordt opgezogen door wat zich afspeelt binnen de muren van haar huis, vernauwt haar gezichtskring zich (...) Zij beleeft een periode van regressie, haar aspiratieniveau is noodzakelijkerwijze laag.'' Smit, toen zelf werkende moeder met twee kleine kinderen, waarschuwde dat maar weinig vrouwen zo'n regressieperiode ooit nog te boven komen. Juist daarom heeft betaalbare kinderopvang altijd tot de belangrijkste feministische eisen behoord.

,,Geloof je nu heus dat vrouwen zich gelukkiger zullen voelen als ze werken en geëmancipeerd zijn? Mijn antwoord is: Daar weet ik niets van, en daar gaat het ook niet om'', zei Joke Smit. Zij vergeleek deelname van moeders aan het arbeidsproces met uitbreiding van het onderwijs: Beide stellen mensen in staat hun horizon te verbreden en meer geïnteresseerd te zijn in de wereld omdat ze over meer aanknopingspunten beschikken. Het omgekeerde wordt beweerd door de anti-emancipatoire partijen van links en rechts. Zij willen moeders per se thuis houden, desnoods op staatskosten, en stellen daarom dat kinderopvang gelijk staat met opvoeding tot verdorvenheid en crimineel gedrag.

Ik ben ervan overtuigd dat de voorgestelde beperkte sollicitatieplicht voor bijstandsmoeders een principieel juiste, emancipatoire maatregel is. Verstands collega-staatssecretaris Hoogervorst draait de zaken om als hij zegt dat aan bijstandsmoeders in gemeenten waar geen kinderopvang is, ontheffing moet worden verleend. De overheid heeft er maar voor te zorgen dat deze opvang er komt. In gemeenten waar geen scholen zijn, krijgen kinderen toch ook geen ontheffing van de leerplicht?