Paars was heel `hip' in die tijd

Peter Bakker: ,,Die foto is door Nico van der Stam gemaakt bij zo'n seksbioscoop op de Nieuwendijk. Ik was heel ijdel. Ik droeg een bril met zwart montuur en leek daardoor een beetje op Peter Asher van het Engelse duo Peter and Gordon. Sta ik een keertje in een platenwinkel, komen er twee meisjes naar me toe: `Are you Peter, from Peter and Gordon?' `Yes', zei ik. Ze wilden een handtekening! Ik geloof dat ik die nog gegeven heb ook.

Felix, Tom en ik woonden vlak bij elkaar in een nieuwbouwwijkje in Amsterdam-Oost. We waren teenagers zoals dat toen heette en zodoende lotgenoten in die saaie wijk.

We gingen uit op het Thorbeckeplein. Wally Tax kwam daar en nog wat jongens die met popmuziek bezig waren. Je had behalve de Outsiders, de Hunters en de Mads verder niet zoveel. Op een gegeven moment ontmoetten we een zekere Klaas Groot. Klaas was al een paar jaar ouder. Hij woonde als enige van ons al op zichzelf. Van hem leerde ik gitaarspelen. Hij kwam iedere avond bij mij thuis en dan speelden we de blues. Ik bewonderde Klaas. Hij had een hele goeie stem, hij kon mooie songteksten en gedichten schrijven en hij kon mooi tekenen.

We repeteerden in een schoolgebouw waar nog een ouwe piano stond, en Klaas bleek ook daarop te kunnen spelen.

In het begin van de zestiger jaren stonden de kranten vol van de `Softenon-affaire'. Softenon was een slaapmiddel dat werd voorgeschreven aan zwangere vrouwen en dat had een golf van misvormde kinderen tot gevolg. We zochten naar een opvallende naam voor de band. Het moest een beetje shockeren. Klaas zei: `Laten we ons The Softenons noemen.'

Zo hebben we een poosje geheten. Bij nader inzien vonden we dat toch wel wat `heavy', dus kortten we het in tot de `Softs'.

De meeste liedjes die uitkwamen waren Engelstalig, behalve natuurlijk de liedjes van die Nederlandse tienersterretjes. Als beatgroep deed je dat gewoon niet, in het Nederlands zingen!

Totdat er ineens een nummer van de Amsterdamse popart groep Het in de topveertig terecht kwam. Het heette: `Ik heb geen zin om op te staan' en het werd nog een hit ook!

We zeiden: `Dat moeten wij ook doen, dat kunnen wij ook'. En op een min of meer onbewaakt ogenblik hebben Felix en ik het nummer `Paarse broek' geschreven. Paars was `hip' in die tijd. Mensen maakten opmerkingen wanneer je er anders uitzag, wanneer je je anders kleedde of lang haar had, ook in Amsterdam hoor!

`Ik heb een paarse broek

die ligt nu in de hoek

want als ik hem draag

dan ziet men mij niet graag.'

Ja dat gaat over maatschappelijke intolerantie, hè?

Het tweede nummer dat we schreven heette `Kassie kijken'. De televisie was voor ouderen, niet voor de jeugd en dat beeld van je ouders, languit in de stoel of op de bank na het eten voor de buis, daar wilde je je tegen afzetten. Die duffe generatie die je ouders vertegenwoordigden.

Felix werkte bij `Dureco', een platenmaatschappij en daar zagen ze er wel wat in.

Het plaatje kwam uit in 1966. Het rammelde nogal maar dat moest ook! Het gitaarrifje was regelrecht van de Troggs gejat.

Het werd een keer of wat op de radio gedraaid. Ik herinner me dat er een keer vijftien gulden aan royalties op mijn bankrekening werd overgemaakt.

Het enige wat je ervan merkte was dat de kinderen uit de buurt aan de deur kwamen voor een handtekening.

Vervolgens werden we ontdekt door manager John Seine. Hij had gehoord dat er ergens een interessant bandje repeteerde. Hij kwam een keer kijken en stelde voor ons te boeken in zaaltjes in Amsterdam.

Dat sloeg wel in. We kregen een eigen aanhang van de Centraalstationjeugd, het `langharig werkschuw tuig' dat altijd bij het CS rondhing. Een beetje `agentje pesten', een beetje vechten.

Op een of andere manier vielen we bij die gasten in de smaak en ze volgden ons ook altijd bij onze optredens.

We werden door de PSP gevraagd voor een optreden in de beurs van Berlage. Er was een politieke bijeenkomst over Vietnam en in de pauzes tussen de discussies in moesten wij spelen. Nadat we een kwartiertje gespeeld hadden, wilden de mensen van de PSP de discussie over Vietnam weer voortzetten. De Centraalstationjeugd zag dat helemaal niet zitten, dat gelul, dus die wilden dat wij doorspeelden en begonnen steeds meer stampij te maken totdat voorzitter Piet Nak op het toneel met een paar van die jongens op de vuist ging. Waarop en masse het PSP-publiek opstond en protesteerde, want vechten, dat was tegen de principes van de PSP!

We hebben niet meer gespeeld. Het thema van de avond werd veranderd in een discussie over geweld, hahaha.

Op de Bühne speelden we geen Nederlandstalig werk, daar zat toch te veel boodschap in. Er moest wild kunnen worden gedanst. We hadden altijd wel optredens, maar we wonnen nooit een prijs of een talentenjacht. Er werd bij de platenmaatschappij niet aangedrongen op een tweede single.

Klaas verkocht nog wel eens songteksten aan andere groepen.

Aan het eind van de zestiger jaren veranderde de muziekstijl. Het werd allemaal wat ingewikkelder, wat experimenteler. Dat konden wij niet.

Felix werd op een gegeven moment Jehova's getuige. Daar moest je bij mij niet mee aankomen, dat was niet hip, nee. Klaas tekende balloonstrips en kreeg het daar steeds drukker mee. En zo liep het af.

Ik heb daarna nog wel in andere bandjes gezeten. Een heftige tijd. We staan op een avond ergens te spelen, valt ineens het geluid van mijn gitaar weg! Ik denk: `Wat krijgen we nou?' Ik kijk achter de installatie, heeft een junk de plug uit de versterker getrokken en staat daar doodgemoedereerd het gitaarsnoer om z'n bovenarm te draaien.

Uiteindelijk kon ik het niet meer combineren, muziek maken en werken. Ik kreeg een maagperforatie... het was zo zwaar, twee, drie avonden per week optreden, die stress, dat gesjouw met die spullen en dat drinken... Ik had inmiddels een eigen bedrijf en een gezin... Je voelde de krachten uit je lijf vloeien. Het was ongezonde topsport.

Ik heb nu een drukkerij. In Amsterdam, ja. Wat ik aan die periode heb overgehouden is dat gevoel van vrijheid. Ik kan heel goed zelfstandig opereren.

Van die jongens hoor ik nooit meer iets. Ook Klaas Groot heb ik nooit meer teruggezien.''