Carlo en Irene, Irene en Carlo

Dit weekend neemt het bij kinderen immens populaire duo Carlo Boszhard en Irene Moors afscheid van Telekids. ,,Ik vind de VPRO heel goed, maar de kinderen kijken naar óns.''

Ze zijn wereldberoemd in kinderland. Irene en Carlo. Carlo en Irene. Wie? Terwijl de VPRO-ouders op zondagochtend uitslapen en hun kroost veilig voor Villa Achterwerk wanen, kijken hun kinderen het liefste naar Telekids bij RTL4. Tien jaar commerciële televisie is ook tien jaar commerciële kindertelevisie en dat betekent eigenlijk maar één ding: tien jaar Telekids. Tien jaar Irene Moors (1967) en iets minder jaren Carlo Boszhard (1969). Eerst als presentatoren van Japanse en Amerikaanse Disney-klonen, later als sterren van hun eigen soap-persiflage Pittige Tijden, de jeugdquiz Wij zijn beter, en de Vraag maar raak-talkshow waarin het publiek beroemdheden het hemd van 't lijf mag vragen.

Tekenfilms namen vorig jaar nog maar vijftig procent van de zendtijd in beslag, terwijl `Giechel en Goochel', de mevrouwen `Zuurtje en Pruimpje' en talloze andere alter ego's van Carlo en Irene met steeds andere pruiken in toenemende mate frenetiek over het scherm raasden. Aan dat tijdperk komt nu een einde. Vandaag nemen Boszhard en Moors afscheid van Telekids met een acht uur durende marathonuitzending, die van 9.00 tot 17.00 uur door RTL4 wordt uitgezonden. Ze worden opgevolgd door Peter Jan Rens, die zijn pre-Telekids succesnummer Meneer Kaktus gaat reanimeren.

Half a million Telekids-fans can't be wrong (het gemiddelde aantal kijkers), zou je zo zeggen, maar de reacties uit het kamp van de publieke omroepen op het succes van de commerciële kindertelevisie zijn niet mals. ,,Kinderprogramma's van de commerciële stations nemen hun publiek niet serieus'', aldus producent Burny Bos (Abeltje) onlangs tegen het Algemeen Dagblad. ,,Het is een bewegende brij die helemaal niets toevoegt aan de ervaringen die je in het leven opdoet.''

De tijden van de gesponsorde items (de Calvé Pindakaas-race en de Danoontjes-wedstrijd) zijn dan misschien voorbij, commercie en kindertelevisie gaan voor veel adverteerders nog steeds hand in hand. Vorig jaar zond Telekids in de Sinterklaastijd op een ochtend ruim 100 reclamefilmpjes uit (op het ook niet van commercials gespeende Kindernet was dat de helft).

Daphny Muriloff, bij de kijkers ook bekend als `de buurvrouw' en `Grisela de heks' is sinds vier jaar uitvoerend producent van Telekids. Ze wordt `een beetje moe' van al die kritiek. ,,Telekids is puur, oprecht amusement, met veel liedjes, dans en herrie'', vertelt zij. ,,Als je ons vergelijkt met het volwassenenamusement, dan zijn wij de Staatsloterijshow of het Swingpaleis en niet Oud Geld. Maar omdat het kindertelevisie is moeten we opeens wél Otje met Telekids gaan vergelijken, terwijl dat twee heel verschillende dingen zijn.''

Ook de gedachte dat Telekids een volkomen gesponsord programma is, is er volgens haar `niet uit te rammen': ,,Er zitten al vijf jaar geen commerciële items meer in Telekids. Als Carlo en Irene uit enthousiasme aandacht besteden aan het speelgoed van het jaar, dan wordt er voetstoots aangenomen dat daar honderdduizend gulden voor is betaald, maar als het Jeugdjournaal of het Klokhuis hetzelfde doet, is dat opeens informatief. Het is nu eenmaal onmogelijk om je van die commerciële reputatie te ontdoen.''

Wat vindt zij dan van de onder pedagogen en kinderpsychologen gangbare opvatting dat kinderen helemaal nog niet in staat zijn het verschil tussen fantasie en werkelijkheid, reclame en vermaak te zien en elk kwartier te switchen tussen een cartoon en een als tekenfilmpje vermomde commercial? ,,Dan hebben we waarschijnlijk een andere visie op kinderen'', pareert ze. ,,Kinderen zijn heel goed in staat om fantasie en werkelijkheid uit elkaar te houden. Commerciële televisie en kinderen is nou eenmaal een groot taboe. Er mag wel een Bart Smit-gids door de brievenbus worden gegooid, maar geen kinderreclame op tv. Dat is hypocriet. Het enige wat wij kunnen doen is de tijd tussen de reclameblokken honderd procent controleren. Bovendien vraag ik me bij alle kritiek wel af wanneer men voor het laatst een uitzending heeft gezien. Drie jaar geleden of afgelopen zaterdag?''

Het ziet er niet naar uit dat de waterscheiding tussen de `commerciëlen' en de `publieken' voorlopig wordt geslecht: ,,Ik vind de VPRO-kinderprogramma's heel mooi'', vertelde Boszhard tegen Trouw. ,,Maar de kinderen kijken naar óns. En zo langzamerhand zeg ik gewoon: Zíj zijn niet goed. Wíj zijn goed. En dat is niet alleen omdat we hogere kijkcijfers hebben. Het is ook omdat wij brengen wat de kinderen willen. Zo, dat heb ik gezegd. Ik ben het zat.''

Bedienen de verschillende zendgemachtigden misschien andere kinderen of andere ouders? Muriloff: ,,Die scheiding is voor mij nogal kunstmatig. Geloof het of niet, maar er zijn nog steeds kinderen die niet naar Telekids mogen kijken. Zo maken ouders zelf die deling. Maar waarom kunnen we niet van de kinderen uitgaan en alles naast elkaar laten bestaan?''

Ze pleit daarbij wél voor een actievere rol van de ouders. ,,Er zijn natuurlijk genoeg gezinnen waar de televisie als oppas wordt gebruikt. Daar ben ik ook niet voor. Ouders moeten meekijken met hun kinderen, zodat ze het er met hun kinderen over kunnen hebben. Dat geldt zowel voor Telekids als het Jeugdjournaal. Er wordt veel te weinig aandacht besteed aan media-opvoeding, ook op scholen. Terwijl kinderen steeds meer informatie van de televisie en het internet halen. Als ze daarmee om leren gaan, kunnen ze zelf kiezen voor amusement of informatie als ze daar behoefte aan hebben. Maar als ik zou moeten kiezen tussen één Abeltje voor zeven miljoen of 20 Telekids-films voor een paar ton, dan kies ik voor het laatste.''