Nooit te moe om een leuke vondst te herhalen

Een vrouw heeft een man nodig zoals een vis een fiets. Volgens Fay Weldon geeft deze beroemde feministische posterleuze uit de jaren zeventig blijk van een begrijpelijke, maar grove denkfout. Vrouwen en mannen hebben elkaar nodig, lees ik in haar meest recente bundel Godless in Eden. Juist nu, want mannen hebben het zwaar in deze tijden. Jonge vrouwen willen te veel. Hun ideale man is lief. Bewondert ze. Verzorgt ze. Knuffelt ze. Is goed in bed. Repareert een defecte auto. Doet zonder depressies boodschappen. Kookt ook. Verschoont de kinderen. Ze willen, aldus Weldon, een man die niet bestaat. Zoveel eisen, daar wordt een man terecht onzeker van. `Pity the poor man!' schrijft Weldon. Het is niet ironisch bedoeld.

Fay Weldon (1931), schrijfster van meer dan twintig romans, diverse korte verhalen, kranten- en tijdschriftartikelen, televisiescenario's, filmscripts en een aantal kinderboeken, is de Britse literaire grootmoeder van het feminisme. Haar boeken gaan meestal over gezins- en huwelijksperikelen. Grote bekendheid verwierf ze vooral met de verfilmde roman The Life and Loves of a She-Devil, waarin een vrouw wraak neemt op haar overspelige echtgenoot en succesvolle minnares. In haar laatste twee boeken Big Women en A Hard Time to be a Father, verraste Weldon haar publiek door een koerswijziging: aandacht voor de gedupeerde man.

Godless in Eden bevat een selectie uit Weldons journalistieke werk van de afgelopen vijf jaar, verschenen in diverse kranten en tijdschriften, van de New York Times tot Marie Claire. De revue passeren onder meer de dood van prinses Diana, de opkomst van girlpower (volgens Weldon het kleuterfeminisme voor meisjes die nog geen schoenveter kunnen vastmaken), een nieuw Engeland onder het bewind van Tony Blair, en een slachtoffer van het feminisme: de man van nu. Weldon legt uit waarom we medelijden met hem moeten hebben. `Mannen gaan tegenwoordig gebukt onder een groeiend aantal scheldwoorden: nerd, wet, wanker, macho, wimp, snam (Sensitive New Age Man). Wraak was echter niet het doel van feminisme, schrijft Weldon, maar gelijkheid. `Het feminisme is doorgeslagen', constateert Weldon. In het Westen zijn tijden aangebroken dat men liever een meisje wil dan een jongetje. [...] Wordt er een meisje geboren, dan is de stemming monter; mocht je toch een jongetje krijgen: `Oh well, better luck next time'. Jonge vrouwen, aldus Weldon, behandelen mannen zoals ze zelf ooit werd behandeld, als de zwakke en inferieure sekse.

De beste essays staan in het deel `Brushing Up Against the Famous'. Op geestige wijze doet Weldon hierin verslag van haar ontmoetingen met diverse beroemdheden. Weldon ontmoet een stralende Jamie Lee Curtis, de ontwerper van de punt-bh van Madonna, en de comedienne Roseanne, die de rol van `she-devil' op zich nam in de verfilming van Weldons roman. Weldon vraagt zich af hoe het in vredesnaam mogelijk is dat een dikke vrouw als Roseanne, `a disorted swollen star', die onbeschaamd altijd zegt wat ze vindt, een ster van Hollywood-formaat kan worden, Een kwestie van slechte smaak? Weldon gooit het op Cosby-vermoeidheid: we zijn moe van het gespeelde perfecte gezinnetje.

De essays zijn vooral geschikt als onderhoudende stukjes voor tussendoor. Ze zijn goed geschreven en hebben vaak een helder punt, vooral omdat de wereld van Weldon niet al te ingewikkeld is: die bestaat uit twee duidelijke categorieën, De Hetero Man en De Hetero Vrouw. Maar nu alle essays, lezingen en krantenartikelen bij elkaar zijn gezet, wordt ook pijnlijk duidelijk hoe vaak Weldon zichzelf – soms letterlijk – herhaalt. Weldons favoriete stijlfiguur is de ritmische obsessieve herhaling van een sterke zin. Dat deed ze al in The Life and Loves of a She-Devil, waarin de zin `Mary Fisher lives in a High Tower on the edge of the sea' met demagogische regelmaat opdook. In Godless in Eden maakt Weldon kwistig gebruik van deze stijlfiguur, bijvoorbeeld door de zin `Pity the poor man!' meerdere malen te herhalen. Ook wordt Weldon er niet moe van haar eigen leuke vondsten te herhalen. In een open brief aan Queen Elizabeth schrijft Weldon dat de grootste angstdroom van iedere Engelse vrouw een onverwacht bezoek van de koningin is, want dan moet het huis piekfijn in orde zijn. `I do not suppose the women of Germany have nightmares that Chancellor Kohl is coming to tea,' merkt Weldon op. Dat Engelse vrouwen lijden aan deze visite-angst heb ik, geloof ik, in vier essays in vrijwel dezelfde bewoordingen gelezen. Spitsvondige uitdrukkingen als `therapeutic age' en `emotional correctness' keerden ook herhaaldelijk terug.

Zoals iedere zichzelf respecterende oudere feministe, besteedt Weldon in het laatste deel, `Growing Up and Moving On', aandacht aan het ouder worden. Het slotstuk van de bundel heet `Letter to an Unborn Grandchild'. Weldon is nog geen oma, maar haar kleinkind zal een dochter zijn en Ella heten, dat weet ze zeker. Ze geeft het ongeboren meisje alvast wat wijze adviezen in briefvorm mee: `I want you to like men but be able to be faithful and ask me to the wedding'. Laten we hopen voor Weldon dat haar droomkleindochtertje niet per ongeluk lesbisch wordt, of erger nog, toch een jongetje.

Fay Weldon treedt op donderdag 7 oktober op tijden het Crossing Border Festival in Den Haag.