Goma danst lingala op Congolese vulkaan

In Oost-Congo heersen de rebellen die zich bevrijders noemen. Maar de bewoners klagen dat hun land bezet is. ,,Congolezen sta op.''

Café Tora ligt in Goma, Congo, Afrika. Café Tora ìs Afrika. De eet- en drinkgelegenheid in het centrum van het stadje ademt de warmte van een heel werelddeel uit. Opgewonden pratende gasten, luide lingala-muziek van Koffi Olomide en eenvoudige Afrikaanse gerechten zoals foufou en sombé.

Veel voedsel is er trouwens niet. Congo is sinds een jaar in oorlog met zichzelf. Lokaal gebrouwen bier is tot opluchting van velen wel ruim voorradig. Met de muziek en het bier zijn de kleine genoegens van de inwoners van Goma wel geteld. Voor de rest zakt het plaatsje letterlijk en figuurlijk langzaam weg in de modder. De Rwandezen van over de grens delen de lakens uit en bekommeren zich niet om de Congolezen. Oost-Congo is niet bevrijd, het is bezet, zeggen de mensen in Goma.

Deze stad, gelegen aan het mystieke Kivu-meer en aan de voet van de 3479 meter hoge Nyiragongo-vulkaan, moet ooit een flonkerende diamant zijn geweest. Men leest het af aan de nu vervallen villa's bij het water. Men ziet het in wat eens luxe hotels waren. Aan de mooie gevels, de tuinen en parken, inmiddels hopeloos verwaarloosd. Aan de fonteinen die niet meer stromen. Eens bloeide Goma en dat is nog niet zo lang geleden. Maar de tropische natuur is snel en wreed. Wat wordt verwaarloosd, wordt door de jungle in korte tijd overwoekerd.

Goma fungeert sinds augustus 1998 als de hoofdstad van de niet-officiële republiek Oost-Congo. De Rassemblement Congolais pour la Démocratie (RCD), een zwaar op Rwanda leunende bevrijdingsbeweging, zwaait in deze militaire vesting de scepter. Op straat en in gebouwen wemelt het van tot de tanden bewapende militairen. Het goed geklede leger is samengesteld uit Rwandese soldaten in Congolese uniformen en leden van Tutsi-minderheden in Congo, de Banyarwanda en de Banyamulenge.

De RCD laat niet met zich spotten. Een auto komt met grote vaart aanrijden en stop met gierende remmen. Een man in burger en een vervaarlijk met zijn geweer zwaaiende militair springen eruit. Wat de bedoeling van het maken van foto's is, wil de burger weten, kennelijk een `stille'. Geen enkele? Meekomen! De agent rijdt op topsnelheid naar een ongemarkeerd huis en steekt een tirade af. ,,U bevindt zich hier in een oorlogssituatie. U mag niet zo maar van alles fotograferen. Misschien spioneert u wel voor Kabila'', blaft hij. De camera moet open, het filmpje eruit.

,,Ik haat de Tutsi's uit Rwanda'', zegt Emile, een werkloze onderwijzer die op straat loopt te niksen. Dat is het enige wat hem rest: niksen. ,,Ze hebben ons land overgenomen. Ze plunderen en zorgen alleen voor zichzelf. Wij krijgen niets, helemaal niets, geen voedsel, geen werk, geen inkomen. Oost-Congo is bezet.''

Wie men ook vraagt in Goma, de gelaten portier van het hotel, de jongens die op brommertjes rondtuffen, de kleurig geklede wisselaarster: iedereen is tegen de RCD. Behalve de RCD zelf natuurlijk. ,,Congolezen sta op. Hak Kabila en zijn massamoord plegende bondgenoten in de pan. Nooit meer dictatuur in Congo'', staat er op een aanplakbiljet van de RCD. ,,Kabila is onze president'', roept een groepje van vijf mannen in koor. ,,Hij probeert Congo te verenigen, de Rwandezen willen ons verdelen'', zegt een van de oudsten.

Rwanda, waar Tutsi's in 1994 een einde maakten aan de door Hutu-milities (Interahamwe) op gang gebrachte volkerenmoord, stuurde in augustus vorig jaar zijn militairen de grens over. Doel was het verder elimineren van de Hutu-milities, die Rwanda vanuit Congo voortdurend aanvielen. De Rwandese regering creëerde een brede bufferzone langs haar hele westgrens, maar deze is nog verre van veilig. Alleen de steden zijn stevig in handen van de RCD.

De Hutu-milities lanceren hun aanvallen vanuit de dichtbegroeide oerwouden. In het noorden van Rwanda koos het leger voor een radicale oplossing: een groot deel van de bossen werd gekapt. De eventuele ecologische schade door erosie is van later zorg. Maar in Congo is kappen door de uitgestrektheid van de bossen onbegonnen werk. De oorlog in het oerwoud gaat hier onverminderd voort.

Vorige maand tekenden de RCD-rebellen een wapenstilstand met de regering, maar dat betekent niet dat de wapens zwijgen. ,,Wij schieten niet als eerste'', zegt Bizima Karaha, een van de politieke leiders van de RCD. ,,Wij reageren alleen als we worden aangevallen en dat gebeurt voortdurend.'' Zijn uitspraak valt moeilijk te controleren. De RCD zegt dat het te gevaarlijk is om het strijdtoneel ten noorden van Goma te laten zien. Vrachtwagens afgeladen met militairen trekken vanuit Rwanda richting front. Van een vermindering van troepenaantallen, zoals bepaald in het vredesakkoord, is vooralsnog geen sprake.

Jean-Claude, een student die zijn studie bedrijfskunde wegens geldgebrek heeft afgebroken, spreekt bitter over de internationale bemoeienis met Congo. ,,Toen de Hutu-vluchtelingen hier waren (tussen 1994 en 1996) stroomde de hulp van de Verenigde Naties en andere organisaties binnen. Nu de vluchtelingen weer weg zijn, komt er niets meer. Maar wij hebben ook honger.'' Hij wijst op de Rwandese militairen die langsrijden in splinternieuwe landrovers en andere jeeps. ,,Zij hebben wel geld en dat verdienen ze aan ons'', zegt Jean-Claude. In de door Rwanda beheerste regio van Congo bevinden zich verscheidene mijnen, onder andere met diamanten en goud. Algemeen wordt aangenomen dat de Rwandezen nu de vruchten plukken van de exploitatie.

Voor de inwoners van Goma blijft er voorlopig weinig anders over dan groenten te verbouwen en te wachten op betere tijden. In de parken en langs de straten, overal staan veldjes met wortelen, sperziebonen en cassave. Zo houdt de bevolking zichzelf in leven. En 's avonds danst en drinkt men in de kroegen. Want ook al is er geen franc voorhanden, geleefd moet er worden. Heupwiegend dansen de Congolozen hun lingala-dans, tot aan het ochtendgloren.