Zorgen over leegloop van top Friesland Coberco

Zuivelconcern Friesland Coberco verloor dit jaar drie van de zeven direc- teuren, allen afkomstig uit `de Cobercostal'. Toeval, zeggen de commissarissen. De bonden maken zich zorgen over de interne machtsstrijd.

Toen het overleg tussen wilde stakers van de Leeuwarder condensfabriek en de directie twee weken geleden dreigde vast te lopen, schakelden de bonden J. Plageman in. De tweede man van zuivelconcern Friesland Coberco Dairy Foods (FCDF) staat bekend als een open en communicatief man met een sociaal gezicht, vertelt vakbondbestuurder H. Vellenga van FNV Bondgenoten. In korte tijd was er een akkoord en gingen de stakers weer aan het werk. Plageman, die gisteren zijn vertrek bekendmaakte, vertegenwoordigde de sociale kant van de werkgever, meent de vakbondsman – zakelijk, maar respectvol tegenover ondernemingsraad en bonden. Vellenga zegt te vrezen dat het verdwijnen van de vice-voorzitter van de concerndirectie zal leiden tot minder oog voor sociale aspecten.

Een week voor Plageman kondigde ook mededirecteur J. Lokhorst aan te vertrekken. B. Majoor ging hen al in januari voor. Alle drie directieleden waren afkomstig van Coberco, dat twee jaar geleden fuseerde met Friesland Dairy Foods. De coöperatie Coberco kende een gemoedelijker bedrijfscultuur dan fusiepartner Friesland, wiens topman A. Olijslager de nieuwe combinatie ging leiden.

Vellenga noemt de ,,interne machtsstrijd'' bij het zuivelconcern zorgelijk. ,,In een bedrijf dat zijn koppositie dreigt te verliezen op de wereldmarkt en waar ingrijpende reorganisaties gaande zijn kun je dit soort spanningen niet gebruiken. Bij saneringen ben je als werknemer gebaat bij constructief overleg, om sociale onrust te voorkomen. Wat we nu kunnen verwachten weten we niet, maar de voortekenen zijn ongunstig.''

Het concern geeft als reden voor het vertrek van de drie directeuren dat zij zich niet konden verenigen met de koers die na de fusie was bepaald. Vellenga denkt dat andere zaken meespeelden. ,,Zakelijke inzichten zijn te overbruggen. Ik denk dat de karakters botsen.'' De hardere Olijslager heeft zich volgens Vellenga nu omringd met ,,door hem zelf binnengehaalde vazallen''.

De ontwikkeling van de nettowinst stagneert bij Friesland Coberco. In de eerste helft van dit jaar bedroeg die 52,7 miljoen gulden. Het winstcijfer van 1998 (130 miljoen) zal niet worden gehaald, berichtte de onderneming deze maand. Als oorzaken gelden de dioxinencrisis en toenemende concurrentie op de kaasmarkt. De 5,1 miljard kilogram melk die de leden leveren verwerkt Friesland Coberco voor tweederde tot kaas.

De marges in de kaasdivisie zijn smal. Friesland Coberco ondernam deze winter een vruchteloze poging Koninklijke Wessanen (producent van de bekende Leerdammer) over te nemen. Het bedrijf blijft zich richten op versterking van merken als Kollumer en Cantenaar en een grotere winst.

Volgens president-commissaris E. Meilink vond Plageman die koers ,,rechtlijnig'' en ,,te kort door de bocht''. Bovendien voelde hij zich solidair met zijn opgestapte vriend Lokhorst. ,,Plageman vindt dat je een eenmaal uitgezette lijn ter discussie moet kunnen stellen. Wij vinden dat je niet bij elke hobbel van een afgesproken koers moet afwijken. Alleen bij echte calamiteiten moet je je beleid bijstellen.'' Verbetering van het rendement van de kaasdivisie is naar Meilinks smaak ,,een weg van lange adem''. ,,Pas over vijf à tien jaar mag je resultaten verwachten.'' Dat juist de mannen uit de Coberco-stal nu zijn vertrokken noemt hij ,,toeval''.

    • Karin de Mik