Toffe meiden

Dit is een heerlijke tijd voor vrouwen. Nooit eerder hebben ze zoveel vrijheid genoten en kregen ze zoveel kansen om hun leven naar eigen inzicht vorm te geven. In betrekkelijk korte tijd is de maatschappelijke consensus over wat het betekent vrouw dan wel man te zijn totaal omgeslagen. Officieel zijn er geen verschillen meer tussen de seksen. Het moederschap als lotsbestemming is verdwenen uit het toekomstperspectief van meisjes en vervangen door het neutralere idee van ouderschap met eerlijk verdeelde zorgplichten. Alle leraren, alle jeugdbeïnvloeders, alle ouders, althans de verstandige onder hen, alle schoolboeken roemen de onschatbare waarde van economische onafhankelijkheid. Iedereen zal in zijn of haar eigen onderhoud moeten kunnen voorzien.

Dit gelijkheidscredo heeft intussen zijn vruchten afgeworpen. Meer en meer vrouwen zijn gaan werken en het percentage stijgt nog steeds. Barrières bij voorheen typisch mannelijk geachte studies of werksferen werden (met wisselend succes) geslecht. Vrouwen worden in advertenties aangemoedigd te solliciteren en met vreugde binnengehaald, vooral als het een hoge functie betreft (weer een barst in het glazen plafond!). Er is geen verschil meer tussen jongens en meisjes in schoolkeuze. Er gaan nu zelfs iets meer meisjes dan jongens naar de universiteit en bovendien schijnen ze sneller af te studeren. Voor sommigen reden om zich zorgen te maken over de dreigende maatschappelijke overbodigheid van mannen.

Ook op het gebied van seksuele politiek hebben vrouwen een inhaalslag gemaakt. Passiviteit, een afwachtende houding en selectiviteit in partnerkeuze hebben plaatsgemaakt voor een initiatiefvol soort van seksualiteit, frank en vrij en zonder taboe op gulzigheid. Nederlandse meisjes schijnen tot de seksueel assertiefste van Europa te behoren. Zie, de vrouw is waarlijk veranderd, zij werkt en heeft lief als een echte man. Als dat geen succesverhaal is.

Deze moderne versie van de vrouw heet girl (niet feministisch) en zij beschikt over girl power (ook niet feministisch, want slaat alleen op haarzelf). De toffe meid – dit lijkt me de beste vertaling van girl – heeft de voortplantingsjaren nog voor de boeg en intussen ligt de wereld aan haar voeten. Zij heeft lak aan alles en trekt onbevreesd haar eigen spoor door het maatschappelijk kreupelhout. Als een man haar niet bevalt, dan zet ze hem buiten. Als haar studie/beroep/werk haar niet bevalt, dan zoekt ze iets wat beter bij haar identiteit past. Van niets en niemand afhankelijk en alleen vertrouwend op haar eigen innerlijke kracht.

Als dat maar goed gaat, dacht ik, toen ik een paar van die toffe-meiden-interviews had gelezen in het boekje van Sanderijn Cels. En natuurlijk loopt het mis. Want wie blijken het laatste jaar de WAO-instroom te domineren? Toffe meiden! Volgens staatssecretaris Hoogervorst, sprekend in Buitenhof, komen er relatief meer vrouwen dan mannen in de WAO terecht (in de gezondheidszorg ligt het percentage zelfs vier keer zo hoog), maar dat zijn geen vrouwen met een gezin, die zouden kunnen lijden onder dubbele belasting. Ook zijn het niet speciaal vrouwen zonder opleiding met vervelende baantjes. Het gaat hier om jonge, ongebonden vrouwen met potentieel best aardig werk.

Maar niet aardig of interessant genoeg blijkbaar om de tunnelvisie op te wekken die jonge mannen met een vergelijkbare opleiding en achtergrond wel ontwikkelen. Nadat mannen een jeugd en een verlengde adolescentie lang zijn doorgezaagd over zelfontplooiing, komt er een moment dat ze knopen doorhakken, zich aan iets committeren en aan het werk gaan, al was het maar om zoveel mogelijk geld te verdienen. Het werk wordt deel van hun persoon. Voor een toffe meid blijft het werk iets externs dat persoonlijke bevrediging en groei moet opleveren. Zo niet dan gaat ze weer op weg naar nieuwe avonturen. Een kostwinnende man kan goed van pas komen. Maar anders is daar wel die geduldige WAO die ruimte biedt om voor jezelf op een rijtje te zetten wat je nu eigenlijk wil in het leven.