Omvangrijke kapitaalvlucht uit Rusland

De kapitaalvlucht uit Rusland is gestegen tot een omvang van ongeveer een miljard dollar (2,2 miljard gulden) per maand. Dat heeft president Viktor Guerasjtsjenko van de Russische centrale bank gezegd in een interview met het weekblad Argumenty i Fakti.

Vanaf november 1991 mochten Russen zakendoen met het buitenland. De instantie die toezicht moet houden op de deviezentransacties is echter drie jaar te laat ingesteld, aldus Guerasjtsjenko. ,,Wij kunnen niet de prijs van ieder individueel contract onderzoeken, maar het is voor niemand een geheim hoe dat in zijn werk gaat'', zegt de bankpresident.

Russische ondernemingen maken nepcontracten op met buitenlandse partners, die in handen zijn van Russen. De prijs waartegen goederen geleverd worden, is bewust veel te laag gehouden. Vervolgens verkoopt de partner in het buitenland die goederen tegen marktprijs. Zo blijft dus een deel van de opbrengst achter in het buitenland.

Volgens Guerasjtsjenko is er het laatste jaar nog een nieuwe ontwikkeling die zich afspeelt rond importcontracten. De buitenlandse handelspartners eisen betaling vooraf.

Het geld wordt overgeboekt naar het buitenland, maar vervolgens blijft de levering van de goederen uit. Bovendien is het bedrijf dat de betaling aan het buitenland verrichtte kort daarop verdwenen.

De bankpresident benadrukt dat het de centrale bank en andere overheidsinstellingen aan middelen ontbreekt om deze praktijken te bestrijden. (AFP)