Wonderzomer

In mijn stukje over de sojabonen heb ik u beloofd dat ik zou vertellen hoe de teelt verliep. Ik schreef dat ik er, op grond van de uitspraak van Buishand (`Voor een goede afrijping is een vrij warme septembermaand nodig') een hard hoofd in had. Doch zie, wat gebeurt er, de maand september was niet vrij warm, maar bijna tropisch! M'n sojaboontjes hebben 't derhalve geweldig gedaan. Ik had ze op drie verschillende plekken gezet om 't risico een beetje te spreiden en op allerdrie de locaties zijn de planten prachtig opgekomen. Het eigenaardige is: je merkt amper dat de planten bloeien. Opeens zie je geelbruingroene peulen. In elk peul zitten doorgaans drie sojaboontjes. Is de peul nog niet uitgerijpt, dan zijn de boontjes lichtgroen. Je hoeft ze dan niet te weken, je kunt ze desgewenst zelfs rauw eten, maar lekker zijn ze ongekookt beslist niet. In een iets later stadium zijn ze nog langwerpig (sojaboontjes uit de winkel zijn nagenoeg rond) en hoeven dan nog niet zo lang gekookt te worden. Maar hoe mals en jong je ze ook kookt, de nacht erop blijkt je lichaam toch weer een klein fabriekje. Winden waaien onder de dekens, en 's morgens breng je een en ander weg naar het toilet waar een koe trots op zou zijn.

Wat me enigszins tegenvalt is de opbrengst. Van die tientallen planten oogst je uiteindelijk amper een paar kilo boontjes. Je zou dus je hele tuin vol moeten zetten, wil je de hele winter door elke week een keer sojaboontjes eten.

Hoe anders is 't gesteld met de opbrengst van Nieuw-Zeelandse spinazie. Dat is een gewas om u tegen te zeggen. Tropisch landbouwdeskundige Gérard Grubben stuurde mij een artikel over deze groente. Ik ben hem daar dankbaar voor, want nu weet ik iets meer over de voedingswaarde ervan. Er zit veel calcium en veel ijzer in. Tijdens de reizen van Captain Cook gold de plant als een gewas waarmee je in de Zuidzee scheurbuik effectief kon bestrijden. Met andere woorden: er zit dus ook veel vitamine C in. Daarnaast bevat de plant ook bèta-caroteen, vitamine B1 en vitamine B2, plus niacine. Wat een goudmijntje! Alleen, hoe zou 't gesteld zijn met het gehalte aan foliumzuur? Foliumzuur wordt vooral aangetroffen in donkergroene groentes zoals spinazie. (Het zit ook in asperges, maar ja, die zijn er thans niet). Laatst heb ik een avond bijgewoond over de ziekte van Alzheimer en daar vernomen dat foliumzuur – een stofje dat zwangere vrouwen moeten slikken om open ruggetjes te voorkomen – heel misschien ook preventief kan werken ten aanzien van die verschrikkelijke ziekte. Spinazie eten, luidt dus het parool. Maar kan ook Nieuw-Zeelandse spinazie dat kennelijk zo onmisbare foliumzuur leveren? Dat zou geweldig zijn, want 't gewas woekert in mijn tuin als onkruid. Wellicht is 't vooral aan deze ongelofelijke zomer te danken dat 't nog steeds zo fantastisch groeit, maar ik kan me haast niet voorstellen dat 't als 't gemiddeld genomen een paar graden kouder zou zijn geweest, nauwelijks van zich had doen spreken.

Behalve die Nieuw-Zeelandse spinazie en de sojaboontjes hebben ook alle andere gewassen deze zomer uitzonderlijke oogsten opgeleverd. Vanaf half juli hebben we elke dag sperzieboontjes kunnen eten, en om de dag een maaltje kunnen weggeven, en desondanks heb ik vele boontjes moeten laten hangen. Daar kan ik nu zaad van winnen en nog houd ik genoeg over om ze als witte boontjes liefelijk te smoren in een tomatensausje. Trouwens: de tomaten weten ook nog steeds niet van ophouden. In andere jaren is het op z'n best half september al afgelopen, maar nu kun je elke dag nog een paar verse tomaatjes eten. Ach, wat zijn ze lekker. Bovendien heb ik op Internet nog weer vele artikelen gevonden over de tomaat als leverancier van vitaminen en mineralen. Wie veel tomaten nuttigt, schijnt de kans op prostaatkanker te verkleinen. Onder meer vanwege het stofje lycopeen. Piet Borst zal er niet in geloven, maar ik prijs mezelf gelukkig dat ik van kindsbeen af aan dolgraag rauwe tomaten heb gegeten. Zo'n tomaatje is gewoon een rond bolletje gezondheid.

Is het dan enkel jubel, deze zomer? Helaas, er valt een schaduw. Ook het onkruid heeft 't deze zomer miraculeus gedaan. Vooral het beruchte gewas kweek heeft zich geweldig weten uit te breiden. Overal waar de klei ook maar even onbedekt was, heeft het de kop opgestoken. Bij wijze van boetedoening voor deze paradijselijke zomer zal ik komende winter in het zweet mijns aanschijns moeten spitten.