Willem Otterspeer wordt de biograaf van W.F. Hermans

Bij de inauguratie van het W.F. Hermans Instituut werd Willem Otterspeer aangewezen als de officiële biograaf van de in 1995 overleden schrijver, en polemiseerde Gerrit Komrij met critici die twijfelen aan de grootsheid van Hermans.

,,Er zijn Vestdijkkringen in Nederland, we hebben een Achterberg-genootschap, maar nu is er een W.F. Hermans Instituut; verschil moet er zijn.' Aldus Ton Anbeek, hoogleraar Nederlandse letterkunde en voorzitter van de Raad van Advies, bij de inauguratie van het Willem Frederik Hermans Instituut. Het in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag gevestigde WFHI ontvouwde gistermiddag in Museum Beelden aan Zee de plannen voor de toekomst: er komt een officiële bibliografie, vanaf september 2003 verschijnt een wetenschappelijke editie van het Verzameld Werk, en Willem Otterspeer schrijft een biografie op basis van het door het WFHI beheerde Hermans-archief.

De aanwijzing van de Leidse historicus Otterspeer als officiële Hermans-biograaf – Hans van Straten publiceerde vorig jaar een (slecht ontvangen) biografie waarin op last van de erven Hermans niet geciteerd mocht worden uit Hermans' werk en brieven – was een verrassing: in de afgelopen maanden waren de namen genoemd van Jan Fontijn en Wim Hazeu.

Otterspeer, die bekendheid verwierf met zijn biografie van de filosoof Bolland, vertelde gisteren dat hij niet had gesolliciteerd, maar dat hij, na te zijn gevraagd door het WFHI en uitgeverij De Bezige Bij, wel een gesprek had gehad met de weduwe en de zoon van Hermans. Op de vraag of hij Hermans' goedkeuring zou kunnen wegdragen en of hij de biografie ook had aangedurfd als de schrijver nog had geleefd, antwoordde hij: ,,Dat is een abortieve vraag: als Hermans nog had geleefd, zou hij nooit hebben toegestemd in een biografie.'

De biografie, waaraan Otterspeer pas kan gaan werken als hij over een jaar zijn geschiedenis van de Leidse universiteit heeft afgerond, moet over zes, zeven jaar klaar zijn en heeft een geschat budget van 600-700 duizend gulden. Belangrijkste financier is De Bezige Bij, de uitgeverij die eind jaren veertig tot twee keer toe het controversiële manuscript van De tranen der acacia's weigerde, maar sinds 1962 Hermans' belangrijkste uitgever is geweest en de komende jaren ook borg zal staan voor de verschijning van het Verzameld Werk: 20 delen van 800 bladzijden, in een kapitale dundrukeditie die doet denken aan de door Hermans geliefde Franse Pleiade-reeks. Directeur Robbert Ammerlaan zag gistermiddag nog geen financiële problemen opdoemen. De Koninklijke Academie van Wetenschappen heeft drie miljoen gulden gereserveerd voor de bezorging; de druk- en exploitatiekosten moeten gedekt worden door de verkoop en subsidies van onder meer het Fonds voor de Letteren. Ammerlaan: ,,Als hier geen subsidie voor is, waarvoor dan wel?'

Na de officiële toespraken – de bezorger van de volgend jaar te verschijnen bibliografie gaf nog een absurdistische indruk van Hermans' bemoeienissen met de herziene drukken van zijn werk – zorgde Gerrit Komrij voor polemisch vuurwerk met zijn feestrede De tranen der ecclesia's. Als een Savonarola van Scheveningen keerde hij zich tegen de `revisionistische' critici die Hermans' grootheid in twijfel trekken: `postume reputatiemoord, gepleegd door helden op sokken.' Een preek voor eigen parochie, maar daarom niet minder hilarisch.

Steen des aanstoots voor Komrij was de Kellendonk-lezing 1998, waarin de schrijver Oek de Jong zich afzette tegen het `gedateerde, sombere, dogmatische, eenzijdige' wereldbeeld van Hermans. ,,Hoeveel vijandig leesgedrag kan een schrijver verdagen,' vroeg Komrij zich af, waarna hij De Jongs tekst analyseerde en concludeerde dat de schrijver van `esoterische novellen' in Hermans niet alleen een herkenbaar, maar ook een troostend wereldbeeld zoekt. ,,Hermans is [voor De Jong] niet zoekend en niet blij en niet neuriënd en niet liefdevol genoeg... Het is het wereldbeeld van de ecclesia van academisch geschoolde kruidendokters... van rijkeluiskinderen op zoek naar iets hogers... van gemeenschappen die heilig geloofde in verzetshelden, hardwerkende professoren, eerlijke katholieken en gebedsgenezers.' Het bronzen borstbeeld van Hermans, naast het spreekgestoelte opgesteld, keek goedkeurend toe.