Strijd om betaling crises

Ecuador besloot gisteren zijn rentebetalingen op een deel van de schuld van het land niet te betalen. Nieuw voedsel voor de zenuwen- oorlog tussen IMF en particuliere banken. Wie betaalt de hulp aan crisislanden?

Woordvoerder Thomas Dawson van het Internationaal Monetair Fonds zegt het in de wandelgangen van de jaarvergadering onomwonden: ,,De particuliere kredietverschaffers willen dat het IMF als hun incassobureau optreedt.'' Hij illustreert met zijn ongebruikelijk felle taal de zenuwenoorlog die dezer dagen in Washington woedt tussen het IMF en de particuliere financiële instellingen.

Kern van het conflict is dat het IMF niet langer bereid is hulppakketten van tientallen miljarden dollars aan crisislanden te verschaffen, die daarmee vervolgens hun schuldverplichtingen aan particuliere crediteuren voldoen. Zo ging het immers tijdens de Mexicaanse pesocrisis, toen houders van Mexicaanse obligaties hun belangen door omvangrijke IMF-kredieten zagen veiliggesteld. Daarmee werd volgens velen de kiem voor volgende crises gelegd, omdat particuliere crediteuren bovenmatige risico's gingen nemen in de veronderstelling dat ze hun geld toch altijd zouden terugkrijgen.

Eind 1997 kreeg Zuid-Korea via het IMF tientallen miljarden aan hulp. Grote internationale banken kwamen Zuid-Korea pas met schuldherschikkingen tegemoet na zware buitenlandse druk.

,,De lidstaten van het IMF willen geen grootschalige financiële hulp meer verschaffen, indien de particuliere sector ook geen bijdrage levert'', hield IMF's tweede man, Stanley Fischer, zijn gehoor voor tijdens een door Deutsche Bank georganiseerde bijeenkomst.

Het Institute of International Finance (IIF), waarbij alle belangrijke banken zijn aangesloten, voerde afgelopen weekeinde de druk op door met de beschuldigende vinger naar het IMF te wijzen. ,,Er is zorg dat het IMF en andere officiële instellingen steun geven aan niet-vrijwillige maatregelen met betrekking tot de particuliere sector, zoals een afgedwongen herziening van de aflossing op Eurobonds en Bradybonds'', zei IIF-voorzitter Sir John Bond zaterdag. Eurobonds zijn obligaties in een andere valuta dan van het uitgevende land zelf; Bradybonds zijn bankleningen die tijdens de Latijns-Amerikaanse schuldencrisis in de jaren tachtig werden omgezet in deels door Amerikaans schatkistpapier gedekte obligaties.

Bond, tevens topman van de megabank HSBC, verwees met zijn opmerking naar onderhandelingen over een hulppakket tussen het IMF en Ecuador. De financiële wereld volgt die gesprekken met argusogen. Sir John Bond impliceerde met zijn opmerking dat het IMF erop aanstuurt dat Ecuador zijn schuldverplichtingen aan particuliere crediteuren niet nakomt. Van IMF-zijde is dat al eerder ontkend.

Feit is dat de Ecuadoriaanse president gisteren eenzijdig aankondigde dat zijn land 98 miljoen dollar rente op een deel van zijn Bradybonds, die het vandaag had moeten betalen, voorlopig niet zal voldoen. Het is voor het eerst dat zoiets gebeurt met Bradybonds. Ecuador betaalt alleen de rente op het deel van de Bradybonds dat door het Amerikaanse schatkistpapier is gedekt.

Volgens HSBC-topman Bond heeft het achterblijven dit jaar van de particuliere kapitaalstromen naar de zogenoemde emerging markets mede te maken met de opstelling van het IMF.

Het lijkt erop dat het IMF Ecuador als testcase ziet om de particuliere crediteuren in het kader van een `eerlijke lastenverdeling' te laten bloeden. IMF-topman Michel Camdessus gaf gisteren in een reactie op de Ecuadoriaanse stap in elk geval een tamelijk milde verklaring uit.

Hij riep de autoriteiten weliswaar op met de particuliere kredietverschaffers te onderhandelen, maar verder ,,betreurde'' hij het in gebreke blijven van Ecuador slechts. Bovendien kan het land volgens de verklaring op een IMF-krediet rekenen als het afgesproken hervormingen uitvoert en ,,te goeder trouw'' met de particuliere crediteuren onderhandelt.

Internationale banken menen dat het IMF al enige tijd bezig is ,,zich te mengen'' in onderhandelingen over particuliere schulden, die volgens de banken alleen het betrokken land en de betrokken crediteuren aangaan. ,,Een officieel instituut dat zich met details bemoeit draagt bij aan de onzekerheid'', zei chef-econoom John Lipski van Chase Manhattan Bank afgelopen weekeinde tijdens een seminar.

De internationale banken voelen niets voor het opnemen van collectieve clausules in obligatiecontracten die de crediteuren dwingen gezamenlijk te onderhandelen over een `eerlijke lastenverdeling' bij financiële problemen in een land.

Een onafhankelijke adviesgroep waarvan Paul Volcker, voormalig topman van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, deel uitmaakte, kwam onlangs met een dergelijke aanbeveling. De banken willen echter door een `geval-tot-geval' benadering de handen vrij houden.

Collectieve clausules in obligatiecontracten hebben volgens deskundigen alleen zin als ook de rijke industrielanden meedoen. Anders zou een aparte `kaste' van landen ontstaan die de markten als zwak aanmerken. Daarom willen bijvoorbeeld Brazilië en Argentinië geen clausules voor specifieke landen.

Het beleidsbepalende Interim-Comité van het IMF kwam er afgelopen zondag nog niet uit. Volgens de slotverklaring moeten verdere inspanningen worden gedaan om de particuliere sector te betrekken bij voorkomen en oplossen van financiële crises.

Intussen gaat de zenuwenoorlog tussen het IMF en de banken door. Zo volgt men in Washington ook met argusogen landen als Oekraïne, Roemenië en Pakistan, die mogelijk net als Ecuador de particuliere crediteuren voor het blok zullen zetten. ,,We kijken hoe het met dat soort landen gaat'', aldus IMF-onderdirecteur Fischer.