Personeel van korps eist lagere werkdruk

Staatssecretaris Van Hoof (Defensie) moet volgens de Marechaussee-vereniging het aantal taken voor het korps drastisch beperken. De belangenvereniging van de Koninklijke Marechaussee legt deze eis morgen op tafel in een gesprek met de bewindsman.

,,Als uitbreiding van personeel niet mogelijk is, dan worden bepaalde taken niet meer uitgevoerd. Het is afgelopen met de èn-èn-optie'', zegt voorzitter A. Heerts. Binnen het korps heerst volgens hem een explosieve situatie. ,,De boog is zo strak gespannen dat het schrappen van een dubbeltje op een declaratie de zaak kan laten ontploffen'', aldus Heerts.

Onder de vijfduizend manschappen van de Koninklijke Marechaussee heerst al enige tijd onrust, onder meer door de hoge werkdruk. Eind vorige week kwam een actie van vijf officieren in de publiciteit. Uit onvrede over het feit dat hun een bevordering werd onthouden, hebben zij een procedure aangespannen bij de bestuursrechter in Den Haag. Volgens de Marechaussee-vereniging liggen daar al langere tijd ,,enkele tientallen bezwaarschriften''. Bij de staatssecretaris zijn nog eens honderden klachten in behandeling, variërend van protesten tegen het verlagen van een declaratie tot bezwaren tegen het uitblijven van promotie.

In een brief aan ,,alle vrouwen en mannen van de Koninklijke Marechaussee'' heeft generaal-majoor C. Neisingh, bevelhebber van het korps, gisteren zijn zorgen uitgesproken over de huidige situatie. ,,Van harte hoop ik dat we met elkaar eenieder binnenboord houden, zowel letterlijk in de vorm van blijven werken en zwoegen bij het Wapen, als figuurlijk in de vorm van het er bij horen'', schrijft Neisingh, die ook reageert op de actie van de vijf officieren. ,,Wellicht dat velen zullen denken dat ikzelf in staat ben om aan dit soort probloemen subiet een eind te maken. Helaas kan ik dat niet, want daarvoor zijn bepaalde procedures door werknemers en werkgevers afgesproken'', aldus de brief.

Voorzitter Heerts van de Marechaussee-vereniging stelt dat bewindslieden en de leiding van het korps ,,moeten inzien dat het korps al langer wordt overvraagd''. Hij wil uitbreiding van de ondersteunende afdelingen zodat er ,,weer tijd komt om met de mensen te praten''.