Onderzoek VN naar gruweldaden in Oost-Timor

De Verenigde Naties hebben gisteren het initiatief genomen tot een internationaal onderzoek naar de schending van mensenrechten in Oost-Timor. Indonesië, dat zich verzet tegen zo'n onafhankelijk onderzoek, heeft woedend gereageerd.

Tot de instelling van een internationale onderzoekscommissie voor Oost-Timor wordt opgeroepen in een resolutie, die gisteren in Genève werd aangenomen door de Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties. Het komende onderzoek, waarop sterk is aangedrongen door de Hoge Commissaris van de VN voor Mensenrechten, Mary Robinson, is mogelijk een eerste stap op weg naar de oprichting van een VN-tribunaal voor oorlogsmisdrijven in Oost-Timor.

Het aannemen van de resolutie, ingediend namens de lidstaten van de Europese Unie, dreigt de relatie tussen Indonesië en andere Aziatische landen enerzijds en het Westen anderzijds geen goed te doen. Met Indonesië stemden onder andere China, India, Pakistan, de Filippijnen en Rusland tegen. Japan onthield zich van stemming. Indonesië vindt een internationaal onderzoek overbodig en beledigend omdat het zelf onderzoek zegt te doen naar schendingen van mensenrechten. De Indonesische ambassadeur bij de VN in Genève, Hassan Wirajuda, haastte zich gisteren om te zeggen dat de resolutie ,,niet bindend'' is, en dat Jakarta er aan vasthoudt het onderzoek in eigen hand te houden. Een van bovenaf opgelegd onderzoek kan ,,een sterke nationalistische reactie uitlokken in Indonesië'', zo waarschuwde de ambassadeur voor aanvang van de stemming.

Over de precieze bewoording van de resolutie is sinds eind vorige week achter de schermen druk overleg gevoerd. Indonesië, waarvan de strijdkrachten worden beschuldigd medeplichtig te zijn geweest aan het geweld van pro-Indonesische milities in Oost-Timor, wilde akkoord gaan met het opnemen van enkele ,,buitenlandse waarnemers'' in een ,,nationale'' onderzoekscommissie. Maar de EU hield vast aan een internationaal onderzoek. In de resolutie staat nu dat de onderzoekscommissie moet worden aangevuld met ,,een adequate vertegenwoordiging van Aziatische deskundigen'', en dat ze bij haar werkzwaamheden nauw moet samenwerken met de officiële nationale commissie voor de mensenrechten in Indonesië. Voorzitter Darusman van die mensenrechtencommissie zei vanochtend de VN graag te willen helpen bij het onderzoek. Volgens Darusman, die tevens ondervoorzitter is van de regerende Golkar, heeft de Indonesische regering ,,de morele verplichting'' om mee te werken.(AP)