Evenwichtsnummer van Jospin spaart hoofd en hart

Met zijn solidair verpakte pragmatisme wordt premier Lionel Jospin steeds nadrukkelijker een geduchte concurrent van Chirac bij de volgende verkiezingen. Daarom is hij links, maar zonder modieuze `derde-weg-verhalen'.

Velen noemden het een mondeling herexamen. Premier Lionel Jospin moest overdoen wat hij begin deze maand te makkelijk had afgedaan als `jammer maar helaas', het ontslag van 7.500 Michelin-werkers in Europa. De volgelingen smeekten de leider om richting. En vooral: zijn hart moest hoorbaar links kloppen.

Voor de circusdirecteur van Frankrijks heterogene linkse coalitie ging het om meer dan de orde herstellen in eigen rijen. Dat was wel het urgente, korte termijndoel van de operatie, maar deze minutieus geprepareerde troonrede mikte verder. Lionel Jospin is vooral bezig een nieuw, realistisch Frans socialisme te definiëren. Over de export daarvan lijkt hij zich weinig te bekommeren.

In tweeëneenhalf jaar regeringsverantwoordelijkheid is de strenge, de saaie, de degelijke oppositieleider van vóór 1997 uitgegroeid tot een autoriteit. Juist door hem `geen staatsman' te noemen, zoals president Chiracs laatste vazal Jean-Louis Debré gisteren deed, erkent ook de verdeelde rechtse oppositie dat men met een geduchte tegenstander te maken heeft. Een presidentskandidaat die rechts in 2002 of zoveel eerder als nodig het Elysée kan ontnemen.

Er is geen twijfel mogelijk dat Jospin bezig is met een presidentiële sprong voorwaarts. Al zijn daden, of het uitstel daarvan, staan in het teken van het op lange termijn veroveren van de hoogste macht voor links, voor hem zelf. Dat wil niet zeggen dat hij een ideologische kameleon wil zijn. Integendeel, dat is zijn impliciete verwijt aan Jacques Chirac. Jospin moet staan voor solidair, pragmatisch, methodisch. En links dus, zonder modieuze `derde weg'-verhalen.

Op het zomercongres in La Rochelle, eind augustus, schetste Jospin een toekomst van volledige werkgelegenheid in 2010, toevallig na afloop van zijn hypothetische eerste ambtstermijn als president. In een periode met nog steeds meer dan elf procent werkloosheid en steeds weer oplaaiende angst voor het 'capitalisme sauvage' en de mondialisering, boeren die onder de kostprijs perziken moeten verkopen aan steeds maar grotere supermarktketens, klonk dat allemaal wat dromerig. De ondoordachte opmerking over Michelin deed de rest.

Vandaar nu een catalogus aan maatregelen om het overkapitalistische bedrijfsleven tot de orde te roepen. Niets machteloze staat, een Kaderwet om de economie te reguleren. Dat is voorlopig het nieuwe toverwoord, reguleren. Niemand weet precies wat dat is, dat is het voordeel ervan. Het klinkt links en tast het hervonden economisch succes niet aan.

Twee voorbeelden van de gematigde inhoud van het radicaal gebrachte pakket. De regering wil `extra belasten van tijdelijke dienstverbanden en parttime banen' (in de Franse praktijk de twee uitvalswegen uit de WW). In de kleine lettertjes staat: na overleg tussen werkgevers en werknemers. `Geen massa-ontslagen zonder onderhandelingen over collectieve arbeidstijdverkorting'. Het staat al in de ontwerpwet op de 35-urige werkweek.

Lionel Jospin heeft, behalve Corsica, geen actueel probleem onbesproken gelaten. Belastingkorting voor werklozen. Nieuwe, overigens ongespecificeerde wetgeving voor beurs- en bankwezen – de recente fusiegolven vragen bij links om emotionele troost. Als doorknede vakman liet Jospin op ieder thema het geluid horen dat zijn achterban nodig had. Dat was iets te weinig voor de communisten – een onsje meer is hun enige bestaansrecht. En het was veel te veel voor rechts – de oppositie heeft weinig keus gezien Jospins behendig benut geluk met de wereldconjunctuur.

En wat is nu het nieuwe socialisme voor de volgende eeuw? Dat staat nog niet op papier, maar het is duidelijker dan toen Jospin tot zijn eigen verrassing naar het premierschap werd geroepen. Toen had hij twee concrete programmapunten: 35-urige werkweek en 500.000 jeugdbanen. Beide plannen worden uitgevoerd, log en dubieus van effect. De kern zit in het solidair verpakte pragmatisme.

In wezen gaf Jospin zelfs in deze als politiek serum bedoelde toespraak van een klein uur ook tegenwicht aan de verlangde zwaai naar links. Werknemers krijgen meer rechten, hun rol in het bedrijfsoverleg – vaak non-existent in Frankrijk – wordt wettelijk versterkt. En, een echo waar Margaret Thatcher trots op zou zijn, ,,werknemers-aandeelhouders krijgen meer zeggenschap''. Met andere woorden: de regering gaat door met het laten deelnemen van werknemers in het wel en wee van het bedrijf waar zij werken. Tony Blair knikt instemmend.

Het zal interessant zijn te horen wat morgen kopstukken van de Franse en de Nederlandse socialisten elkaar vertellen in het Institut Néerlandais in Parijs. Partijvoorzitter François Hollande, staatssecretaris Moscovici en de hunnen zullen fractievoorzitter Melkert, staatssecretaris Benschop en PvdA-prominenten als Paul Kalma en Jos de Beus graag het nieuwe Franse model in meer details uitleggen.

    • Marc Chavannes