Diversiteit lijdt onder geloof in gelijkheid

Zelfverzekerd kijken de modellen van Phil Borges naar de camera. Trots en tevreden zien ze er uit. Slechts een enkeling, zoals de negenjarige Dapan uit Irian Jaya, staat breed lachend op de foto. Alleen al door het noemen van namen onderscheidt de Amerikaanse fotograaf Borges (1942) zich van veel collega's. Zijn modellen komen uit Indonesië, Kenia, Ethiopië, Mexico, Peru en India; vaak blijven mensen uit zulke landen anoniem. Bij Borges krijgen ze een naam, leeftijd en een kleine anekdote over hun dagelijks leven. Het is een eenvoudige ingreep die werkt: de foto's winnen aan zeggingskracht door het getoonde respect voor het individu.

Voor zijn project `Enduring spirit' werkte Borges, die eerder een fotoboek over Tibet publiceerde, samen met Amnesty International. Ter ere van het vijftigjarig bestaan van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens verscheen vorig jaar een boek met 80 portretten van mensen uit inheemse, veelal bedreigde culturen. Mensen die leven in stamverband: Indianen uit Noord- en Zuid-Amerika, papoea's en Toraja uit Indonesië. Kinderen zijn oververtegenwoordigd. Opvallend kenmerk is dat de foto's met de hand deels zijn ingekleurd. Een selectie uit deze serie, 24 foto`s, is nu te zien in de Kunsthal Rotterdam.

Borges heeft een boodschap: de fotografie, omarmd na 18 jaar orthodontist te zijn geweest, is voor hem een middel. Wat hij wil laten zien is de diversiteit van de menselijke soort. Zonder simplistisch terug te verlangen naar het isolement van weleer, vraagt hij zich af hoe inheemse culturen zich kunnen verweren tegen de oprukkende globalisering. Zelfvertrouwen is daarbij een belangrijk wapen, en Borges' werk draagt daar aan bij. Zijn portretten ogen oprecht, ze zijn gespeend van exploitatie en dweperig exotisme.

Dat sluit niet uit dat ze behoorlijk gelikt zijn. In zijn streven naar trotse koppen, zonder een spoor van de onzekerheid die paradoxaal genoeg aan het project ten grondslag ligt, gaat Borges erg ver in het veresthetiseren en bevindt hij zich op de rand van kitsch. De hardheid van het leven in stamverband zit eerder in de begeleidende teksten dan in de foto's zelf. Er is nog een paradox. Alle foto's hebben dezelfde kleurstelling: de achtergrond is zwart-wit en de geportretteerden zijn naar huidskleur ingekleurd, waardoor ze uit het landschap nar voren lijken te komen. Mensen uit alle windstreken gaan door deze uniforme aanpak op elkaar lijken, daarmee ondersteunend wat Borges ook wil zeggen: in wezen zijn we allen gelijk. Zeker, maar hoe verhoudt die overtuiging zich tot het even krachtig beleden geloof in diversiteit?

Op het eerste gezicht lijdt `Enduring spirit' aan alomvattend, enigszins naïef idealisme. Borges heeft echter meer te bieden dan de evidente goede bedoelingen: met zijn uniformerende `vormgeving' dwingt hij de kijker na te denken over identiteit en anders-zijn. Dat Borges bovendien mooie portretten maakt, blijkt vooral uit de diverse peuters die worden meegezeuld en verontrustend volwassen naar de fotograaf kijken.

Tentoonstelling: Phil Borges - Enduring spirit. Kunsthal Rotterdam, 11 sept t/m 21 nov, inl. 010-440301.

    • Mark Duursma