Pretpark of cultuurkelder

Als er straks aan de rand van Amsterdam tol betaald moet worden, is het grootste openluchtpretpark van Europa voltooid. Je koopt een kaartje, de slagbomen gaan open en voor je ligt een dag vol pret voor de hele familie. Oma begeeft zich met dochter naar het museumkwartier, opa vertrekt met schoonzoon richting Red Light District, de jongste zoon wordt achtergelaten in het Nautisch Kwartier, terwijl de oudste twee hun zakgeld opmaken in het gok- en winkelparadijs tussen Centraal Station en Rembrandtplein. Attractie China Town is in aanbouw.

Hapklare brokken voor de toerist. Zo noemt Jos Gadet, stadsgeograaf en ambtenaar bij de Dienst Ruimtelijke Ordening, het in zijn proefschrift `Publieke ruimte, parochiale plekken en passanten-openbaarheid'. Gadet bestudeerde het vrijetijdsgedrag van jonge, alleenwonende Amsterdammers en kwam tot de conlusie dat ze zich van sommige, toeristische delen van de stad volledig hebben afgekeerd.

Zoals bijvoorbeeld van het Damrak en het Rokin. ,,Toeristen behoren te gast te zijn in de stad, niet de baas'' schrijft Gadet. Maar hier zetten fastfoodzaken, reisbureaus en telefoonwinkels de toon. De gemeente moet snel ingrijpen, meent Gadet, voordat het massatoerisme en het winkelend publiek de rest van de stad besmetten.

Nu hoef je geen 108 alleenstaande Amsterdammers te interviewen om te zien dat Damrak en Rokin hun glans hebben verloren. In februari dit jaar sloot na 120 jaar de beroemde Amsterdamse boekhandel Allert de Lange aan het Damrak. Vorige week viel voor het laatst de hamer in het gerenommeerde veilinghuis Sotheby's op het Rokin en inmiddels zijn ook de laatste verhuisdozen uit Kunstzalen A. Vecht naar buiten gebracht.

Alleen — de oplossing die het Amsterdams gemeentebestuur voorstaat is waarschijnlijk niet die van de stadsgeograaf. Geboren maar nooit geaard in het Limburgse Elsloo wil Gadet nu in Amsterdam de ,,authentieke, lokale stedelijkheid'' terugbrengen. ,,Toeristisch interessant is wat voor de alledaagse stedeling interessant is, niet andersom.'' Maar wat kun je op dat gebied verwachten van een gemeente die de volkswijk De Pijp aanprijst als `het Quartier Latin' van Amsterdam?

Voor de omgeving rond de Dam legt het gemeentebestuur de lat liever een streepje hoger. Onder de Dam zou een ondergronds museaal en cultureel gebied moeten komen met daarin winkels van allure. Amsterdam heeft nog geen kledingzaak als Kookaï, weet wethouder Openbare Ruimte Ter Horst, en een VVD-raadslid zei onlangs Christian Dior in de stad te missen. Dat werk. De stad moet ook aantrekkelijk worden voor de suikeroom.