Moraal in Moskou

WAT DE NAVO dit voorjaar in Joegoslavië niet mocht, mag Rusland zelf wel. Al dagen bombardeert de Russische luchtmacht Tsjetsjenië. Langs de grenzen van de Kaukasische republiek – die zijn afgegrendeld, zodat de tienduizenden vluchtelingen geen kant meer op kunnen – wordt bovendien het leger samengetrokken ter voorbereiding van een invasie over de grond. Het is onmiskenbaar een uiting van dubbele moraal. Maar Moskou voelt zich daarover niet schuldig. Rusland waant zich `slachtoffer' en dan is alles geoorloofd. De staatsveiligheidsdienst FSB organiseert zelfs eigen bommeldingen (in Rjazan) om de paraatheid van de gewone burgers te testen.

WELKE BELANGEN zijn aan de orde? En wie heeft de macht?

Het gaat in de Kaukasus om drie belangen: om olie, om de Russische staat en om de toekomst van de politieke elite in Moskou. Sinds de ontmanteling van de Sovjet-Unie loert de halve wereld op de oliebronnen in de Kaspische Zee. Rusland, dat nog maar een klein reepje kust aan deze binnenzee heeft, wil greep houden op het transport van deze olie. De pijpleidingen van de Kaspische naar de Zwarte Zee liepen altijd door Tsjetsjenië. Na de eerste Tsjetsjeense oorlog (1994-96) hebben de ex-Sovjetrepublieken Azerbajdzjan, Georgië, Oekraïne en Moldavië besloten een eigen pijp van Bakoe naar Roemenië aan te leggen. Om deze dreiging het hoofd te bieden, mag Moskou de islamitische deelrepubliek Dagestan, een anarchistische en etnische lappendeken, niet verliezen. Want als de andere dominostenen in de Kaukasus omvallen, is het gedaan met Rusland als `één en ondeelbare' staat en dus ook met zijn `oligarchie', wier leven het komende (verkiezings)jaar op het spel staat.

Het antwoord op de tweede vraag is gecompliceerder. Wie in Moskou momenteel de macht heeft, is onduidelijk. Helder is alleen dat de Russische militaire leiding door te escaleren de strijd heeft aangebonden met de Tsjetsjeense president Maschadov die, anders dan de rebellerende moslimcommandanten, tot nu toe juist genegen was om toenadering tot Moskou te zoeken. Kortom, Rusland bombardeert nu zijn belangrijkste gesprekspartner.

HEEFT HET Westen met deze oorlog iets te maken en kan het wat doen? Het Westen mag zijn ogen niet afwenden, omdat er in de Kaukasus geopolitieke belangen aan de orde zijn. De oorlog raakt ook de onafhankelijke buurlanden, waarvan Iran en Turkije de belangrijkste zijn. Het Westen staat bovendien niet met lege handen. De oorlog gaat de amper gevulde Russische schatkist plunderen. De militairen is een wedde van gemiddeld 1.000 roebel (80 gulden, of beter, ruim een maand AOW) per dag beloofd. Nu al zijn in het gebied bijna dertigduizend man samengetrokken. Volgens experts moet dit aantal vertienvoudigd worden, wil Moskou een kans hebben Tsjetsjenië daadwerkelijk te bezetten.

De oorlog gaat dus in de papieren lopen. Het IMF en de Wereldbank hebben, na het compromis over KFOR in Kosovo, nieuwe leningen beloofd. Het wordt tijd die toezeggingen politiek te gebruiken. Door de dollars nu in kas te houden, kan Moskou met de neus op tenminste één feit worden gedrukt: dat Rusland het verwerken van zijn imperiale frustraties zelf moet betalen.