Leiders Egypte en Jemen halen weer 90 procent

Twee lang-regerende Midden-Oosterse presidenten hebben de afgelopen paar dagen met kennelijk grote instemming van de bevolking hun mandaat opnieuw verlengd gezien. Het betreft president Hosni Mubarak van Egypte, die aan een vierde ambtstermijn van zes jaar mag beginnen, en president Ali Abdullah Saleh van Jemen, die voor een derde termijn van vijf jaar staat. Mubarak (71) kreeg in een gisteren gehouden referendum 93,97 procent van de stemmen bij een opkomst tussen de 85 en 90 procent; de 57-jarige Saleh 96,3 procent in de verkiezingen van donderdag, overigens bij een opkomst van slechts 66 procent. Er zijn weinig landen in de Arabische wereld waar de president niet met percentages van tegen de 100 wordt herkozen – hoewel de lokale opposities altijd daaraan hun twijfel uiten.

Mubarak, die in 1982 aan de macht kwam na de moord op president Anwar el-Sadat, had, zoals altijd, geen tegenstander. Oppositiepartijen hadden daarom opgeroepen tot een boycot, die inderdaad door een enkeling werd opgevolgd. ,,Mijn stem telt niet'', zei een kiezer. Maar er was ook werkelijk gemeende steun voor Mubarak. ,,Waarom zou ik nee stemmen? De man is niet kwaad '', zei Emad Fathi Habib in Heliopolis. ,,Toch geef ik er de voorkeur aan dat er ook andere kandidaten zijn om uit te kiezen.''

Saleh, die in 1978 aan de macht kwam in Noord-Jemen en in 1990 president werd van het verenigde Jemen, had wel een tegenkandidaat: Najeeb Qahtan al-Sha'abi, een parlementariër van Salehs Algemeen Volkscongres die zich als onafhankelijke had gepresenteerd. Volgens de Socialistische Partij van Jemen, de grootste oppositiepartij, had Saleh zelf zijn tegenkandidaat uitgekozen. In de campagne ,,deed Sha'abi niets anders dan spreken over de prestaties van de president'', aldus een woordvoerder. Sha'abi kreeg 3,7 procent van de stemmen. De JSP had tot een boycot opgeroepen van Salehs ,,grote show''. (Reuters, AFP, AP)