Waar is Gerd?

De Duitse sociaal-democratie is in een diepe crisis geraakt. Gerhard Schröder vecht tegen zijn eigen partij, maar ook de verstarde Duitse mentaliteit. De Wende heeft het volk verlamd, de bevolking kan moeilijk accepteren dat Duitsland achterop is geraakt vergeleken met andere Europese landen.

Zelfs Doris komt niet mee naar Berlijn. De tengere blonde echtgenote van de Duitse bondskanselier, Doris Schröder-Köpf, blijft met haar achtjarige dochtertje Klara in Hannover waar ze samen met `haar Gerd' een zolderappartement bewoont.

Uiteraard reist de 36-jarige Doris regelmatig naar de Duitse hoofdstad om met haar man prominente gasten als de Israelische premier Ehud Barak te ontvangen. Het leven van een kanseliersvrouw eist zijn prijs. Haar baan als journaliste heeft Doris opgegeven nu ze een publieke figuur geworden is. Maar Klara wil ze per se uit de publiciteit houden. Dus moest de kanselier de gerenoveerde ambtswoning in de lommerrijke West-Berlijnse villawijk Dahlem in zijn eentje betrekken.

Het is eenzaam geworden rondom Gerhard Fritz Kurt Schröder, de 55-jarige kanselier. Al weken achtereen sleept zijn sociaal-democratische SPD zich van de ene naar de andere nederlaag bij verkiezingen in de deelstaten en voor gemeenteraden. Het is een vernederende reeks voor een politicus die precies een jaar geleden door dezelfde kiezers zo royaal werd gesteund om Helmut Kohl te wippen.

In het Saarland raakte de SPD na dertien jaar regering de absolute meerderheid kwijt. In het Oost-Duitse Saksen en Thüringen is zij een splinterpartij geworden. Eerder dit jaar verloor de SPD in Hessen en moest zij forse verliezen incasseren bij de Europese verkiezingen. De dramatische nederlaag in Saksen van afgelopen zondag, waarbij de SPD na de CDU en de oud-communistische PDS terugviel naar de derde plaats, was de diepste val van de sociaal-democraten sinds de Tweede Wereldoorlog.

Nog is het tranendal voor Gerhard Schröder niet voorbij. Dit weekeinde wordt in Noordrijn-Westfalen een tweede, beslissende ronde voor de burgemeesterverkiezingen gehouden. Eerder deze maand moest de SPD hier de macht in de meeste gemeenteraden aan de CDU afstaan. Ook de verkiezingen in Berlijn op 10 oktober beloven een dieptepunt te worden. Nu al staat vast dat de SPD-kandidaat Walter Momper kansloos is tegenover de zittende burgemeester Eberhard Diepgen (CDU). Eens behaalde de sociaal-democraat Willy Brandt hier meer dan zestig procent van de stemmen.

,,Schröder gelooft nog steeds dat de kiezers niet tegen hem, maar tegen de partij stemmen. Ik kan hem zeggen: ze bedoelen hem'', zei Britta Altenkamp-Nowicki, die al zeventien jaar actief is voor de SPD in Essen, tegen de Berlijnse Tagesspiegel. Het was een van de vele verbitterde reacties uit het Roergebied, het hart van de sociaal-democratie. De lokale partijsoldaten vinden dat de partijleider hen in de kou laat staan. Schröder is bezig de wortels met zijn traditionele aanhang door te knippen, constateerde de Frankfurter Allgemeine Zeitung in een commentaar.

Hoe kon de ster van Gerhard Schröder in zo'n korte tijd zo diep zinken? Een jaar na zijn eclatante overwinning op Kohl is Schröders Neue Mitte leeggelopen. De burgerlijke lagen in de samenleving keren zich van hem af en steken over naar de christen-democraten. Bij de jongere kiezers blijkt de CDU het populairst te zijn. De CDU, blijkt uit onderzoek, is tenminste cool, vindt de jeugd. Intussen blijven de traditionele sociaal-democraten uit protest thuis. Zowel de `oude' als de nieuwe kiezers voelen zijn gefrustreerd en voelen zich verraden door Gerhard Schröder en de vernieuwers in de partij.

Hoog waren de verwachtingen toen Gerhard Schröder begin 1998 in Nedersaksen met een ruime meerderheid de verkiezingen won en SPD-voorzitter Oskar Lafontaine zich gedwongen zag de `matador' uit Hannover als kanselierskandidaat naar voren te schuiven. Hij deed dat met pijn in het hart, want Lafontaine vond zichzelf de betere kandidaat, maar bij de kiezers was hij impopulair. De Duitse pers legde de rode loper uit voor Schröder, die het tegen de `eeuwige kanselier' zou opnemen. Treten Sie an, Herr Schröder, moedigde het weekblad Stern de kandidaat-in-spe op het omslag aan. De machtige media uit Hamburg (Stern, der Spiegel, Die Zeit) deden hun best de SPD-kandidaat naar de overwinning te schrijven.

Schröder beloofde Duitsland de nieuwe tijd in te loodsen. Surfend op de golven van de tijdgeest, presenteerde hij zich als een economisch vernieuwer. Hij zou een einde maken aan de mentale stagnatie die het Duitsland van Helmut Kohl had gekenmerkt. Het land had nieuwe economische dynamiek nodig. Een Aufbruch was gewenst. De 4,5 miljoen werklozen dienden aan een baan te worden geholpen. Jobs, jobs, jobs, werd de leus.

Schröder was vast van plan af te rekenen met verstarde linkse denkbeelden. In de moderne wereld kon de staat niet langer de klassieke herverdeler zijn. Moed was vereist om het sociale stelsel te hervormen. Hij hamerde op het belang van eigen verantwoordelijkheid, ondernemerschap en minder staat.

Het waren woorden die zo uit het programma van CDU of FDP geplukt konden zijn. Nee, ze stonden niet in het verkiezingsmanifest van de SPD, wel in de maidenspeech van Schröder, toen hij in april vorig jaar door zijn partij tot kanselierskandidaat werd benoemd.

Met moderne pakken, een mediageniek optreden en een charmante glimlach werd Schröder de lieveling van de kiezers. Hij vertegenwoordigde een jongere generatie politieke leiders. Sommigen zagen in hem een Duitse Tony Blair of juist een Duitse Bill Clinton. Zelf presenteerde Schröder zich liever als kleinzoon van Willy Brandt en Helmut Schmidt. Hij wilde het warme hart van Brandt en de economische expertise van Schmidt met elkaar verbinden.

Maar al tijdens de verkiezingscampagne werd duidelijk, hoe Schröder `kort' werd gehouden door de linkse partijleider Lafontaine. Schröder-de-vernieuwer was nauwelijks te horen op de marktpleinen van Stendal en Dortmund. De benoeming van de computermiljonair Jost Stollmann in zijn `schaduwkabinet', die de grote macht van ondernemingsraden kritiseerde en afslanking van het sociale stelsel bepleitte, schoot bij de vakbeweging en de traditionalistische SPD dusdanig in het verkeerde keelgat, dat de ondernemer prompt buiten de campagne werd gehouden.

Als kandidaat verraste Schröder met een pleidooi voor het terugdraaien van de voorzichtige hervormingen, waarmee het kabinet-Kohl een begin had gemaakt: versoepeling van het ontslagrecht, verlaging van de ziekte-uitkering, een vermindering van de stijgende pensioenen en de eigen bijdrage voor jongeren bij de tandarts. ,,Asociale kortingen voor de werknemers'', zei Schröder tijdens de campagne.

Zo graag wilden de Duitsers van Helmut Kohl af, dat ze op 27 september met 40,9 procent voor Schröders SPD kozen. De kanselier van de Duitse eenwording werd met 35,1 afgestraft. Wisten de kiezers eigenlijk wel op welke SPD ze stemden? De partij was een tweekoppige draak, die probeerde met tegenstrijdige boodschappen verschillende groepen kiezers te appaiseren.

Zou u van deze man een tweedehands auto kopen? vroeg de Britse Economist zich af terwijl Schröder de lezers vanaf de cover toelachte. Schröder the salesman, die in zijn jonge jaren in het Nedersaksische Lemgo porcelein probeerde te slijten, beloofde een `derde weg' tussen socialisme en kapitalisme. Maar de SPD-kandidaat had zo'n vage, bleke campagne gevoerd, dat het twijfelachtig was of Schröder wel de juiste man zou zijn om de structurele zwakten van Duitsland – de hoge belastingen, een snel verouderde bevolking, centralistische salarisonderhandelingen, een rigide arbeidsmarkt – te lijf te gaan, aldus het Britse zakenblad.

Schröders politieke vrienden lieten destijds weten, dat de zachte toon tijdens de verkiezingscampagne onderdeel was van de strategie. De kandidaat mocht de achterban niet afschrikken door pijnlijke waarheden te verkondigen. Eerst diende de macht in Bonn te worden veroverd, luidde het devies. De Strippenzieher in de kleine denktank achter Schröder wisten precies waar het heen moest, zodra de kandidaat gekozen zou zijn. Zij spraken over renovatie van het sociale stelsel, loonoffers in ruil voor banen, flexibele arbeid. Van ouderwetse keynesiaanse opvattingen over salarisverhogingen om de economie aan te zwengelen zoals SPD-voorzitter Lafontaine verkondigde, moesten zij niets hebben.

,,Ons visioen voor de toekomst is het Nederlandse banenmodel'', zei Bodo Hombach, toen nog minister van Economische Zaken in Noordrijn-Westfalen en Schröders persoonlijke adviseur tegen deze krant. Maar, zo waarschuwde hij, er zouden nog enkele ,,pittige discussies'' tussen traditionalisten en hervormers nodig zijn. Want bij de SPD moest de modernisering nog beginnen, net als bij de Duitse vakbeweging.

Hombach heeft gelijk gekregen. Intussen zijn vele pittige discussies losgebarsten. Hombach heeft als chef van Schröders bondskanselarij het politieke strijdtoneel allang weer verlaten, omdat hij werd achtervolgd door geruchten over onroerend goed-schandalen. Ook de lawaaierige Lafontaine gaf er in maart als minister van Financiën zonder opgave van redenen de brui aan. De rivaliteit met Schröder was Lafontaine, die zich van meet af aan opwierp als schaduw-kanselier, zwaar gevallen.

Lafontaine was een linkse herverdeler, die de ondernemers en de Bundesbank bruuskeerde, het internationale vertrouwen ondermijnde en de investeerders die Schröder nodig had, kopschuw maakte. Ook de groene coalitiepartner zat niet stil. Minister Jürgen Trittin kreeg het aan de stok met de machtige energiebedrijven, omdat hij de atoomcentrales liever vandaag dan morgen wilde stilleggen. De relatie met de belangrijkste bondgenoot Parijs, voor wie atoomenergie een strategische peiler is van haar buitenlandse beleid, werd getroubleerd, toen de rood-groene regering de opwerking van kernafval (dat in Frankrijk en Engeland plaatsvindt) wilde verbieden.

Het kabinet leek op een orkest zonder dirigent, dat valse tonen aanslaat. Een kruiwagen vol springende kikkers. Van Schröder-de-moderniseerder was nauwelijks iets te bespeuren. De kanselier was vooral bezig met het blussen van brandjes, die zijn ministers links en rechts hadden gesticht. Zodra een maatregel protest uitlokte, haastte Schröder zich te verklaren dat hij `verbeteringen' zou toepassen. Dat leverde hem al snel de bijnaam op een `verbeter-kanselier' te zijn. Wie regeert Duitsland?, vroegen de media zich af, die net als de meeste kiezers liever een grote coalitie van SPD en CDU hadden gezien.

Desondanks genoot Schröder van zijn nieuw rol als kanselier: `Regieren macht Spass', zei hij. Al als jonge Bondsdagafgevaardigde had hij aan het hek van de kanselarij gerammeld en geroepen `Hier wil ik naar binnen'. Temidden van alle politieke tumult liet Schröder zich fotograferen in een lifestyle magazine. Gestoken in een Italiaans Brioni-pak, een kasjmir-mantel en kostbare handgemaakte paardenleren schoenen, werd hij, vergezeld van prijskaartjes, de spot van de pers, die Schröder prompt tot `kasjmir'-kanselier bestempelde.

De publicatie leek onschuldig in het tijdperk van oppervlakkig amusement, maar de ijdelheid van de kanselier is intussen hardhandig afgestraft. De werkende massa, zijn eigen achterban, kan maar niet begrijpen dat een kanselier, die dure Cohiba-sigaren rookt en Brioni-pakken draagt, roept dat er ,,bezuinigd, bezuinigd en nog eens bezuinigd'' moet worden.

De voormalige arbeiders voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de partijtop in Berlijn. Sterker, Schröder en andere kopstukken is dringend verzocht zich de komende maanden alstublieft niet in het Roergebied te vertonen om de kansen voor minister-president Wolfgang Clement bij de komende deelstaatverkiezingen in mei niet te verpesten.

De Duitse sociaal-democratie is in een diepe crisis geraakt.

Het goede nieuws is dat Schröder na het vertrek van Lafontaine de kans heeft benut om een begin te maken met economische hervormingen. De ervaren Hans Eichel, oud-minister-president in Hessen en opvolger van Lafontaine als minister van Financiën, heeft een fors bezuinigingsprogramma afgekondigd om de gigantische schuldenberg van 1.500 miljard mark te verminderen. Elk jaar moet alleen 82 miljard mark aan rente worden betaald. Wil Duitsland nog geld overhouden om de economie te stimuleren en iets voor de werklozen te doen, zijn bezuinigingen onontkoombaar.

Eichel, die het `charisma van een paperclip' is toegedicht, is Schröders geheime wapen in de strijd voor het land en tegen zijn eigen partij. Met zijn degelijkheid heeft de minister het meeste weg van de Nederlandse premier Wim Kok. Hij is serieus, betrouwbaar en heeft zich voorgenomen te doen wat hij zegt. Noch Schröder, noch Eichel laten zich door de opeenstapeling van verkiezingsnederlagen uit het veld slaan. `Volhouden', is hun motto. Er is geen alternatief voor de bezuinigingen, beweren ze terecht.

Het slechte nieuws is dat Schröder en zijn moderniseerders er tot nog toe niet in zijn geslaagd de achterban te overtuigen van de noodzaak van economische hervormingen. Het mag de kanselier gelukt zijn in enkele maanden de topbestuurders in de SPD en de fractie voor zijn plannen te winnen. Maar de lokale partijnomenklatura, die van de linkse Lafontaine hield en niet van Gerd, zet de hakken in het zand.

Schröder is uit zijn schulp gekropen. Hij is begonnen met het moeilijkste gevecht in zijn politieke carrière. Hij heeft niet slechts te kampen met zijn eigen traditionalistische partij. Inmiddels vecht hij ook tegen de kiezers, en tegen de verstarde Duitse mentaliteit.

De Duitsers worden gedreven door angst en behoudzucht. Een blik in het zojuist verschenen rapport van de SPD-commissie die een nieuw partijprogramma opstelt, is veelzeggend. Angst voor de globalisering, angst voor Europa, angst voor veranderingen, dat is wat de Duitsers volgens de commissie drijft. Allemaal negatieve waarden. Na 1945 herwonnen de Duitsers een `nieuwe' identiteit middels het economische succes van het Wirtschaftswunder. Het Duitse model van efficiency en sociale rechtvaardigheid werd een voorbeeld in Europa: Made in Germany stond gelijk aan betrouwbaarheid en kwaliteit. En met een groeiende welvaart was er in eigen land voor politici natuurlijk steeds meer te verdelen. Zo werd de kiezer aan de macht gebonden.

Minister Eichel mag weten dat het Duitse model achterhaald is, dat Duitsland achterop is geraakt vergeleken met andere Europese landen – de bevolking wenst deze mentale sprong niet maken. De Wende heeft het volk verlamd, dat geven zelfs Kohls vertrouwelingen toe. Na de sanering stak het Oosten de `handen uit de mouwen', zoals het Westen dat vijftig jaar geleden had gedaan. Maar het Westen weigert het met wat minder welvaart te doen. Twee dikke nieuwe auto's en minstens drie vakanties per jaar: dat is wat de West-Duitsers willen. In een land waar elk compromis al gauw als een nederlaag wordt ervaren, en er bij het aantrekken van de broekriem onmiddellijk halt wordt geroepen, heeft elke politieke leider die niets meer te verdelen heeft, het moeilijk.

Ook Helmut Kohl, die Schröder in populariteit alweer heeft ingehaald, is stuk gelopen op deze mentaliteit van het houden-wat-je-hebt (Besitzstandsdenken). Als Schröder de hervormer is waarvoor hij zich uitgeeft, zal hij al zijn verkooptalenten in de waagschaal moeten werpen om zijn voornemens te verwezenlijken. Hij heeft nog drie jaar tot de volgende Bondsdagverkiezing. Met de wind van een aantrekkende economie in de rug, kan hij naar alle waarschijnlijkheid al gauw de eerste successen laten zien. Het is evenwel de vraag of Schröder de tijd krijgt van zijn partij die bij elke nieuwe nederlaag mismoediger wordt.

Waar is Gerd?, luidde de vraag die de Duitse pers na ekele maanden stelde. Inmiddels weten we het. Sinds begin deze maand zit Schröder in Berlijn, in het opgeknapte Staatsratsgebäude waar DDR-leider Erich Honecker ooit resideerde. Slechts hij kan de omslag bewerkstelligen die zijn partij, en het land nodig heeft. De richting is duidelijk: wie de Duitse sociaal-democraten niet overtuigt, zal het nooit lukken de Duitsers te overtuigen. Schröder moet zijn dure sigaar doven, en het imago van plezier-kanselier afleggen. Slechts dan kan hij zijn geloofwaardigheid herstellen. Bang voor de toekomst hoeft hij niet te zijn. Zijn echtgenote Doris heeft laten weten dat zij er goed mee kan leven, als haar Gerd in het uiterste geval zijn brood weer als advocaat verdient.

    • Michèle de Waard