Vergadering IMF begint opgewekt

De haute finance is in Washington weer bijeen voor de jaarvergadering van IMF en Wereldbank. Na de crisisperikelen van vorig jaar staat nu de schuldkwijtschelding voor de armste landen hoog op de agenda.

De financiële wereld is kort van memorie. Vorig jaar stond de jaarvergadering van Internationaal Monetair Fonds en Wereldbank stijf van de zenuwen. Het bijna-faillissement van een groot Amerikaans hedgefonds en het feitelijk bankroet van Rusland hadden na de Aziatische crisis de financiële markten aan de rand van de afgrond gebracht.

Inmiddels gaat het in de crisislanden beter en zijn de vooruitzichten voor de wereldeconomie een stuk rooskleuriger. De stemming onder de ministers, bankpresidenten, bankiers en investeerders, die vanaf dit weekeinde weer met duizenden in Washington bijeenkomen, is heel wat opgewekter.

Geen wonder dat afgelopen week van diverse kanten voor ,,zelfgenoegzaamheid'' is gewaarschuwd. ,,Nu moeten de kwesties worden aangepakt, die de afgelopen twee jaar oorzaak waren van de problemen'', aldus de Britse minister van Financiën, Gordon Brown. De bewindsman treedt voor het eerst op als voorzitter van het beleidsbepalende Interim-Comité van het IMF.

Enige opwinding is er nog wel in Washington over de wisselkoersverhouding van yen en dollar, die voor onrust op Wall Street heeft gezorgd. Daarover vergaderen voorafgaand aan de jaarvergadering zaterdag al de ministers van Financiën van de zeven grote industrielanden (G7). De verwachting is dat de Japanse minister Kiichi Miyazawa tevergeefs bij de VS zal aandringen om mee te werken aan gezamenlijke interventies om de koers van de yen naar beneden te krijgen. Zijn Amerikaanse collega Lawrence Summers gaf al aan dat Japan allereerst ,,met alle middelen'' de economie moet stimuleren. Hij kreeg steun van het IMF dat in zijn World Economic Outlook de weigerachtige Japanse Centrale Bank adviseerde simpelweg veel meer yens in de economie te pompen.

Vanuit de G7 wordt de komende dagen ook gewerkt aan de vorming van een nieuw forum van zo'n twintig landen, waarin de zeven industrielanden met opkomende economieën overleggen over crisispreventie. Voor deze nu nog als G-X aangeduide groep worden onder meer Rusland, China, India, Australië, Brazilië, Argentinië, Mexico, Zuid-Korea, Turkije en de Europese muntunie genoemd.

IMF-topman Michel Camdessus gaf eerder deze week aan dat na de financiële crises nu de ,,fase van snelle implementatie'' is aangebroken van eerder overeengekomen anti-crisismaatregelen, zoals op het gebied van standaarden voor financiële gegevens, verbetering van transparantie, hervorming van de financiële sector en verbetering van het IMF-toezicht.

Een gevoelige kwestie blijft de rol van de particuliere sector (banken, obligatiehouders) in de crisisbestrijding. Voorstellen van diverse landen over collectieve clausules in obligatiecontracten, die moeten voorkomen dat de internationale gemeenschap via het IMF met miljardenpakketen alleen voor financiële crisis opdraait, vallen slecht bij de internationale banken.

Camdessus zei dat op dit punt nog te weinig vooruitgang is geboekt. Bij het IMF volgt men dezer dagen dan ook met meer dan gewone belangstelling een land als Ecuador, dat mogelijk niet kan voldoen aan zijn verplichtingen aan obligatiehouders - in dit geval bezitters van zogenoemde Brady-bonds. Ingewijden in Washington erkennen dat het IMF - tot woede van de internationale banken - goedkeurend toekijkt hoe Ecuador de druk opvoert om financiële concessies van de obligatiehouders los te krijgen.

Het belangrijkste onderwerp tijdens de jaarvergadering is de uitbreiding en versnelling van de schuldkwijtschelding voor de armste landen. De G7-leiders namen hiervoor afgelopen juni tijdens hun top in Keulen het initiatief na jarenlange massale acties van non-gouvernementele organisaties. Volgens IMF-topman Camdessus ligt een oplossing nu ,,binnen handbereik''.

In Washington gaat iedereen er vanuit dat er inderdaad overeenstemming komt - ook over de financiering - omdat na alle beloftes een mislukking tot enorm gezichtsverlies voor de grote industrielanden zou leiden. Het gaat om een additionele schuldkwijtschelding van zo'n 70 miljard dollar bovenop de al eerder voorgestelde 30 miljard dollar. Volgens de Britse minister Brown wordt hierdoor tweederde van de officiële schuld van de armste landen geschrapt.

Camdessus maakte eergisteren bekend dat het IMF aan de schuldkwijtschelding zal bijdragen via de herwaardering van 14 miljoen ounces van zijn goudreserves. Daarnaast wordt geld gebruikt van een uit de jaren tachtig stammend reservepotje van het IMF, dat was bestemd voor landen met betalingsachterstanden. De verwachting is dat belangrijke bilaterale donoren in Washington met financiële toezeggingen zullen komen.

De schuldverlichting moet direct worden gekoppeld aan armoedebestrijding. Wereldbank-president James Wolfensohn kondigde eergisteren aan dat IMF en Wereldbank volgende week een gezamenlijk plan zullen presenteren. Tijdens de jaarvergadering zullen, na de corruptieschandalen in Rusland, ook voorstellen worden gedaan om de controle op IMF en Wereldbank zelf te verbeteren.