SP maakt zich stap voor stap los van haar oude ideologie

De SP schudt het verleden af. De partij-top haalt een streep door een flink aantal radicale uitgangspunten.

De SP wil een flink aantal radicale beginselen schrappen. Dat blijkt uit het concept-beginselprogramma dat het partijbestuur deze week aan alle partijleden heeft toegestuurd. In december zal het congres van de SP zich uitspreken over de nieuwe beginselen. Het programma moet het huidige beginselprogramma van de SP vervangen, het Handvest 2000, dat is vastgesteld in 1991.

In het huidige beginselprogramma pleit de SP voor het collectief bezit van de produktiemiddelen. Grote bedrijven en instellingen moeten eigendom zijn van de gemeenschap. Behoeftevoorziening — en niet het maken van winst — dient het enige motief te zijn voor produktie. Ook land- en tuinbouw en veeteelt dienen een gemeenschapstaak te zijn. Dit alles moet economische planning mogelijk maken. Het hoogste salaris mag niet meer bedragen dan het drievoudige van het laagste.

Al deze opvattingen keren niet meer terug in het nieuwe concept- beginselprogramma Heel de mens. Partijleider Jan Marijnissen erkent dat zijn partij anders is gaan denken over het collectief bezit van de produktiemiddelen. ,,De markt kan een functie hebben, maar de overheid moet wel scherpe randvoorwaarden stellen.'' De partij-top pleit nog wel voor een maximum-inkomen, maar daarbij wordt geen verdeelsleutel genoemd. Dat is een `overbodige concretisering', meent Marijnissen. In Heel de mens spreekt het hoofdbestuur zich ook voor het eerst zonder voorbehoud uit voor de representatieve democratie. ,,De parlementaire democratie is het beste middel om de wil van de bevolking tot uitdrukking te brengen'', zo valt te lezen. In Handvest 2000 wordt nog een voorbehoud gemaakt. Daarin wordt gepleit voor een volksvertegenwoordiging, waarbij de kandidaten gesteld worden door ,,een maatschappelijk verband, zoals een wijk, een bedrijf of organisatie.'' Die passage was volgens Marijnissen `onduidelijk' en is geschrapt.

In het nieuwe programma wordt in het algemeen sterk de nadruk gelegd op de noodzaak van democratische controle. De SP begon begin jaren zeventig als een maoïstische, uitgesproken anti-parlementaire partij. Sinds eind jaren zeventig heeft de SP zich stap voor stap losgemaakt van deze ideologie. Dit wordt nu beklonken in het nieuwe concept-beginselprogramma.

Volgens Gerrit Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Politieke Partijen, heeft de SP ,,flink wat ideologische veren opgeschud. De SP maakt eigenlijk een vergelijkbaar proces door als de PvdA, hoewel de SP nog steeds een stuk linkser is. De huidige tijdgeest, waarbij partijen naar het midden zijn opgeschoven, heeft zijn uitwerking op de SP niet helemaal gemist.''

Het huidige programma van de SP gaat nog uit van een socialistische heilsverwachting, aldus SP-kenner Voerman, terwijl het nieuwe programma veel meer een visie is op de reeds bestaande maatschappij. ,,De SP is in feite een reformistische partij geworden.'' Volgens hem moet de SP haar ideologie wel aanpassen, om moderne burgers te bereiken. ,,Termen als `uitbuiting' spreken tegenwoordig veel minder aan.''

Volgens SP-partijsecretaris Tiny Kox zijn de nieuwe concept-beginselen bedoeld ,,om een brug te slaan naar mensen die in het verleden wellicht goede gronden hadden om zich niet bij ons aan te sluiten.'' Hij benadrukt dat de SP een radicale partij blijft. Volgens Kox heeft de SP al eerder afstand genomen van haar marxistisch-leninistische wortels, maar heeft de partij dat tot nu toe ,,niet zo expliciet duidelijk gemaakt.'' Marijnissen stelt dat het nieuwe beginselprogramma definitief duidelijk maakt dat de SP een streep heeft getrokken onder haar maoïstische verleden. ,,Wie dat nu nog niet ziet, die wil het ook niet zien.''