Gratis heroïne: `Mijn eigen dope is beter'

Ruim een jaar geleden begon in Amsterdam en Rotterdam het experiment met gratis verstrekking van heroïne. Gebruikers zijn niet alleen maar enthousiast.

Een jaar lang elke dag gratis heroïne. Dat bracht rust in het gejaagde bestaan van de verslaafde dealer Pim van Groningen (49). Hij heeft zelfs een buikje gekregen. Maar om nou te zeggen dat de kwaliteit van zijn leven er op vooruit is gegaan. Hij houdt er niet van ,,betutteld'' te worden. Bovendien heeft ,,dat laboratoriumspul'' zijn longen ,,verziekt''. Sinds vier weken krijgt Van Groningen niet meer - om de effecten van de gratis verstrekking te kunnen meten. ,,Ik ben blij dat ik er van af ben'', zegt hij. Al na een paar dagen pakte hij zijn oude bestaan van dealen en gebruiken weer op.

Ruim een jaar geleden ging in Amsterdam de eerste heroïnepost open. Langdurig verslaafden die ondanks hulpverleningsprogramma's en methadonverstrekking er slecht aan toe zijn, moeten door deze medische verstrekking weer rust in het leven krijgen. Zo kunnen ze geestelijk en lichamelijk weer op conditie komen.

Na een jaar lang gratis heroïne is de verstrekking aan de eerste deelnemers van dit experiment nu stopgezet. ,,We zijn in een moeilijke fase beland'', zegt voorzitter W. van den Brink van de Centrale Commissie Behandeling Heroïne-verslaafden (CCBH) die het experiment uitvoert. ,,Het stopzetten is voor veel deelnemers een lastige periode.'' Hoewel de deelnemers hierover vantevoren uitvoerig zijn voorgelicht, vindt de Rotterdamse Junkiebond het ,,onmenselijk'' om de verslaafde nu weer voor hun drugs ,,de straat op te schoppen''. Van den Brink: ,,In elk onderzoek naar een nieuw medicijn moet je kijken wat er gebeurt als de medicatie wordt gestaakt. Wellicht is hun leven zo gestabiliseerd dat verstrekking niet meer nodig is.''

Van Groningen – al twintig jaar verslaafd – is in ieder geval blij dat hij verlost is van ,,de kinderachtige presentieplicht''. Wie een dag niet verschijnt, krijgt de volgende keer minder. Op die manier hoeft het niet voor hem. ,,Als je nou zou kunnen komen wanneer je er zin in hebt en dan een hoeveelheid meekrijgt waar je wat aan hebt, okay, dan zou ik wel weer overwegen mee te doen.'' Zijn eigen dope smaakt hem eigenlijk ook veel beter. ,,Ik ben me rot geschrokken van dat laboratoriumspul. 's Nachts lag ik in bed te piepen als een man van tachtig die een leven lang zware shag had gerookt.''

Veel deelnemers hebben volgens hem last van hun longen. ,,Iedereen zat zich gek te hoesten.''

De CCBH neemt de klachten serieus en onderzoekt momenteel of ze het gevolg zijn van de heroïne of van de toch al overbelaste longen van de verslaafen. ,,Sommige deelnemers roken zo'n veertig tot vijftig sigaretten per dag.''

Overigens begrijpt Van Groningen niet waarom uitgerekend hij voor het experiment is benaderd. Ooit was hij wel een zwaar geval geweest. Toen hij aan de speed zat en niet meer wist hoe of wat. Op een gegeven moment was hij zo gek dat alle buren verhuisden. Maar met het verstrijken van de jaren was er toch een zekere stabiliteit in zijn leven gekomen: een eigen woning, het gebruik redelijk in de hand. ,,Ik was een rustig klein dealertje die geen overlast bezorgde.'' Rechercheurs groetten hem op straat: `Zo, hoe gaan de zaken?'

De Medische Dienst Harddrugs Gebruikers (MDHG), de belangenvereniging van drugsgebruikers, heeft kritiek op de selectie van deelnemers door de Centrale Commissie Behandeling Heroïneverslaafden (CCBH) die het experiment uitvoert. ,,Er zitten stabiele mensen bij die nog helemaal niet zo gek lang en niet zo gek veel gebruiken.'' Voorwaarde voor deelname is dat de verslaafde ten minste vijf jaar gebruikt, maar volgens de MDHG halen sommigen die grens maar net. ,,We hebben het gevoel dat het experiment koste wat kost moet slagen.''

In ieder geval komt het hele experiment volgens de MDHG ,,tien jaar te laat''. ,,Dé heroïnegebruiker bestaat niet meer. Je hebt nu alleen nog gecombineerde gebruikers die heroïne met gekookte coke gebruiken, of alleen nog maar gekookte coke.''

Maar de 35-jarige Ruud Donkers (negentien jaar verslaafd) doet nu vier maanden mee aan het experiment en vindt het ,,een uitkomst''. Voorheen sliep hij buiten op straat. Hij had ,,niks of niemand'' en ,,zag er niet uit''. Twee weken bajes, weekje vrij, twee weken bajes, weekje vrij. Nu is hij al vier maanden niet meer in aanraking geweest met de politie. Hij heeft een uitkering en een slaapplaats in een pand van de stichting Hulp voor Onbehuisden. Het leven is zo weliswaar een beetje ,,saai'' en nu hij niets om handen heeft, komt de depressiviteit naarboven, maar het gaat wel ,,stukken beter'' met hem. Hij heeft de hoop dat hij na dit jaar zonder heroïne kan. ,,Ik geloof dat het haalbaar is.'' Eerst moet hij nog een taakstraf uitvoeren en een woning zoeken, maar dan is er misschien ,,ruimte voor de plannetjes die in mijn achterhoofd zweven''. Hij wil modellen gaan bouwen. ,,Op afstand bestuurbare auto's. Er zijn veel mensen die dat willen hebben, maar die geen tijd hebben om ze te bouwen.'' De kritiek van sommige deelnemers op het experiment deelt Donkers niet. ,,Weet je wat het is met deze mensen?'', zegt hij. ,,Ze lopen altijd te zeuren. Het is nooit goed en het is nooit genoeg.''