Walschap krijgt stichting

Drie maanden na Willem Elsschot krijgt ook de Vlaamse schrijver Gerard Walschap een eigen club. Op 1 oktober aanstaande houdt de Stichting Gerard Walschap in Antwerpen een kennismakingsbijeenkomst waar liefhebbers van Walschap op de hoogte worden gesteld van de voornemens van de juist opgerichte stichting. Die zijn vooral het stimuleren van de belangstelling voor en de wetenschappelijke studie van het literaire werk van `de Prins van de Nederlandse Letteren'. De stichting hoopt in totaal tegen de tweehonderd leden te kunnen trekken.

Met het oog op dat laatste is de stichting verbonden aan de Universitaire Faculteiten Sint-Ignatius in Antwerpen. Volgens de huidige hoogleraar Moderne Nederlandse Literatuur, Karel Wauters, is dat een soort eerherstel. ``Juist de jezuïeten aan deze instelling hebben in het interbellum de hetze tegen Walschap geleid. Door de stichting hier te vestigen, maken we tevens duidelijk dat men in de Vlaamse literatuur niet langer met getrokken messen tegenover elkaar staat. Door zijn langdurige conflict met de katholieke kerk stond hij aan de basis van de vrijmaking van de Vlaamse letteren. Hij is niet alleen in literair opzicht een zeer belangrijk auteur, maar zijn cultuurhistorische betekenis was ook enorm.''

De stichting geeft ter ere van de oprichting Links Geboren uit, een lezing die Walschap op 1 oktober 1940 in Antwerpen hield. Bovendien wordt de handelseditie van Alles is een leugen, het proefschrift van Elke Brems over Walschap gepresenteerd. Wauters wil ieder jaar tenminste één ongepubliceerde tekst van Walschap bibliofiel uitgeven. Ook hoopt hij de middelen te vergaren om het kritisch proza van Walschap in een wetenschappelijke uitgave te publiceren. ``Dat is verspreid gepubliceerd in meer dan twintig kranten en tijdschriften en dus nog nauwelijks terug te vinden.'' Bij uitgeverij Manteau verscheen al eerder het Verzameld Werk van de auteur en begin volgend jaar wordt het tweede deel van Walschaps correspondentie uitgegeven door Nijgh en Van Ditmar.

De definitieve Walschap-biografie laat voorlopig nog op zich wachten. De voorzitter van de stichting, Leo Borré, schreef eerder een monografie over de auteur, maar ziet voorlopig geen gelegenheid om een volwaardige biografie te schrijven. ``Dat project zit nog in een beginfase. Het is onmogelijk daar al een termijn voor te noemen. Voorlopig heb ik het nog te druk met andere werkzaamheden.''

Vertaalster wil geld, geen deurwaarder

Twee jaar geleden zou al een Russische vertaling verschijnen van Tonke Dragts Brief voor de koning, maar door het faillissement van de Moskouse uitgeverij Enigma ligt het manuscript van vertaalster Irina Grivnina nog op publicatie te wachten. Grivnina heeft nu een hoog oplopend conflict met het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds omdat zij de door het fonds toegezegde subsidie van de vertaling wil hebben. Het fonds keert die echter pas uit wanneer het boek in de Russische winkels ligt. Bovendien dreigt het de vertaalster met een deurwaarder als zij een oude schuld van tweeduizend gulden niet voldoet.

Die schuld is het gevolg van een vergissing van het fonds, dat in 1996 een te hoog honorarium aan de vertaalster uitkeerde. Omdat Grivnina zich niet aan de afbetalingsregelingen hield, wil het fonds nu direct geld zien. De vertaalster wil het bedrag verrekenen met de toegezegde subsidie voor de Tonke Dragt vertaling. ``Ik heb mijn werk gedaan, de vertaling is af. Bovendien is er nu een nieuwe uitgeverij die het boek wil uitgeven. Volgens mij betwijfelt het Produktiefonds of die wel bestaat.'' Russische uitgeverijen hebben doorgaans geen geld om buitenlandse vertalers redelijk te betalen. Het Produktiefonds heeft een extra potje om die vertalers de helpende hand toe te steken. ``Dat geld wordt echter nooit uitgekeerd voordat een boek er daadwerkelijk is. Zodra Brief voor de koning in Rusland verschijnt, krijgt ze het geld.''

Grivnina, die hoopt het fonds te kunnen betalen voordat de deurwaarder zich op haar stoep meldt, vindt dat het Produktiefonds te veel macht heeft. ``Zij kunnen alles beslissen terwijl ze met slechts enkele mensen zijn. Zo kunnen ze onmogelijk de situatie in alle landen kennen. Bovendien zijn de bedragen die zij uitkeren bijzonder laag. Landen die werken met een cultureel attaché op de ambassade regelen dat meestal veel beter.''

Jippus et Jannica

Aan de vooravond van de geheel aan `de klassieken' gewijde boekenweek zal de wereldliteratuur in het Latijn met een titel worden uitgebreid: uitgeverij Querido heeft voor februari de verschijning van Iippus et Iannica aangekondigd; een bloemlezing uit de oorspronkelijk in het Nederlands verschenen verhalenbundels Jip en Janneke van Annie M.G. Schmidt. Dat boek werd eerder in elf talen vertaald, waaronder Ests, Arabisch, Hebreeuws en Gaelic.

Volgens Alphons Peters van de uitgeverij wilde de jeugdboekenafdeling van Querido een uitgave maken die aansluit bij het thema van de `volwassen' boekenweek. ``Toen bedachten we dat wij met Annie M.G. Schmidt een eigen klassieker in huis hebben en dat we die zouden kunnen vertalen. Het is als een geintje bedoeld, maar er wordt zeer enthousiast op gereageerd.'' De uitgeverij hoopt ook gymnasia voor de uitgave te kunnen interesseren. ``Voor vierjarigen is de tekst in het Latijn minder geschikt.''

De vertaling wordt verzorgd door Harm-Jan van Dam, die eerder de Priapea vertaalde, een bundel grotendeels aan het mannelijk geslachtsdeel gewijde gedichten uit de eerste eeuw na Christus. Van Dam vindt het niet eenvoudig de avonturen van Jip en Janneke, waaronder het legendarische eerste verhaal `Jip en Janneke spelen samen' in goed Latijn te vertalen. ``Alle verhalen waarin moderne zaken als de paashaas en een vliegmachine een rol spelen, heb ik al geschrapt, maar zelfs dan denk ik dat het vrij moeilijke teksten zullen blijken te zijn.'' Van Dam heeft enige tijd nagedacht of hij de opdracht zou accepteren. ``Sinds mijn studie heb ik nooit meer naar het Latijn vertaald. Het is dus mogelijk dat ik veel kritiek van vakgenoten krijg. Ik laat sommigen dan ook kritisch meelezen.''

Er bestaat nog een kleine onzekerheid over de wijze waarop Jip in het Latijn zal optreden. ``Ik wil met de uitgeverij nog eens gaan praten over de spelling van zijn naam. Eigenlijk vind ik de dubbele i in Iippus niet mooi. Misschien kan daar nog iets aan veranderd worden.''