De grappigste man van de USA

Het is een mooie tijd om een zwarte komiek te zijn, zei Chris Rock deze maand in Time Magazine. Vroeger bereikte zo eens in de tien jaar een zwarte komiek de sterrenstatus – Bill Cosby, Richard Pryor, Eddie Murphy. Nu breken ze en masse door. Will Smith, Martin Lawrence, Chris Tucker: ze bewegen zich met speels gemak van rapgroep en nachtclub via sitcom en Saturday Night Live naar films met grote budgetten. ,,Toen ik opgroeide, had je blanken die cool waren en zich blank gedroegen'', zegt Rock zelf. ,,Axl Rose, David Lee Roth. Nu zijn ze alleen nog maar cool als ze zwarten nadoen.''

Chris Rock is van de huidige generatie zwarte komieken het leukst. Kijk maar, vanavond, naar Bigger and Blacker, een live registratie van een optreden in het Apollo Theater in Harlem. Rock is van de gangsta-rap generatie, maar hij gelooft niet dat het louter herhalen van `motherfucker', `shit' en `bitch' op zich grappig is. Zijn grappen gáán ergens over. En wanneer Rock iemand naar de keel vliegt, laat hij niet meer los. ,,Je moet iemand kwetsen. Altijd. Dat is het verschil tussen Scorsese en Disney.''

De massamoord in Littleton High? De Trenchcoat Mafia? ,,Idiote blanke jongens. En maar zeuren dat niemand met ze wil spelen. Staan ze met zijn zessen op de foto! Met zijn zessen! Zoveel vrienden had ik niet op highschool.''

Chris Rock (34) kreeg wat elke komiek nodig heeft: een miserabele jeugd. Zijn ouders lieten hem elke ochtend met de schoolbus naar een blanke school rijden. ,,Mijn Vietnam'', aldus Rock. Daar leerde hij white trash kennen en vrezen, terwijl hij in zijn eigen wijk een buitenstaander werd. Hij ontdekte er ook dat humor de beste verdediging is. Wie lacht, slaat niet.

Als stand-up comedian werd Chris Rock eind jaren tachtig ontdekt door Eddie Murphy en trad hij in 1990 in diens voetsporen toe tot Saturday Night Live. Naast een vedette als Mike Myers (Wayne's World, Austin Powers) kwam hij echter nauwelijks aan de bak. Bovendien was Rock tevreden over zijn doorbraak en concentreerde hij zich op drinken en uitgaan. In 1993 stapte hij over naar In Living Color, dat een jaar later ter ziele ging. Chris Rocks' loopbaan leek voorbij voordat hij goed en wel was begonnen.

Hij kwam terug, als stand-up comedian, naar eigen zeggen omdat hij een duur huis kocht en tweemaal zo hard moest werken. Rock ging schrijven, perfectioneerde zijn timing en presentatie en Emmy's en Grammy's volgden. Anno 1999 heeft Rock zijn eigen show op kabelzender HBO, waar vieze woorden niet worden weggepiept, en is hij volgens Time Magazine en Vanity Fair de grappigste man in Amerika.

De humor van Chris Rock verschilt niet wezenlijk van zijn voorgangers Richard Pryor en Eddie Murphy. Wat wel verschilt, is dat hij niet het blanke, maar het zwarte publiek schokt: in zwarte zelfspot gaat hij veel verder dan zijn voorgangers. Veel zwarten, waaronder Bill Cosby, waren woedend over de `nigga-monoloog' uit 1996, waarin Chris Rock uitwijdde over de `burgeroorlog van zwarte mensen versus niggas', tussen de zwarte middenklasse en would-be gangsters. Volgens zijn zwarte critici hing hij daarmee de vuile was buiten. Zij wezen erop dat blank Amerika Chris Rock nadien wel héél enthousiast omarmde. Maar de nigga-monoloog illustreert misschien juist het gegroeide zelfvertrouwen van de nieuwe generatie zwarte komieken, die dit soort taboes ter zelfbescherming niet meer nodig achten.

Bigger and Blacker, Net5, 21.25-22.40u.