De ontdekking van Keilonië

Ieder mens leeft in een eigen wereld, maar niet iedereen trekt daaruit de uiterste consequenties. De leden van het Genootschap voor Geofictie doen dat wel. Geofictie is het verzinnen van landen, maar dan wel logisch en consequent: er moet bijvoorbeeld een kaart bestaan van het land plus de omgeving en zonder een geschiedenis is geofictie ook vrijwel ondenkbaar. Verder mag bijna alles.

,,Alles wat je interesseert, stop je erin'', aldus Ruben van der Weijden, geestelijke vader van de Mii Eilanden en organisator van een expositie in de Utrechtse Gemeentebibliotheek ter gelegenheid van het derde lustrum van het genootschap. ,,Ik ben griffier-secretaris bij de rechtbank in Amsterdam en daarom heb ik een rechtssysteem voor de Mii Eilanden ontwikkeld.'' Volgens Van der Weijden liggen de Mii Eilanden niet ver van Nieuw-Zeeland.

We houden stil bij een incourant model hoofddeksel in een vitrine. Deze hoed werd gedragen in tijden van oorlog en nu nog alleen voor toeristen, staat erbij. Van der Weijden maakte niet alleen de hoed, hij bedenkt ook elk weekeinde de sportuitslagen van vijf voetbaldivisies op Mii, alsmede van cricket, handbal en nog wat sporten. Thuis heeft hij ordners vol met eindstanden van niet gespeelde wedstrijden. Het lijkt een zinloze bezigheid, de winst is dat hij op basis van deze uitslagen in één keer weet welk team hij naar een internationaal toernooi kan afvaardigen. Of wat hij kan vragen als een ander lid van het genootschap belt met de vraag of een bepaalde vedette te koop is. Van der Weijden: ,,Ik ga altijd akkoord, want ze kunnen in andere landen veel meer verdienen, je moet reëel blijven.'' Dezelfde realiteitszin dicteert dat de Mii Eilanden bijna zeker ooit van Groot-Brittannië waren en nu dus lid zijn van het Gemenebest.

We lopen langs lange reeksen minitieuze kaarten, van Keilonië, van de planeet Sekram, van Hillyrie. De cassette Van Overal en Nergens bevat muziek uit geofictieve landen, zoals het Chimeriaans volkslied. Net als Mii is bijvoorbeeld Seppië, vlak bij Ierland, lid van de AGL, de Aardse Geofictieve Liga. ,,Een Europese Gemeenschap van niet bestaande landen op Aarde'', aldus Van der Weijden. ,,De lidstaten hebben handelscontacten, verdragen en culturele uitwisselingen met elkaar, naast de gewone contacten met de wel bestaande aardse landen. Maar Chimera is geen lid. Je hebt daar namelijk een diersoort met menselijke intelligentie en de andere AGL-lidstaten zeggen: dat kan niet. De AGL heeft daarom geen politieke contacten met Chimera, alleen culturele.''

Ieder lid heeft ten minste één land tussen de oren, een zogeheten primaire geo. ,,Daar werk je jaren aan en daarvan wil je bij wijze van spreken het telefoonboek schrijven'', verzekert Van der Weijden. Kortstondiger zijn de interactieprojecten binnen het genootschap: een aantal leden besluit elk een nieuw land te maken, doorgaans op een aparte planeet, en gedurende de voorbereidingen worden de kaarten getekend, de geschiedenissen geschreven et cetera. Veranderen van een republiek in een koninkrijk mag dan nog, maar niet na het startsein. Daarna volgen een paar jaren van interactie: Marstan wil een spoorweg naar een haven in Ichra en opent onderhandelingen. Of verklaart de oorlog en bezet de haven. Momenteel loopt het interactieproject Pan Geo, een werelddeel op een verre planeet waar alles net is als op aarde, behalve dat een kwartaal daar een aardse maand duurt en dat er vrijwel geen winbare metalen voorkomen. Van der Weijden bestiert daar het land Duvel (waar overigens Nederlands wordt gesproken). Samen met het Italiaanstalige Malavida en andere buurlanden onderzoekt Duvel nu de mogelijkheden om van keramiek en vulkaanglas behoorlijke automotoren te maken.

Sommige landen hebben een eigen manier van muzieknotitie of zelfs een geheel eigen taal, maar soms zit geofictie erg dicht tegen de werkelijkheid aan. Eén lid nam de Randstad anno 1945 als uitgangspunt, inclusief alle oorlogsschade, en zette vervolgens op papier een fictieve ontwikkeling in. Grote kaarten tonen het resultaat anno nu: Leiden, Gouda en Alphen zijn bijna even klein gebleven en alle groei ging naar de vier grote steden. Amsterdam heeft zeker zulke omvangrijke havens als Rotterdam en Schiphol ligt midden in een stad.

Spel of oefening voor het geval je ooit nog wethouder van Ter Aar wordt? ,,Spel'', zegt Van der Weijden gedecideerd. ,,Als je er iets van leert, is het meegenomen.'' Maar een irrelevante frivoliteit is het ook niet, want het genootschap weet zeker dat er honderden of zelfs duizenden geofictici in het verborgene werken - in Nederland en ver daarbuiten. Een man van vijftig had sinds zijn twintigste geofictie bedreven en het zelfs niet verteld aan zijn echtgenote, zo bevreesd was hij voor de hoon van de buitenwereld. Van der Weijden: ,,Vaak is de opluchting enorm als geofictici het bestaan van ons genootschap ontdekken. Dan is het een soort coming out voor ze. Vandaar ook deze tentoonstelling.'' Eigenlijk schuilt in ieder van ons een geoficticus, vermoedt hij, en in elk geval in de postsorteerders van de PTT: een vitrine toont enveloppen met fictieve, zelfgetekende postzegels, ondermeer aan de `Castoniaanse Ambassade' op een adres in Nieuwkoop. ,,Dat komt allemaal gewoon aan, de PTT doet daar niet moeilijk over.''