Wanhopig gezocht: classici voor de klas

Het tekort aan leraren Grieks en Latijn is groter dan ooit. Scholen nemen iedereen aan die ook maar iets van klassieke talen weet.

Voor gymnasia die wanhopig zoeken naar een leraar Grieks of Latijn is er goed nieuws: de oud-minister van Onderwijs van Togo woont in Brabant, heeft Grieks gestudeerd in Parijs en biedt zich aan als leerkracht. Leraren die ooit op het gymnasium hebben gezeten, maar die geen klassieke talen hebben gestudeerd, kunnen vanaf volgende week terecht op de universiteit van Nijmegen. Daar worden ze in tien weken bijgespijkerd zodat ze aan de slag kunnen als leraar klassieke talen.

Iedereen die de klassieke talen een warm hart toedraagt, spant zich momenteel in om het nijpende tekort aan classici tegen te gaan. De 38 categorale gymnasia en nog eens 249 gymnasiale afdelingen op brede scholengemeenschappen, kunnen immers amper nog een afgestudeerde classicus vinden, die leraar Grieks of Latijn wil worden.

Scholen worden er creatief van. Zo heeft het gymnasium Erasmianum in Rotterdam dit schooljaar een Italiaanse professor Grieks aangenomen die uitsluitend Engels spreekt. Zijn vrouw werkt bij het Rijksmuseum in Amsterdam. Het was iets of niets, zegt rector A.Werdekker, die een vacature van 28 uur per week Grieks moest vullen. ,,Hij is op het gebied van de Griekse taal het beste wat je kunt krijgen en hij doet zijn stinkende best om Nederlands te leren – we zijn heel blij met hem. Alleen spreekt hij inderdaad voorlopig Engels tegen de brugklassers.'' Voor een paar aanvullende uren werkt op het Erasmianum ook een gepensioneerde hoogleraar Latijn.

Het vakgebied Grieks en Latijn is een van de gebieden waar het lerarentekort zich het sterkst manifesteert. Duits, economie, natuur- en wiskunde zorgen al een paar jaar voor problemen, maar Grieks en Latijn spannen de kroon. Oorzaak voor het algemene lerarentekort is ten eerste de vergrijzing onder leraren. Jonge opvolgers zijn er te weinig: schoolverlaters vinden de lerarenopleiding onaantrekkelijk en academici verwachten dat ze met minder inspanning in het bedrijfsleven meer kunnen verdienen dan als leraar.

Voor klassieke talen in het bijzonder geldt dat er jaarlijks minder afgestudeerde classici zijn. In de jaren tachtig waren het er gemiddeld 98 per jaar, volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek, tegen gemiddeld 31 per jaar in de jaren negentig.

Afgestudeerde classici worden niet per definitie leraar zoals vroeger, zegt hoogleraar klassieke talen aan de universiteit van Amsterdam, A. van Erp Paalman Kip. ,,Ze komen terecht bij uitgeverijen, kranten of in het universitair management. Eén student heeft zelfs een hoge functie gekregen bij een groot bedrijf.'' Volgens Van Erp Paalman Kip wil een handvol studenten nog wel leraar worden; zij kunnen uit vele aanbiedingen kiezen als ze solliciteren.

De kwaliteit van het onderwijs in klassieke talen zal hieronder lijden, vreest de Nijmeegse hoogleraar klassieke talen Anton van Hooff. ,,Scholen kunnen niet meer selecteren, ze zijn blij met iedereen die ze kunnen krijgen, ook als die maar een beetje Grieks of Latijn beheerst.'' Juist bij klassieke talen is dat nadelig, meent Van Hooff, omdat studenten altijd zeggen dat ze kozen voor die vakken ,,omdat ze op school geïnspireerd raakten door zo'n bevlogen leraar.''

Rector B. Moons van het gymnasium in Apeldoorn beaamt dit. Hij heeft gewerkt op het gymnasium in Arnhem, dat niet lang geleden een leraar klassieke talen zocht. ,,Vier brieven kwamen er binnen – drie van mensen die geen klassieke talen hadden gestudeerd. Op andere kwaliteiten, zoals sociale, didactische of pedagogische vaardigheden, kun je iemand dan niet selecteren.''