`Hé, een strijkje, is dat geen goed idee?'

Op 1 juni 1998 werd in Frankfurt de Europese Centrale Bank opgericht. Erwin Nierop, `deputy counsel' van de ECB en hoofd van de afdeling financieel recht, was erbij. Nierop werkte ook bij De Nederlandsche Bank en bij de voorganger van de ECB: het Europees Monetair Instituut. En daarvoor zat hij in Londen, bij de Oost-Europabank.

,,Ik heb alles meegemaakt, alle voorbereidingen om tot één Europese munt te komen vanaf het Verdrag van Maastricht tot aan de geboorte van de euro op 31 december 1998. Dankzij De Nederlandsche Bank kwam ik in de geprivilegieerde positie om getuige te zijn van een draai van het wiel van de geschiedenis. Als je terugkijkt lijkt het alsof al die gebeurtenissen zich volgens een vast plan voltrokken hebben, alsof het één logisch voortvloeide uit het andere. Maar ik heb ook aan den lijve ondervonden dat we soms de ene maand nog niet wisten of we de volgende maand nog wel werk zouden hebben. Dan had Duitsland bijvoorbeeld nog steeds het Verdrag van Maastricht niet geratificeerd en dan zaten wij elkaar in Bazel aan te kijken: gaat het door of gaat het niet door? Op 1 januari 1994 was het een feit dat we met het EMI naar Frankfurt zouden gaan en dat de voorbereiding van de oprichting van de Europese Centrale Bank dus kon beginnen. Maar een maand daarvoor was nog niets daarvan zeker. De paradox is ook dat de gebeurtenissen zelf op het moment dat ze zich voltrekken niets voorstellen. Opening van de Europese Bank? We waren bij wijze van spreken de bureaus en de stoelen nog bij elkaar aan het slepen. De geboorte van de euro? Dat was natuurlijk een heel bijzonder moment. We stonden met z'n twintigen in de dealingroom, zagen de oude valuta als het ware voor onze ogen verdwijnen en de nieuwe munt verrees als een fenix uit de as. Al die jaren daarvoor worden samengebald in één apotheose – en die duurt dan precies één seconde.

Het merkwaardige is dat voor mijn gevoel over de voorbereiding van de muntunie, die hele geschiedenis die alles bij elkaar nog geen tien jaar geduurd heeft, eigenlijk niets te vertellen valt. Het is goed gegaan – punt. Tegelijkertijd is het een aaneenschakeling van anekdotes. Maar die anekdotes zijn alleen maar een flauwe afspiegeling van de onderliggende feiten waarvan het belang bijna niet in woorden te vatten is. Moet ik vertellen hoe we schrokken van de coup tegen Gorbatsjov in augustus 1991? Ik zat toen bij de EBRD, we dachten allemaal dat de klok van de geschiedenis zou worden teruggedraaid. Toen dat niet het geval bleek, vertrok Attali, de president van de EBRD, meteen met een speciaal daarvoor gecharterd vliegtuig, waarin enige kisten champagne, naar Moskou om Gorbatsjov te feliciteren. Helaas bleek Gorbatsjov net op dat moment in de Doema voor lopende televisiecamera's door Jeltsin gedwongen te worden om een verklaring over zijn falende politiek voor te lezen. Gorbatsjov en Jeltsin schijnen zich daarna voor een hooglopende ruzie achter de coulissen te hebben teruggetrokken, waarna Gorbotsjov geen tijd meer had om nog het glas te heffen met Attali.

Voor de Europese Centrale Bank heb ik nog steeds veel contact met centrale banken in Oost-Europa en wat me opvalt is: hoe ongelooflijk snel men daar leert. Een paar jaar geleden moest je nog als een ontwikkelingswerker uitleggen wat een muntunie is en hoe het werkt. Nu bereiden ze zich er in Polen en Tsjechië en nog een paar landen al op voor om met ons mee te doen.

Van de inauguratie van het gebouw van de ECB hier in Frankfurt herinner ik me vooral de emotie van Helmut Kohl, die toen nog de Duitse bondskanselier was. Hij wist ongetwijfeld al dat hij niet zou worden herkozen. Hij had met Mitterrand aan de wieg gestaan van de hele ontwikkeling van de muntunie, hij leek tot tranen geroerd toen hij zijn toespraak hield. Een groot feest was het niet, het was meer een sereen get together, 's middags tussen 11 en 3 uur in de Alte Oper. Het kon niet 's avonds, anders had Blair zijn wekelijkse bijeenkomst met koningin Elizabeth moeten afzeggen. Er was een optreden van de Ierse dansgroep Riverdance en dat was heel bijzonder. Als je met vijftien landen een feest voorbereidt, dan is er altijd iemand die op een gegeven moment opstaat en zegt: hé, een strijkje, is dat geen goed idee? Deze keer had de Ierse gouverneur het gewoon vast geregeld. Er was ook een optreden van de Maastreechter Staar — die gaven een potpourri van de nationale hymnen van alle lidstaten. Vijftien, dachten de onschuldige toehoorders. Maar Duisenberg die, zoals iedereen weet, uit Heerenveen komt, zei later in zijn toespraak: `Hoorde u dat? Ze begonnen met het Friese volkslied'.''