Nieuwe Economie biedt schat aan kansen

In discussies over de Nieuwe Economie wordt de rol van de politiek veronachtzaamd, vindt Marnix L.A. van Rij. De nieuwe ontwikkelingen vragen juist om ambitie, vooral op het terrein van het onderwijs.

De New Economy, de Nieuwe Economie of gewoon de nieuwe economie. Het duurde even, zoals gebruikelijk, maar nu is het fenomeen ook in Nederland onderwerp van discussie. Recent heeft minister Jorritsma zich via deze krant in de discussie gemengd met als boodschap: `Ook de droom van de Nieuwe Economie is bedrog'. Een nuchtere economische analyse. Terecht plaatst zij vraagtekens bij de rol van ICT in de verklaring van de productiviteitsgroei in de Verenigde Saten. ,,ICT speelt een rol, maar voorlopig is het een (weliswaar) belangrijke bijrol'', aldus de minister.

Kortom, over tot de orde van de dag, lekker voortmodderen in het paarse kabinet met verouderde receptuur of toch nadenken? Economisch gaat het Nederland voor de wind. Is het poldermodel ook, of misschien juist, geschikt voor de nieuwe economie, de ICT-revolutie? Kan Nederland er zijn voordeel mee doen en heeft de politiek nog een rol in deze?

Met de Nieuwe Economie wordt bedoeld de netwerkeconomie, waarin informatie- en communicatietechnologie de productiviteit opstuwt en de wetten van vraag, aanbod, schaarste en conjunctuur veranderen. Telecom- en IT-bedrijven spelen een sleutelrol binnen deze netwerken. En wat is IT? Natuurlijk Internet, computers en de organizer. Maar ook de flessenvulmachine en de volautomatische snelbakoven van de ambachtelijke bakker. Juist ook het midden- en kleinbedrijf profiteert sterk van de nieuwe ontwikkelingen. Dit is niet iets van de laatste jaren. De automatisering van administraties, procesindustrie en bankwezen is veel langer bezig, eigenlijk veel fundamenteler en in ieder geval voor de relevante beroepsgroepen nuttiger en ingrijpender dan een website.

Steeds meer mensen werken direct of indirect in de IT-sector en iedereen heeft er mee te maken. En dan zijn er mensen die zelfs zeggen voorzichtig voorstander te zijn van deze nieuwe economie, zoals de president van de Amerikaanse centrale banken Alan Greenspan. Helaas misschien voor minister Jorritsma, maar het is geen keuze. Het overkomt ons gewoon. Deze ontwikkeling is jaren geleden reeds ingezet en dendert door. De meeste mensen zijn, bewust of onbewust, IT-gebruiker in allerlei gedaanten, vormen en toepassingen. E-commerce, virtuele vestigingen, branchevervaging, het altijd overal bereikbaar zijn en toegang hebben tot alles zijn de nieuwe feiten.

Wat zijn de mogelijkheden voor Nederland? Nederland mainport, brainport. Nederland is altijd bij uitstek een handels- en dienstennatie geweest. Een netwerkeconomie avant la lettre. Een samenleving waar allerlei soorten coalities altijd nodig waren omdat het land, de republiek, de provinciën zo'n lappendeken was van verschillende partijen. Waarom kan Nederland een rol spelen in deze netwerkeconomie? Nederland ligt gunstig, heeft een goede infrastructuur en heeft een zeer hoog opgeleide bevolking. Voorts heeft Nederland de grootste dichtheid van pc's per huishouden en is het van nature een open economie en maatschappij, die reeds vroeg gedwongen werd coalities te sluiten en netwerken te vormen. Nederland is van oudsher sterk op de Angelsaksische wereld gericht, waardoor het juist als ICT-portaal kan fungeren voor de rest van Europa. Deze rol kan, mag en moet Nederland claimen.

Punt van zorg en aandacht blijft dan wel het onderwijs, want met de investeringen blijft Nederland de laatste jaren achter bij andere OESO-landen. Majeure investeringen in het onderwijs zijn nodig om van Nederland een `brainport- en mainportland' te maken. Uit studies blijkt dat de komende drie jaar alleen al 60.000 banen in de IT-sector extra geschapen kunnen worden, maar dan moeten de mensen wel opgeleid worden. Dat kost geld en dan komt het verhaal van de generieke lastenverlichting in een ander daglicht te staan. Er is meer geld nodig voor het onderwijs. Er moet geïnvesteerd worden in de kwaliteit van de samenleving, in hoogwaardige arbeidsplaatsen.

Wat is de rol voor de politiek in deze Nieuwe Economie? De rol voor de politiek is om het vuur erin te houden. De kabinetsnota De Digitale Delta is een mooie aanzet, maar mag gedurfder zijn. Volgens minister Jorritsma is deze nota het eindstation, volgens mij slechts een pover begin. Terecht dat Kamerleden en mensen als VNO-NCW-voorman Blankert kritiek hebben wegens het gebrek aan ambitie en durf, vooral op het terrein van onderwijs. Natuurlijk dient de overheid op ICT-terrein zelf het goede voorbeeld te geven. Zo is een fundamentele vraag of ICT een van de kernactiviteiten moet worden van de economie, of dat ze met name een dienstverlenende rol krijgt. Maar er zijn ook andere mogelijkheden. Bijvoorbeeld samen met het bedrijfsleven opleidingsplaatsen creëren voor de vele langdurig werklozen onder met name slecht opgeleide allochtonen.

Zo zou ook technisch opgeleid defensiepersoneel in relatief korte tijd omgeschoold kunnen worden tot hooggekwalificeerd IT-personeel. Creativiteit is nodig, maar die ontbreekt ten enenmale in de ambtelijke benadering van minister Jorritsma. Bedrijven en overheden zouden de mogelijkheid moeten aangrijpen om de veel beleden publiek-private samenwerking en het maatschappelijk ondernemen in de praktijk te brengen.

Het primaat ligt in de samenleving en zoals op sociaal-economisch, agrarisch en onderwijsgebied dient de overheid veel zaken op het terrein van de ICT over te laten aan maatschappelijke verbanden, bedrijven en burgers. De politiek kan in deze veranderende samenleving positieve wendingen aanbrengen, oude structuren doorbreken en kansarmen kansen bieden. Een prachtkans voor een minister van Economische Zaken. En natuurlijk dient de nieuwe generatie, voor wie deze ontwikkelingen vanzelfsprekender zijn, ruimschoots aan bod te komen. Oude ministers met wortels in de jaren '70 en begin jaren '80 met een gebrek aan elan, visie en bevlogenheid beperken zich tot een gesprekje met Bill Gates en enkele uurtjes praten in het Catshuis. Echter, naast de economische en technische invalshoek is er een politieke invalshoek. En deze is aan `Den Haag', maar als het aan mevrouw Jorritsma ligt, niet aan Paars II.

Marnix L.A. van Rij is voorzitter van het CDA.