`Koelkast overlegt met supermarkt'

Paul Ostendorf (1955), corporate technical officer en futuroloog bij Cap Gemini: ,,Het is een democratie, but not as we know it. Het is eerlijker, sneller, efficiënter. In 2030 spreken we van een netwerk-cratie. Alles en iedereen communiceert met elkaar. Direct, draadloos. De chip in je koelkast overlegt met je supermarkt over welke boodschappen er moeten komen, de chip in je video met de telefoon over welke films er gehaald moeten worden.

De opvolger van Internet, InterCon, van connect, maakt het mogelijk bij wijze van spreken elke dag een massale volksraadpleging te houden. Een druk op de knop en iedereen heeft een e-mailtje met daarin de vragen. Uiterlijk een dag later is de uitslag binnen. Het volk maakt het beleid, door continu te communiceren.

Het parlement bestaat nog wel in 2030, maar niet meer in de huidige vorm. Een termijn van vier jaar voor een Tweede-Kamerlid is ondenkbaar. De netwerk-cratie is een directe democratie. Discussiegroepen die zich bij een onderwerp betrokken voelen, springen dan in het debat. Dat zijn meningen die er toe doen van mensen die het interesseert. De politiek kan dan niet om de bevolking heen.

Iedereen is altijd identificeerbaar. Paspoorten, identiteitskaarten, rijbewijzen, alles naar de prullenbak, weg met die papierhandel. Elke wereldburger heeft een ingebouwde chip in zijn lichaam waarop alles staat wat politie, douane, justitie, overheid, verzekeraar, supermarkt moet weten. Niemand hoeft meer kennis met zich mee te dragen. Overal staan infozuilen en als je je daar aanmeldt, door een vingerafdruk of via die chip, dan krijg je automatisch toegang tot alles wat je wilt weten, en wat je mag weten natuurlijk. Kennis is voor iedereen optimaal toegankelijk, dus de bevolking kan over alles meepraten.

Het politieke probleem van 2030 wordt de kennisachterstand. Dat moeten we voorkomen. De know's en de know-not's zullen de tegenhangers zijn van de huidige have's en have-nots. En voor de overheid is dat verschil veel lastiger te overbruggen. Inkomens kun je nivelleren, via belastingen. Maar kennis kun je niet afnemen. Wetten en regels moeten voortdurend veranderen. De grens tussen wat mag en wat ethisch juist is wordt vager. De ethische normen moeten herschikt worden, net als het wetboek. Rechters lopen nu al achter de feiten aan. In een supersnelle informatie- en communicatiewereld wordt die achterstand met de dag, met de minuut groter.

Angstbeeld? Big Brother? Juist niet! Het is een utopie: We are watching Big Brother in plaats van andersom. We hadden bijna via een webcam mee kunnen kijken met Clinton en Lewinsky. Ik weet meer van Microsoft-baas Gates dan hij van mij. Dat wordt nog beter. Door de communicatie-technologie wordt de wereld transparanter: de politiek, het bedrijfsleven.''