Dagje autoshoppen voor het hele gezin

`Op de markt voor gebruikte auto's gaan we naar een situatie als in Amerika. De grote bedrijven overleven, de kleintjes krijgen het moeilijk.'' Dat zegt J.H. Jonker van het gelijknamige bedrijf in Hoevelaken dat zichzelf afficheert als het grootste Nederlandse bedrijf dat gebruikte personenauto's aan particulieren verkoopt. Jonker: ,,Bij kleinere marges is een grotere omzetsnelheid nodig.'' Er komen steeds meer auto's op de Nederlandse wegen. In het eerste halfjaar werden er volgens de BOVAG 376.405 nieuwe auto's verkocht, ruim 64.000 ofwel 20,6 procent meer dan in de eerste zes maanden van 1998. Ruim 960.000 gebruikte auto's wisselden het eerste halfjaar van eigenaar, 77.000 meer dan in het eerste halfjaar van 1998, een stijging van 8,7 procent. Maar de voorraad occasions groeit ook – tot ruim 420.000 in juli. ,,De voorraden zijn gigantisch en dat drukt de prijzen'', zegt verkoper Rob de Groot van Ames in Zwijndrecht, een grote speler op de markt voor gebruikte auto's.

De export van gebruikte auto's vanuit Nederland is beperkt. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek omvatte de export in 1998 een kleine 60.000 auto's voor een totale waarde van 370 miljoen gulden. Dat aantal is gering gezien de omvang van het nationale wagenpark (ruim vijf miljoen personenauto's). In verhouding was de export van gebruikte vrachtauto's vorig jaar met bijna 28.000 stuks, met een totale waarde van 382 miljoen gulden, aanmerkelijk groter. De export van gebruikte auto's is de laatste jaren teruggelopen, vooral naar Rusland, Polen en andere Oost-Europese landen. Rob Boon van BOVAG noemt de val van de roebel als de belangrijkste oorzaak. ,,De tijd dat elke Russische zeeman een oude Lada mee naar huis nam, is vrijwel voorbij.'' Daarnaast is er sprake van een verschuiving van de markt. ,,Voor Polen is Berlijn dichterbij dan Nederland, en de prijzen op de Duitse markt, verreweg de grootste van Europa, zijn waarschijnlijk ook lager'', zegt Herme Bruin van de BOVAG. Ook hebben allerlei importlanden maatregelen genomen om de import van gebruikte auto's – en de daarmee gepaard gaande kapitaalexport – af te remmen.

Het grote groeiende aanbod aan gebruikte auto's noopt tot schaalvergroting, zo meent J.H. Jonker van het gelijknamige familiebedrijf in Hoevelaken. Jonker heeft permanent 600 gebruikte auto's in voorraad en verkoopt jaarlijks zo'n 3.000 auto's. ,,Ongeveer 1.700 tot 2.000 aan particulieren en de rest aan de handel. In de prijsklasse 15.000 tot 25.000 gulden is de grootste omzet'', zegt Jonker. Het bedrijf, dat 10.000 vierkante meter terrein omvat, gaat uitbreiden tot 50.000 vierkante meter, op een nu nog maagdelijk grasland bij de kruising van autowegen bij Hoevelaken. Jonker: ,,Wij gaan naar een formule die bijvoorbeeld al in België bestaat – veel auto's en veel extra's zoals speciale shops voor auto-audio, banden, velgen, airco en andere accessoires en een café-restaurant.''

De grote leasemaatschappijen spelen volgens Jonker een belangrijke rol op de markt voor gebruikte auto's die kunnen worden doorverkocht aan particulieren. De doorgaans goed onderhouden leaseauto's die de maatschappijen afstoten, worden bij inschrijving verkocht. ,,Als de handel afneemt, merken wij dat het eerst. Dan krijgen we meer toewijzingen'', zegt Jonker, die per jaar ongeveer duizend auto's koopt van leasemaatschappijen. De vier lease-ondernemingen van ABN AMRO Lease Holding (Lease Plan Nederland, Auto Lease Holland, Leaseconcept en het vrij recent overgenomen KPN Autolease) stootten de eerste helft van dit jaar een kleine 17.000 leaseauto's af naar de markt voor gebruikte auto's. Lease Plan (49.000 auto's in 1998) is verreweg het grootste Nederlandse autoleasebedrijf.

Ook merkendealers stoten ingeruilde auto's van een ander dan hun eigen merk vaak af naar bedrijven die gespecialiseerd zijn in de verkoop van gebruikte auto's. Jonker: ,,Een VW-dealer verkoopt bijvoorbeeld liever een ingeruilde VW dan een ingeruilde Opel. De dealers staan immers vaak onder druk van importeurs om de verkoop van het eigen merk op te voeren.'' En: ,,Daarom zie je ook steeds vaker `pakketjes' zoals wij dat noemen – speciale aanbiedingen met siervelgen, airconditioning, radio's. De mensen willen steeds vaker een complete auto.'' Jonker denkt daarop in te spelen met zijn toekomstige Intratuin-formule die een dagje autoshoppen tot een plezierig tijdverdrijf voor het hele gezin moet maken. De toenemende concurrentie, ook via Internet waarop ook talloze aanbiedingen voor gebruikte auto's te zien zijn, speelt eveneens een rol.

Grote bedrijven als Jonker en Ames verkopen vooral auto's van twee tot vijf jaar oud ,,en dat blijft goed doorlopen'', zegt Rob de Groot van Ames. Maar hoewel ,,voor elke gebruikte auto, hoe oud ook, een markt is'' nemen de voorraden bij occasionbedrijven alleen maar toe. De export naar andere landen en werelddelen wordt niet alleen beïnvloed door negatieve monetaire (de val van de roebel) en importbelemmerende maatregelen. Gebruikte Nederlandse personenauto's zijn in vergelijking met tweedehands Duitse of Belgische auto's ook duurder als gevolg van de al jaren door de autobranche bestreden bijzondere verbruiksbelasting, die sinds vorig jaar omgedoopt is in Belasting Personenauto's en Motorrijwielen (BPM).

De BPM maakt, afhankelijk van de prijsklasse, 30 tot 40 procent van de nieuwprijs uit. Alleen in Denemarken en Portugal bestaat een soortgelijke belasting waarmee de nationale schatkist stevig wordt gevuld. In België en Duitsland, de belangrijkste concurrerende markten, wordt geen BPM geheven en zijn auto's in het algemeen goedkoper. De export van gebruikte Nederlandse auto's is volgens Herme Bruin van de BOVAG alleen concurrerend en dus lonend als de BPM volledig is afgeschreven. Tot voor kort gold daarvoor als regel een procent per maand. Pas na ruim acht jaar drukt de BPM niet langer op de prijs. De Bruijn: ,,In de praktijk betekent dat dat de Nederlandse export beperkt is tot gloednieuwe (zonder BPM) of oude gebruikte auto's.'' Vaak auto's die ,,de APK-keuring toch niet zouden overleven'' (Jonker) maar die in Oost-Europa of Afrika meestal nog lang een tweede leven kunnen hebben.