WEG MET DE STRUIKELBLOKKEN

Of ze nu al mag zeggen wat ze van deze school vindt. Een sprieterig meisje met lang zwart haar en een beugel staat te popelen om haar verhaal te vertellen. Dilek heet ze, en ze zit in klas 1A van het VMBO, Overbosch College in Den Haag. Dileks klas heeft leerlingen met het niveau van het oude IVBO en heet officieel `basisberoepsgerichte leerweg', met leerwegondersteunend onderwijs (LWOO), maar in de wandelgangen verwordt dit al snel tot de LWOO-klas. Het Overbosch College heeft de integratie van voortgezet speciaal onderwijs en regulier onderwijs tot het VMBO aangegrepen om kritisch het schoolprogramma te bekijken. In de veronderstelling dat de school de komende jaren door die integratie steeds meer `zorgleerlingen' in huis zal krijgen heeft het Overbosch College een geheel nieuwe visie en aanpak ontwikkeld, gestoeld op klassikale ondersteuning. De remedial teacher moet uit haar hokje komen.

Dilek is dertien jaar. Ze is vorig jaar blijven zitten in de eerste klas, omdat haar gedrag `niet goed' was, vertelt ze. ``Ik zat te veel te kletsen en zo.'' Haar stem klinkt hol in het nog kale klaslokaal, met zijn strakke lichtgele muren. Ook een opknapbeurt van de school hoorde bij het plan van aanpak van het Overbosch College. Niet onnodig, vindt Dilek: ``Vorig jaar was het echt geen gezicht, maar nu is het wel mooi.'' Dileks klasgenoten verkeren in verschillende stadia van volwassenheid. Meiden met geverfde ogen en lippen zitten naast jongens die hun groeisprong nog moeten krijgen. Als makke schapen zitten ze in de bank, deze eerste dagen van het schooljaar, maar dat verandert nog wel, weet docente Nathalie Visser. ``Rond de herfstvakantie heeft zich in de klas een hiërarchie gevormd waar je als docent goed de vinger aan de pols moet houden.''

Visser is mentor van klas 1A. Ze is docente Engels, maar geeft ook Nederlands en een aantal uren per week vakken die horen bij het mentorschap, zoals maatschappijleer, lessen in normen en waarden. Voor deze vakken is Visser niet bevoegd, maar de onderwijsinspectie heeft de school ontheffing verleend. Het is één van de pijlers van de nieuwe filosofie van het Overbosch College, vertelt directeur Peter Reenalda. ``Wij hebben ons laten adviseren door mensen uit het speciaal onderwijs en daaruit bleek dat het voor zorgleerlingen essentieel is dat zij zich veilig voelen. Pas als een leerling zich `senang' voelt wil hij leren. En belangrijk daarvoor is de vertrouwensband met de docenten. Op de basisschool hebben ze één meester of juf, hier krijgen ze er ineens vijftien, voor ieder vak van de basisvorming één.'' Het Overbosch College heeft dit probleem aangepakt door vakken te clusteren in drie groepen: taal, maatschappij-oriëntatie en creatieve vakken. In het cluster taal geeft een docent zowel Engels als Nederlands, in het cluster maatschappij-oriëntatie zowel aardrijkskunde als geschiedenis en economie.

In klas 1A behandelt docente Visser vandaag een tekst: `Spelen met vuur.' ``Kijk alleen naar de titel en het plaatje'', instrueert ze haar leerlingen. ``Waar denk je dat dit verhaal over gaat?'' Zoals in iedere klas zijn het ook hier altijd dezelfde vingers die de lucht ingaan. Visser probeert iedereen erbij te betrekken en prijst ieder antwoord. ``Brandwonden. Heel goed, het zou kunnen, maar het komt in dit verhaal niet voor.'' Even later vertelt ze dat ze het geen taakverzwaring vindt om nu ook Nederlands te geven. ``Integendeel, ik vind het een taakverlichting, omdat ik nu een betere band krijg met een klas, 1A is echt mìjn klas. Ik zie ze nu elf uur per week, dat is heel wat anders dan alleen drie uur met Engels. Over het niveau van het vak Nederlands maak ik me geen zorgen, dat is nog zo basaal dat ik dat zonder bevoegdheid wel aankan.''

``Toen ik hier voor het eerst rondliep op deze school keek ik mijn ogen uit'', herinnert directeur Reenalda zich. ``Leerlingen komen binnen en doen een high five met de docent, slaan een arm om hem heen en vragen hoe zijn weekend geweest is. Daar moet je als docent aandacht aan besteden. Onze leerlingen komen hier niet om de Duitse grammatica van voor naar achter door te exerceren, maar we moeten ervoor waken geen bezigheidtherapie te worden. In de eerste plaats zijn wij een school. Dus onze lessen Nederlands moeten meer inhouden dan alleen het lezen van de sprookjes van Grimm. Daar committeren wij ons aan als team. Al met al vragen wij dus nogal wat van onze docenten, daar ben ik me van bewust.''

Om de docenten te ondersteunen in de klas heeft de remedial teacher een nieuwe functie gekregen. Het heet nu remediale hulp en is uit het traditionele hok gekomen. ``Dat heeft zowel voor de leerling als voor de docent positieve effecten'', vertelt Arjenne van der Lee, onderwijscoördinator VMBO binnen de Esloo scholengroep waar het Overbosch College deel van uitmaakt. ``De leerling zag het verband niet tussen wat hij bij die leuke juf in haar kamer leerde en de stof in de klas. Het waren twee werelden. Dat hebben we nu veranderd door de remediale hulp in de klas te brengen. Hij of zij observeert in de klas en stelt vervolgens voor iedere leerling en voor de hele klas een programma op waaraan in de klas gewerkt wordt. Zo ziet de reguliere docent ook wat er gebeurt.'' De remediale hulp kan zowel klassikaal als individueel worden gegeven, bijvoorbeeld in kleine groepjes.

Een voorbeeld van structurele klassikale ondersteuning is het posterproject. Iedere week komt er een nieuwe poster in de klaslokalen te hangen, waarop vijf vetgedrukte woorden staan. Het zijn allemaal ``schooltaalwoorden'. Op de eerste poster van dit jaar staan de woorden `het geheel', `etcetera', `de overeenkomst', `overbrengen' en `uiteraard'. Achter ieder woord staat een uitleg en een voorbeeld waarin het woord gebruikt is. In ieder vak wordt aandacht besteed aan het woord, zodat het in verschillende contexten wordt aangereikt. ``Wij hebben gemerkt dat leerlingen bijvoorbeeld een vraag in een aardrijkskundeboek niet kunnen oplossen omdat ze een woord als `structuur' niet kennen. Als leerlingen zo'n woord tegenkomen dat ze niet begrijpen, haken ze af. Ze voelen zich dom, durven het niet te vragen en houden het voor gezien. Met dit posterproject willen we dit soort onnodige struikelblokken uit de weg ruimen'', aldus Reenalda.

Aan het eind van de les geeft docente Nathalie Visser het huiswerk op voor de volgende dag. ``Schrijf het allemaal op in je agenda. Nee, je zoekt te ver, september is verder terug. Nee, niet onderaan, maar op het eerste lijntje van de dag, dat is het eerste uur.'' Ook elementaire zaken als agenda-gebruik behoren tot de leerstof in klas 1a. Terwijl de klas leegstroomt na dit laatste uur begint de eerste mobiele telefoon alweer te rinkelen. Gebeurt dit onder de les dan ben je hem een week lang kwijt. Het is een van de jongste schoolregels van het Overbosch College, die allemaal in een nieuw jasje zijn gegoten. Niet meer `je mag niet te laat komen', maar `we verwachten van je dat je elke dag naar school komt en er op tijd bent, omdat spijbelen slecht is voor je resultaten en te laat komen hinderlijk is voor de leraar en je klasgenoten'.

Allemaal onderdeel van een beter schoolklimaat, waarin leerlingen beter presteren. Dilek gelooft er in ieder geval wel in. ``Ik denk dat het dit jaar wel beter zal gaan, omdat juffrouw Visser elke minuut naast me staat. Dat heb ik wel nodig, ja.''