Rwanda vereffent rekening met kerk

In Rwanda begon deze week een uniek proces tegen een rooms-katholieke bisschop, die zou hebben deelgenomen aan de massamoord van 1994.

De bisschop lacht. In zijn koddige roze boevenpak, een groot uitgevallen babycompletje, kijkt vader Augustin Misago vrolijk om zich heen in de beklaagdenbank.

Het lachen zal hem wel vergaan als hij schuldig wordt bevonden aan het mede-beramen van genocide die in 1994 aan een miljoen Rwandezen het leven kostte. Volgens de aanklacht heeft Misago kinderen de dood ingejaagd door hen aan Hutu-milities uit te leveren en vluchtelingen onderdak geweigerd. ,,Eindelijk een hoge die zich moet verantwoorden'', zegt een aanwezige. ,,Ik hoop dat hij de kogel krijgt.'' De bisschop, een groot kruis slingerend om zijn nek, ontkent schuld. De katholieke kerk steunt hem.

De kleine, bedompte rechtszaal van Le Tribunal de Première Instance in de Rwandese hoofdstad zit dag aan dag stampvol met de getuigen en belangstellenden deze week. Onder hen de aartsbisschop van Kigali en de pauselijke nuntius, die zich zichtbaar voelt als een kat in een heel vreemd pakhuis. De rechtszaak tegen Misago wekt niet de indruk een schijnproces te zijn. De eerwaarde wordt verdedigd door drie advocaten en krijgt alle gelegenheid zijn zegje te doen.

,,Ik weet dat hij schuldig is'', aldus Michel, een vrachtwagenchauffeur die het proces bijwoont. Jean Louis, een andere aanwezige, geeft buiten de rechtbank zijn niet voor derden bestemde mening: de bisschop staat terecht omdat hij Hutu is. Maar Jean Louis voegt er aan toe: ,,Een grote hekel'' te hebben aan de Tutsi's. ,,Ik kom uit Kongo met een Hutu-moeder en een Kongolese vader.''

Rome is in diepe verlegenheid gebracht door de rechtszaak, die de relatie tussen het Vaticaan en de Rwandese regering danig heeft doen bekoelen. De houding van bisschoppen, priesters, nonnen en monniken gedurende de honderd dagen van ongekende terreur tegen Tutsi's en gematigde Hutu's in 1994 varieerde van laksheid of afzijdigheid tot actieve deelname aan de slachting. Dat blijkt uit de vele getuigenverklaringen.

De Interahamwe, de Hutu-milities, maakten hun slachtoffers soms met knuppels en machetes af in kerkgebouwen, onder het toeziend oog van roomse dignitarissen. De regering en internationale instanties schatten het dodental op 600.000 Tutsi's en 400.000 Hutu's. Twee priesters zijn inmiddels voor hun deelname aan het moorden ter dood veroordeeld.

De Rwandese regering en overlevenden hebben de katholieke kerk de afgelopen jaren overladen met verwijten. Maar de kerkelijke autoriteiten gaven geen thuis: geen excuses, geen spijtbetuiging, niets. Monseigneur Augustin Misago is nu voor zover bekend de eerste hoge katholieke prelaat ter wereld die terecht moet staan wegens medeplichtigheid aan massamoord. Hoewel de verdenking tegen Misago al geruime tijd bestond, gingen de Rwandese autoriteiten pas in april van dit jaar tot aanhouding over. ,,Men heeft lang geaarzeld om de kerk aan te pakken, maar kennelijk is de staat er nu zeker van hem te kunnen veroordelen'', aldus Klaas de Jonge, in Rwanda coördinator van de door Nederland gefinancierde Penal Reform International (PRI). De Jonge verwacht dat Misago de doodstraf krijgt als hij wordt veroordeeld, maar dat die straf wordt opgeschort.

De situatie van de mensenrechten onder het huidige Rwandese regime, dat in juli 1994 met een invasie vanuit Oeganda een einde maakte aan de (onvoltooide) volkerenmoord is verre van ideaal, vindt De Jonge. Maar gezien het gebeurde en de moeilijke politieke omstandigheden noemt hij de toestand ook weer niet alarmerend. ,,Er zitten nu 125.000 verdachten gevangen, hutje-mutje op elkaar, maar ze krijgen wel te eten en worden voor zover wij kunnen zien niet mishandeld.'' PRI zet zich in voor verbetering van het lot van de gevangenen en een snellere afhandeling van hun rechtszaken. Tot nu toe konden door geldgebrek, incompetentie en corruptie slechts 1.500 processen worden afgehandeld. Twintig veroordeelden werden vorig jaar geëxecuteerd.

De daders van de genocide zou grotendeels terecht staan voor het VN-tribunaal in de Tanzaniaanse stad Arusha. Dat heeft na drie jaar nog maar een handvol rechtszaken afgewikkeld. ,,In dit tempo duurt dat nog tientallen jaren'', zegt De Jonge. PRI heeft nu voorgesteld over te gaan tot de instelling van volksrechtbanken, gacaca`s, genoemd naar een traditionele Rwandese vorm van conflictbeheersing. Volgens De Jonge biedt dit de enige uitweg om de enorme achterstanden te werken. Een Nederlandse parlementaire commissie constateerde onlangs tijdens een bezoek aan Rwanda dat de gacaca onder zekere voorwaarden een acceptabel alternatief is.

Kan het, als het recht zijn loop zal krijgen, nog goed komen met Rwanda? Zullen de `langen' (de Tutsi`s) en de `korten' (de Hutu`s) ooit weer in vrede met elkaar kunnen leven? Dat hangt af van de definitie van goed en van vrede. ,,Deze regering steunt op een Tutsi-minderheid van ongeveer vijftien procent. Hoewel ze dat nooit zullen toegeven'', aldus een diplomaat. Aan het hoofd van de regering staat een Hutu, president Pasteur Bizimungu, maar de sterke man is Paul Kagame, een Tutsi. Het leger bestaat uit `langen', en het is de krijgsmacht alleen die het regime in het zadel houdt.

En toch zijn de gemeenschappen van Hutu's en Tutsi's ondanks eeuwen van geruzie nauw met elkaar verweven. Men spreekt dezelfde taal, het kirwanda, gemengde huwelijken zijn geen zeldzaamheid. ,,Wat niet mag worden vergeten, is dat de slachting van `94 ook aan 400.000 Hutu's het leven heeft gekost'', zegt De Jonge. Dat speelt echter nauwelijks een rol. De Tutsi's hebben het land stevig in hun greep. Na de massaslachting stroomde een groot aantal etnische Tutsi's vanuit Oeganda en Kongo het land binnen. De twee bevolkingsgroepen ontlopen elkaar: de Tutsi's bevolken veelal de steden, de meeste Hutu's wonen nog op het platteland. Eén van de weinige plaatsen waar de twee groepen samenleven, is het dorpje Giti. Op een groot toegangsbord bij het dorp staat in trotse letters: `Wij hebben niet meegedaan aan de genocide'.