Minder bos, vuiler water

Politiek: Zorg voor het milieu blijft achter bij economische ontwikkelingen. Technologische vernieuwingen die het milieu kunnen verbeteren worden tenietgedaan door de snelle groei van wereldbevolking en economie.

Klimaat: De uitstoot van CO2 is ten opzichte van 1950 verviervoudigd. De afspraken van Kyoto over reductie van de uitstoot zijn, als ze al gehaald worden, onvoldoende om klimaatveranderingen, verzwakking van ecosystemen en het toenemen van het aantal natuurrampen te voorkomen.

Ozonlaag: De reductie van stoffen die de ozonlaag afbreken verloopt door het akkoord van Montréal succesvol. De ozonlaag zal zich in 2050 hebben hersteld tot het niveau van voor 1980. Ontwikkelingslanden, die sinds 1 juli aan Montréal zijn gebonden, zijn niet in staat aan hun verplichtingen te voldoen.

Stikstof: De hoeveelheid stikstof die wordt gebruikt voor bemesting van landbouwgrond neemt toe. Dat leidt tot ernstige vervuiling. In de lucht dragen nitraten bij aan het broeikaseffect. In het water zorgen ze voor algengroei, wat leidt tot verstikking.

Chemische stoffen: Jaarlijks ondervinden 3,5 tot 5 miljoen mensen direct de schadelijke gevolgen van het gebruik van pesticiden, in de vorm van een ernstige vergiftiging. Wereldwijd wordt jaarlijks 400 miljoen ton gevaarlijk chemisch afval geproduceerd, het merendeel (75 procent) in geïndustrialiseerde landen.

Natuurrampen: Het aantal natuurrampen neemt toe, evenals de schadelijke gevolgen ervan. Dat laatste komt ondermeer doordat mensen, als gevolg van overbevolking en armoede, vaker gedwongen zijn in slechte omstandigheden op gevaarlijke plekken te leven. Natuurrampen zijn een bedreiging voor biologische diversiteit.

Bossen: Tussen 1990 en 1995 is bijna 65 miljoen hectare bos (van een totaal van 3.500 miljoen) verdwenen, voor de productie van hout en het creëren van nieuwe landbouwgrond. De kwaliteit van de bestaande bossen gaat achteruit. Het gevolg is vernietiging van ecosystemen, verwoestijning en bodemerosie.

Zoet water: Snelle bevolkingsgroei in combinatie met verstedelijking, industrialisatie en intensieve landbouw hebben geleid tot een toenemend tekort aan drinkwater. Twintig procent van de wereldbevolking heeft geen toegang tot schoon drinkwater, vijftig procent ontbeert water voor sanitaire behoeften.

Zout water: De kwaliteit van het zeewater gaat achteruit. Ecosystemen, zoals moerassen, mangroves en koraalriffen, worden bedreigd. Stijging van het zeewaterpeil vormt een bedreiging voor kleine eilanden. Tussen 1975 en 1995 is visvangst verdubbeld, meer dan de helft van alle vissoorten wordt bedreigd.

Lucht: In de geïndustrialiseerde wereld is een begin gemaakt met de reductie van luchtvervuiling. In de derde wereld daarentegen, dreigt de situatie, vooral in de grote steden, uit de hand te lopen. De helft van alle aandoeningen aan de luchtwegen wordt veroorzaakt door vervuiling van de atmosfeer.