UÇK-bestuur: we zijn géén stamhoofden

De VN-missie in Kosovo bestuurt de regio. In de praktijk heeft het UÇK echter op lokaal niveau alles al beklonken: het heeft zijn eigen burgemeesters benoemd, en die moeten van de VN-burgemeesters hoegenaamd niets hebben.

Albanese burgemeesters in Kosovo vinden opvallend vaak hun collega's in Afrika `onbeschaafd', `onnozel', die hebben `leiding' nodig. En de buitenlandse bestuurders van de VN-missie voor Kosovo, zeggen de burgemeesters, maken een vergissing: ze gedragen zich alsof ze in Afrika zijn en de Albanese burgemeesters stamhoofden. ,,Maar wij'', zegt Kadri Kryeziu, burgemeester van de stad Prizren, ,,accepteren geen dictaten van buitenlanders.''

Direct na het eind van de NAVO-bombardementen op 12 juni werden in bijna alle 29 gemeenten in Kosovo burgemeesters aangewezen door het Kosovo Bevrijdingsleger UÇK. Ze vormden hun eigen bestuur, hun eigen politiemacht UÇK-soldaten in zwart uniform -, en ze benoemden UÇK-commandanten tot directeur van het ziekenhuis, de school, de fabriek.

De bedoeling van de internationale gemeenschap was dat de VN het bestuur in Kosovo zouden overnemen. Maar de VN-missie voor Kosovo, UNMIK, kwam traag op gang: het was zomer, vakantietijd, de VN konden maar met moeite medewerkers vinden die naar Kosovo wilden. In Priština werd een VN-hoofdkwartier ingericht en er werden vijf regio-bestuurders benoemd. Voor de gemeenten waren nog geen VN-mensen beschikbaar.

In augustus stuurde de OVSE vier experts, onder wie de directeur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Bert Fleers, naar de gemeenten in Kosovo. Hun conclusie was: het UÇK beheerst het lokaal bestuur, de macht van UÇK-burgemeesters wordt niet gecontroleerd en is soms zelfs `dictatoriaal'. De VN moesten onmiddellijk eigen VN-`burgemeesters' benoemen. De illegale UÇK-burgemeesters zouden hooguit als adviseurs betrokken kunnen blijven bij het bestuur.

Goed plan, vond de VN, maar kandidaat-burgemeesters waren er nog niet. De VN-bestuurders voor de regio's, in de vijf grote steden van Kosovo, deden al wel pogingen de macht naar zich toe te trekken. De Mexicaanse regio-bestuurder in Pec dacht dat hij de baas zou zijn. Dat stond toch in de resolutie van de VN-veiligheidsraad? Maar niks lukte, de Albanezen deden alsof hij niet bestond. Na negen dagen gaf hij zijn functie op, hij kon er niet meer tegen.

De Zweedse regio-bestuurder voor het zuiden van Kosovo, rond Prizren, was voorzichtiger. Hij had drie `simpele vragen' voor UÇK-burgemeester Kryeziu. Welke beslissingen had Kryeziu tot nu toe genomen, wat was er met de staatseigendommen gebeurd, en wie had de burgemeester precies op welke post benoemd? Maar de UÇK-burgemeester vond dat de Zweed daar niks mee te maken had. In zijn werkkamer, op het stadhuis van Prizren, zegt hij: ,,We zijn al maanden bezig, alles loopt zoals het lopen moet. En nu zou opeens de VN zich ermee moeten bemoeien?''

De Albanezen hebben de internationale gemeenschap naar Kosovo gehaald, zegt hij, om de Servische eenheden weg te jagen. Waarvoor hartelijk dank. ,,Maar we hebben niemand gevraagd hier de macht over te nemen.'' De Albanezen van Kosovo hebben `slechte ervaringen' met dictators: ,,De VN-bestuurders herinneren ons aan de Serviërs.'' Nee, oorlog zal het niet opnieuw worden. Kryeziu is er zeker van dat tot de VN-bestuurders zal doordringen dat ze niets voor elkaar krijgen zonder de UÇK-burgemeesters. En dat het ook niet uitmaakt dat de VN over budgetten beschikken voor de opbouw van Kosovo, en het UÇK nog niet. Onder jarenlang Servisch bewind hebben de Albanezen geleerd hoe ze een eigen, parallel bestuur moeten opbouwen: ze organiseerden eigen verkiezingen, ze hadden hun eigen burgemeesters en gemeentebesturen, er werd belasting geïnd. Als het moet, gaan ze daarmee nu gewoon verder.

De Raad voor Europa heeft de VN beloofd te helpen met het opzetten van lokaal bestuur: er zijn twintig kandidaat-burgemeesters voorgesteld, tien daarvan zullen binnenkort beginnen. Ook de VN zelf hebben in een aantal gemeenten nu een eigen bestuurder benoemd. Maar Kryeziu krijgt gelijk: de VN beseffen dat het niet meer zal lukken om de UÇK-burgemeesters opzij te zetten. Hun machtsbasis is te sterk geworden, de VN kwamen te laat. Nu wordt overwogen om die lokale VN-bestuurders dan maar een adviserende rol te geven – de rol die eigenlijk was bedoeld voor de UÇK'ers. Officieel houden de VN vast aan het idee dat de lokale VN-bestuurders het `wettig gezag' moeten worden. Maar het heet nu dat de VN zich `flexibel' opstellen. Enrique Aguilar uit Mexico, VN-bestuurder voor de regio Priština: ,,Er zijn ook gemeenten waar het niet zo slecht gaat. Daar zullen wij de burgemeesters alleen maar begeleiden.''

In het gemeentehuis van Pec, in het westen van Kosovo, zit Etham Ceku achter een bureau waarop een VN-vlag staat en het naambordje van Alain Le Roy, de Franse VN-bestuurder voor het westen van Kosovo die de overspannen Mexicaan heeft vervangen. Tot voor kort was Ceku commandant van het UÇK in de regio rond Pec, nu noemt hij zich `prefect' van de stad. Het naambordje is er neergezet door Le Roy zelf, hij heeft het kantoor van de burgemeester voor zich opgeëist. Maar Le Roy wil niet de fout maken van zijn voorganger, hij laat Ceku denken dat hij belangrijk is, en Ceku mag het kantoor gebruiken om interviews te geven.

Ceku zelf zegt dat het bordje er alleen maar staat `uit respect' voor Le Roy, die `zoveel begrip' heeft voor de problemen van het UÇK-bestuur in deze zwaar verwoeste stad. Maar de Fransman is volgens Ceku een uitzondering, de meeste buitenlanders gedragen zich alsof Albanezen `achterlijk' zijn. ,,Wij hebben hier veel VN-politiemannen uit Bangladesh rondlopen. Ze denken dat ze de baas zijn, maar ze snappen niets. We moeten erg om hen lachen.'' Daarom, zegt de `prefect', heeft het gemeentebestuur ruim honderd eigen UÇK-politiemannen in dienst, ook al is dat volgens de VN niet toegestaan. Voor de mensen op straat, zegt Ceku, is duidelijk wie de baas is in Pec. ,,Ze hebben respect voor mij.'' Omdat hij UÇK-militair was. En Le Roy is er nog geen twee maanden. Ceku: ,,De VN mogen ons financieel steunen, maar de organisatie van de stad moeten ze aan ons overlaten.''