Tsjerkessië wellicht een nieuwe brandhaard

Wordt Karatsjajevo- Tsjerkessië na Tsjetsjenië en Dagestan de volgende conflicthaard in de noordelijke Kaukasus? De Tsjerkessen hebben zich afgescheiden.

Karatsjajevo-Tsjerkessië is maar een klein republiekje: 14.100 vierkante kilometer, éénderde van Nederland, met 400.000 inwoners. Maar de conflictstof ligt hoog opgetast, en als men slaags raakt, doet de oppervlakte van het land er even weinig toe als in Tsjetsjenië of Dagestan of, aan de zuidkant van de Kaukasus, Zuid-Ossetië of Abchazië.

Vijf etnische groepen bevolken het land. De Russen zijn met 42 procent het talrijkst. De anderen zijn de Karatsjai (32 procent), die een aan het Turks verwante taal spreken, de Tsjerkessen of Cirkassiërs (10 procent), die een Kaukasische taal spreken, de Abasienen (7 procent) en de Nogays (3 procent). In het verleden hadden de Russen het vooral moeilijk met de Tsjerkessen: in de vorige eeuw werden ze massaal tot emigratie gedwongen. In Turkije, Jordanië en Syrië wonen nu veel meer Tsjerkessen dan in Tsjerkessië. De Tsjerkessen, Karatsjai en Abasienen zijn allen sunnitische moslims.

Tussen 1928 en 1957 beschikten de Tsjerkessen over een eigen autonoom gebied binnen de Russische federatie. Ze verloren hun autonomie toen de Karatsjai, die in 1943 massaal door Stalin naar Centraal-Azië waren gedeporteerd wegens hun vermeende collaboratie met de Duitsers, naar de Kaukasus mochten terugkeren.

Geboterd heeft het na 1957 nooit, tussen de Karatsjai en de Tsjerkessen, al besloten beide volkeren bij een referendum in 1992 nog bij elkaar te blijven. Maar naarmate het slechter ging, boterde het nog minder. De economische ineenstorting van Rusland sinds 1991 heeft in de kleine Kaukasische republiek inmiddels tot een werkloosheid van zestig à zeventig procent geleid. Daarbij komt de algemene destabilisatie van de hele Kaukasische regio: de Tsjetsjeense oorlog, de troebelen in Dagestan, de conflicten tussen Ingoesjeten en Osseten in Ingoesjetië, die tussen de Kabardijnen en Balkariërs in de buurrepubliek Kabardino-Balkarië, de oorlogen aan de zuidgrens tussen Abchaziërs en Georgiërs en tussen Georgiërs en Zuid-Osseten en, verder weg, die tussen Armeniërs en Azeri om Nagorny-Karabach hebben alle bijgedragen tot de destabilisatie in Karatsjajevo-Tsjerkessië zelf.

In mei werd bij presidentsverkiezingen de Karatsjai Vladimir Semjonov gekozen, met meer dan zeventig procent van de stemmen. Die uitslag werd door de Tsjerkessen, wier kandidaat Stanislav Derev (burgemeester van de hoofdstad Tsjerkessk) nauwelijks tien procent van de stemmen had gekregen, niet geaccepteerd. De klaagden bij het Hooggerechtshof en gingen deze zomer vrijwel dagelijks de straat op. Sommige van die demonstraties trokken 35.000 deelnemers – bijna tien procent van de bevolking van de republiek. Op een informele bijeenkomst riepen ze eind augustus de autonomie van Tsjerkessië uit. Vorige maand werden aanslagen gepleegd op drie Russen die zich voor de verkiezingscampagne van Semjonov hadden ingespannen. In Tsjerkessk werden steeds vaker anti-Russische leuzen geroepen, omdat de Russen in mei op de Karatsjai Semjonov hadden gestemd. Deze week werden café's van Karatsjai met handgranaten verwoest.

De onrust werd vanuit Moskou met grote bezorgdheid gadegeslagen. President Jeltsin benoemde zijn ex-vertegenwoordiger in Tsjetsjenië, Valentin Vlassov, tot interim-president, in afwachting van de beslissing van het Hooggerechtshof in Tsjerkessk. Minister van Justitie Joeri Tsjaika wees elke Tsjerkessische aanspraak op autonomie van de hand: de grenzen moeten blijven zoals ze zijn, separatisme is taboe, aldus Tsjaika in Moskou. Semjonov bood zijn rivaal Derev vorige week de functie van premier aan, maar dat aanbod werd van de hand gewezen.

Het Hooggerechtshof wees uiteindelijk alle klachten over fraude bij de verkiezingen van 16 mei van de hand en bevestigde de uitslag: Semjonov mocht president worden. Dat werd hij dinsdag. De installatie moest uit veiligheidsoverwegingen van Tsjerkessk worden verplaatst naar Oest-Dzjoegoet en achter gesloten deuren worden gehouden. Direct daarna vloog Semjonov voor overleg naar Moskou. De installatie was gisteren voor de Tsjerkessische parlementariërs aanleiding Tsjerkessië uit de republiek los te maken en Moskou te vragen dat te erkennen. Dat doet Moskou niet. En dat betekent dat het er in de Kaukasus alweer een probleem bij heeft.