`Tegenstanders shari'a verdienen te sterven'

In Pakistan is een hevige rel uitgebroken over de oproep van een radicale moslimleider tot de gelovigen om senatoren te vermoorden die zich keren tegen de invoering van het islamitisch recht.

In de Pakistaanse Senaat is gisteren een storm van protest losgebarsten toen de regering van premier Nawaz Sharif, die probeert het islamitisch recht in te voeren, zich weigerde te distantiëren van het religieuze bevel van een geestelijke om tegenstanders van de invoering te vermoorden. Maulana Ajmal Qadri, leider van een afsplitsing van de radicale Jamiaat-Ulema-e-Islam, de Partij van de Islamitische Geestelijken, vaardigde het bevel, in de vorm van een fatwa (decreet) eerder deze week uit. Daarin stond dat senatoren die tegen de invoering van de shari'a zijn, ,,verdienen te sterven''. Analisten in Pakistan sluiten niet uit dat sommige fanatieke moslims zullen proberen gehoor te geven aan de oproep. In Pakistan vallen jaarlijks honderden doden om religieuze principes.

Premier Sharif loodste de omstreden grondwetswijziging vorig jaar door het Lagerhuis, waar zijn partij, de Pakistaanse Moslim Liga, een tweederde meerderheid heeft. De Senaat, waarin de oppositie de meerderheid heeft, houdt de invoering van het islamitische recht tegen. Sharif heeft gezegd dat hij de invoering van de islamitische wet pas in stemming zal brengen in de Senaat als hij de tijd rijp acht

Volgens de shari'a, die is gebaseerd op de Koran en de uitspraken van de profeet Mohammed, kunnen strenge lijfstraffen worden gegeven voor criminelen en wetsontduikers, zoals handafhakking bij dieven of openbare steniging voor overspel. Sharif zei destijds dat hij door de invoering van de wet een einde wil maken aan de wijdverspreide corruptie en de criminaliteit en dat hij van de Pakistaanse samenleving een ,,bakermat van vrede, rechtvaardigheid en welvaart'' zal maken.

Het gematigde deel van de Pakistaanse oppositie is tegen de wet omdat deze volgens hen de weg vrijmaakt voor de `talibanisering' van Pakistan, naat het model van het extremistische bewind van de Talibaan-beweging in buurland Afghanistan. De meeste extremistische moslimpartijen in Pakistan zijn tegen omdat zij Sharif ervan verdenken dat hij de wet om oneigenlijke redenen zou willen invoeren. Volgens de grondwetswijziging zou het aan de regering zijn om te bepalen wat de islam wel en niet toestaat, en zouden de gewone rechtbanken in Pakistan goeddeels buitenspel komen te staan.

Senator Chaudhry Aitzaz Ahsan van de Pakistaanse Volkspartij van oud-premier Benazir Bhutto sprak gisteren over ,,de treurigste dag in de geschiedenis van het Pakistaanse parlement'', nadat de regering had geweigerd de fatwa te verwerpen. ,,Nog nooit eerder heeft een regering een uitspraak ondersteund die het parlement verplicht te stemmen onder dreiging van geweld en een bloedbad.'' Maar de voorzitter van de senaat, Raja Zafar-ul Haq, zei dat ,,iedereen het recht heeft om te zeggen wat hij wil''. Volgens Zafar-ul Haq, tevens minister van Religieuze Zaken in Sharifs kabinet, ,,willen de regering en het volk dat het islamitisch recht wordt ingevoerd''.

Premier Sharif is al maandenlang gewikkeld in een keiharde strijd met de oppositie, aangevoerd door Bhutto's PPP. Een groot aantal partijen heeft zich vorig week verenigd in een nieuw politiek blok, de Grote Democratische Alliantie, die als enige doel heeft premier Sharif weg te krijgen, die volgens de oppositie bezig is de democratie te wurgen. Onder andere verzetten deze partijen zich tegen de arrestatie van veel van hun leden en kritische journalisten.