De Verlammende Vloek van corrupt Japan

Corruptie, bedrijfsleven en politiek zijn in Japan nauw verweven. De film `De Financieel Verrotte Archipel' speelt de ontluisterende werkelijkheid na.

Het is tijd voor revolutie in het Japanse bedrijfsleven. Dat is de boodschap van de film `De Financieel Verrotte Archipel: Verlammende Vloek', die dit weekeinde in Japan in première gaat, uitgebracht door een van de grootste filmproducenten van het land. De `vloek' van Japan is de verlammende greep die de coalitie van onderwereld, politici, ambtenaren en zakenlieden achter de schermen op het openbare leven heeft.

De film heet fictie te zijn, maar in de eerste minuten wordt een zeer reële context neergezet. Terwijl de muziek aanzwelt, verschijnen zwart-wit foto's van het naoorlogse Japan in beeld: de Amerikaanse bezetting, demonstraties, de wederopbouw. En dan een aantal foto's van wijlen Kakuei Tanaka, premier in de jaren '70 en later veroordeeld in het grootste corruptieschandaal van na de oorlog. De film begint met het klassiek Japanse beeld van kersenbloesem. Een norse, oudere man in traditioneel Japanse kleding verschijnt onder de bomen, omringd door knipmessende ondergeschikten. Dit is ,,de man die niemand eigenlijk kent'', zegt een commentaarstem, ,,maar die contacten heeft met de premier, de vorige premier, en de premier daarvoor. En ook met de president van onze bank, de vorige president, en de president daarvoor.''

De film gaat over het schandaal uit 1997 rond de top van de Dai-ichi Kangyo Bank (DKB), die relaties onderhield met de onderwereld en als het zo uitkwam voor eigen doeleinden criminelen gebruikte. De `man die niemand kent' is in werkelijkheid de enkele jaren geleden overleden onderwereldbaas Kijima, die centraal stond in het echte DKB-schandaal. Kijima was leerling en opvolger van Yoshio Kodama, `partner in crime' van de corrupte premier Tanaka. Zo sluit de cirkel van de eerste filmbeelden zich. De kijker weet dat het schandaal rond de DKB geen incident was, maar staat voor alles dat fout is in naoorlogs Japan.

In de film krijgt een aantal vastberaden rebellen uit het middenkader de kans deze cirkel van corruptie in hun eigen bank te doorbreken. Nadat justitie bij bij een spectaculaire overval de volledige administratie in beslag heeft genomen om de illegale betalingen te traceren, formeren ze een eigen onderzoeksteam om de rottigheid boven water te krijgen.

De film is gebaseerd op de gelijknamige sleutelroman van Ryo Takasugi. Na publicatie schreef Takasugi: ,,Vooral de corruptie van politici en ambtenaren doet pijn. Als we ervan uitgaan dat het herstel van de Japanse economie begint met het doorsnijden van de banden met de onderwereld, kunnen we niet passief blijven toekijken.'' Takasugi heeft weinig vertrouwen dat de eerdere arrestaties bij bijvoorbeeld de DKB al tot een werkelijke schoonmaak hebben geleid: ,,Ik denk dat de ACB [de bank in de film] de enige bank in Japan is die erin is geslaagd een structuur op te zetten waarbij men zich aan de wet houdt.'' Zijn boek is daarom opgedragen aan de jonge generatie bankiers die ,,hun trots en hun gevoel van missie moeten terugkrijgen'' en de banken moeten laten terugkeren naar ,,hun oorspronkelijke taak als publieke instelling''.

Takasugi's roman verscheen afgelopen jaar in dagelijkse afleveringen in de krant Sankei. Dit noopte deze krant tot een reeks artikelen over de huidige stand van zaken onder de kop: `Is de verlammende vloek verbroken?' Rond 1997 was er een golf van arrestaties wegens corruptie. Behalve de DKB zagen ook Mitsubishi, grote effectenhuizen als Nomura, de ministeries van Financiën, Volksgezondheid en Defensie en de Centrale bank medewerkers in arrestantenwagens verdwijnen. De rust is nu enigszins weergekeerd, maar toch beantwoordt de krant Sankei haar eigen vraag vooralsnog met `nee', al zijn er hier en daar verbeteringen.

Het probleem van Japans elite is dat er sinds het barsten van de `zeepbel' [de hausse in grond- en aandelenprijzen eind jaren '80] verliezen moeten worden genomen. Japans endemische corruptie leverde geen grote problemen op bij economische groei. Politici, ambtenaren en criminelen lieten zich verrijken door effectenhuizen. Maar wie betaalt de rekening als aandelenprijzen opeens halveren? Iemand moet de verliezen op zich nemen, en al negen jaar lang is Japan niet in staat tot een fatsoenlijke afwikkeling van onfatsoenlijke zaken te komen: bedrijven sponsoren politici om hun belangen te behartigen, politici bedreigen banken opdat ze de schulden van bedrijven afschrijven, met hulp van ambtenaren verbergen banken verzuurde schulden voor de buitenwereld bij brievenbusondernemingen, criminelen chanteren bedrijven en politici met dreigementen dat ze de vuile was buiten zullen hangen, de regering geeft handenvol belastinggeld aan banken om hun balansen op te schonen, de regering spendeert kapitalen aan publieke werken om bouwbedrijven te redden en het werkloze volk bezig te houden met putjesscheppen zodat het geen tijd heeft om de straat op te gaan. De rekening van dit alles? Uiteindelijk komt die terecht bij de ontslagen, overtollige werknemers en andere belastingbetalers die in de recessie met lege handen achterblijven. Een econoom heeft berekend dat de BTW binnenkort moet worden verdrievoudigd, uitsluitend om aan de lopende verplichtingen van de regering te kunnen voldoen.

Het werk van schrijver Ryo Takasugi behoort tot een zeer florerend Japans romangenre dat zich richt op het uitdiepen van schandalen na uitgebreid onderzoek. Commentator Makoto Sataka geeft deze schrijvers de eer van het onthullen van veel van de onverkwikkelijke banden van Japans elite: ,,Schrijvers als Takasugi gaan in op de machtsstructuur achter schandalen. Zij hebben deze structuur aangevallen. Kranten hebben dat nooit gedaan. Die melden alleen incidenten.'' Pas sinds het uiteenspatten van `zeepbel', begin jaren '90, is ook de gemiddelde burger op de hoogte van het bestaan van afpersers zoals de sokaiya. Maar voor de lezer van het werk van Takasugi cs is er niet veel nieuws naar buiten gekomen, meent Sataka, die in de film ook een bijrol speelt als commentator. Of de film een oproep is tot revolutie? ,,Ach, het zou goed zijn als de Japanse kantoorklerken eens flink kwaad werden. Maar het probleem is dat ze zwak zijn.''

    • Hans van der Lugt