Verhaal over passie en collectieve gekte

In de Kunsthal wordt volgende week donderdag de tentoonstelling `Zeppelin – Luchtbel of luchtballon' geopend.

EEN AANLANDMAST voor luchtschepen torent uit boven het Stationsplein in Rotterdam. Majestueus hangt het reusachtige gevaarte bij deze paal stil boven het centrum van de stad. Tot in de wijde omtrek is de zeppelin te zien. Wie kijkt er niet omhoog als zo'n wonder van techniek door het luchtruim vaart of er alleen maar is, zonder zichtbare beweging, zo geruisloos als een vlag op een windloze dag.

De zojuist aangekomen passagiers gaan met de lift naar beneden. Op het centraal station stappen zij over. De hoge-snelheidstrein zal hen verder vervoeren naar een andere bestemming in Nederland of Europa. Het is 2017, tachtig jaar nadat de Hindenburg in brand vloog en perspectieven op grootschalige exploitatie van luchtschepen voorgoed in rook leken op te gaan.

Utopie of werkelijkheid? Wim Pijbes, adjunct-directeur van de Kunsthal weet het ook niet, maar heeft het ontwerp voor een aanlandmast in het hart van Rotterdam wel een plek gegeven op de documentairetentoonstelling over zeppelins, die over een week zal worden geopend. Zoals er ook plaats is ingeruimd voor diverse andere initiatieven en projecten waarin de terugkeer van het luchtschip als een logische oplossing van hedendaagse transportproblemen wordt gepresenteerd.

Reizen met de zeppelin is nooit zo gewoon, zo alledaags, geworden als met het vliegtuig. Daarvoor is de rol van het luchtschip in het personenvervoer van te korte duur geweest. Maar dromen erover zijn nooit vervlogen. Rudy Kousbroek dichtte:

Nee, een vliegtuig is te haastig

En het gaat ook veel te hoog

Niets herinnert in de wolken

Aan de aarde en haar volken

Met een luchtschip is dat anders

Het drijft maar voort gelijk een zucht

En van de wereld daar beneden

Zie je nog het kleinste gehucht

De `Jongerencoalitie', een verzameling van vooral politiek georiënteerde jongerenorganisaties, stuurde dit jaar een ansichtkaart rond, waarop dit gedicht van Kousbroek stond afgedrukt, net als een foto van een zeppelin die vlak boven de bergen voortdrijft. De kaartenactie is onderdeel van een campagne die tot doel heeft dat in Nederland een nieuwe generatie luchtschepen wordt gebouwd. De liefde voor de zeppelin is dus meer dan nostalgie. ,,Het luchtschip is een verhaal over hartstocht'', meent gast-conservator Joka Davids van de Kunsthal. ,,Het is het verwezenlijken van een droom. Een collectieve gekte.''

Wie van het gekke, het afwijkende, het eigenlijk onmogelijke houdt, bekeert zich tot de zeppelin. Een andere dichter, de Rotterdammer Manuel Kneepkens, pleitte als gemeenteraadslid van de Stadspartij in 1995 voor Rotterdam als locatie waar de fabricage van zeppelins ter hand moest worden genomen. Dat bleek vergeefse moeite, maar een expositie over luchtschepen komt er dus wel in de havenstad. Ook daaraan heeft Kneepkens een bijdrage geleverd. Enkele jaren geleden was de opening van de Erasmusbrug aanleiding tot een expositie in de Kunsthal. Kunstenaars werd gevraagd daaraan een bijdrage te leveren. Onder hen Kneepkens, die meende dat het bijbehorende honorarium hem als raadslid niet toekwam en het beschikbaar stelde voor ,,een leuk idee, misschien iets met zeppelins''.

Contacten tussen Joka Davids en Kneepkens leidden tot verdere uitwerking van het idee. Een expositie dus en die past bij de Kunsthal, vindt adjunct-directeur Pijbes, ,,want wij doen één keer per jaar iets met logistiek''. De voorbereidingen begonnen zo'n twee jaar geleden. Sluimerende zeppelinliefhebbers werden benaderd; zij stelden hun materiaal ter beschikking. Doorslaggevend was voor Pijbes een bezoek aan het zeppelinmuseum in het Duitse Friedrichshafen. ,,Een ontzettend leuk museum.'' Met als topstuk: een halve, op werkelijke schaal nagebouwde Hindenburg. ,,Dan pas besef je de grootte ervan'', zegt Pijbes. Bij de zeppelinkolos in het Duitse museum is een auto gezet. ,,Die lijkt een luciferdoosje.''

Het bezoek bracht Pijbes ook de overtuiging bij dat historie een prominente plek moest krijgen op de expositie in de Kunsthal. ,,De brand van de Hindenburg behoort met het vergaan van de Titanic tot de beroemdste rampen die we deze eeuw hebben gehad. Het was de eerste ramp die de wereld overging. Met beeldmateriaal.''

De Hindenburg rolde uit de fabriek van Zeppelin. Dit vroegere bedrijf is rijkelijk vertegenwoordigd in de Kunsthal. Servies, tickets, uniformen, suikerzakjes, asbakken, overal drukte Zeppelin zijn stempel op. Niet voor niets werd deze familienaam van merknaam tot uiteindelijk soortnaam: van Zeppelin tot zeppelin dus.

De tentoonstelling strekt zich uit over twee verdiepingen. De ene is vooral bedoeld voor de geschiedenis, de andere etage wordt gebruikt voor het tentoonstellen van hedendaagse initiatieven om tot de productie van luchtschepen te komen. ,,Het is een inventarisatie die een tussenstand vormt'', zegt Pijbes. Het heden bestaat, voor wat het luchtschip betreft, vooral uit op de tekentafel ontworpen toekomst. Dus uit nog te vervullen dromen. Pijbes: ,,Of de luchtschepen echt terugkomen, daar kan niemand een uitspraak over doen. Dat blijkt uit de tentoonstelling: die heeft een open einde.''

Maar aan de fascinatie die het verschijnsel luchtschip oproept, kan geen twijfel bestaan. Ook werk van industrieel ontwerpers en kunstenaars als Panamarenko, Carel Willink en Willem van Genk, dat te zien is op deze expositie, getuigt hiervan. En de poëet die zijn droom ooit in een heuse motie in de Rotterdamse gemeentepolitiek vorm gaf, het raadslid Manuel Kneepkens, zal de tentoonstelling officieel openen.

Zeppelin. Luchtbel of luchtballon. 24 september tot en met 12 december, Kunsthal Rotterdam, Westzeedijk 341. Infolijn: (010) 440 03 01. Internet: www.kunsthal.nl. Openingstijden: di-za 10-17 uur; zon- en feestdagen 11-17 uur.

In de Kunsthal zijn tevens de volgende exposities te zien: Isaac Israels (1865-1934); Erotische kunst uit China; Phil Borges fotografie; Willem de Kooning Academie - terugblik 89-99. Toegang tot Kunsthal: 10 gulden. KUNSTHAL