Poproem kostte Scritti Politti tien jaar stilte

Na een reeks hits in de jaren tachtig, verdween de Engelse Scritti Politti in het niets. Maar onlangs verscheen er een nieuwe cd.

Green Gartside was ooit een linkse kunstacademiestudent in Leeds. Hij raakte eind jaren zeventig verzeild in de muziekwereld, noemde zich Scritti Politti en dacht dat het een interessant experiment zou zijn om als links musicus deel te nemen aan het commerciële popcircus. Na zijn debuut bij de Engelse, door new wave groot geworden platenmaatschappij Rough Trade vertrok Green naar Amerika en nam voortaan daar zijn platen op.

Scritti Politti had vervolgens grote hits met nummers als Wood Beez, Absolute en Hypnotise. Een van zijn nummers werd uitgevoerd door Miles Davis en een ander kwam op de soundtrack van het Madonna-film Who's That Girl. Daarna, eind jaren tachtig, verdween Green uit het openbare leven, om deze zomer pas weer van zich te laten horen met een nieuwe cd, met de typische Scritti-Politti-titel Anomie & Bonhomie.

Inmiddels is Green Gartside drieënveertig. Hij heeft zijn blonde dreadlocks afgeknipt, camoufleert de wijkende kin met een borstelig baardje en kleedt zich als een skateboardende tiener uit New York. Green heeft zich acht jaar lang verschanst in een cottage in Wales. Hij ging wandelen of speelde darts en pool in de pub. De muziekkamer met apparatuur bleef gesloten. ,,Ik had er veel tijd voor nodig om de waanzin van de poproem van me af schudden,''zegt hij.

Want Green had zich vergist toen hij dacht dat je met het popsterrendom kunt flirten: hij werd er met huid en haar door verzwolgen. ,,Ik wilde het spel op mijn eigen voorwaarden spelen. Maar voor ik het wist moest ik naar alle Amerikaanse radiostations om met wat kwinkslagen en leuke opmerkingen een nieuwe single te promoten. Na een paar van dat soort rondjes was ik mezelf kwijt.'' Ook het cultuurverschil tussen Engeland en Amerika speelde een rol. ,,Ik was een muziek-amateur. Maar in de Amerikaanse studio's is iedereen erg serieus. Daar draait het om technisch vakmanschap, wat in Engeland in die tijd juist uit den boze was. Ik heb geprobeerd me aan de Amerikaanse ideeën over muziek en techniek aan te passen. Dat ging uiteindelijk ten koste van mezelf. Toen heb ik m'n band, mijn vriendin en m'n manager verlaten, en ben terugverhuisd naar Wales.''

Scritti Politti werd in de jaren tachtig populair met een aantal vederlichte liedjes. De zang was hoog en glazig, de instrumentatie glooiend met synthetische klanken. Ook voor het ritme had Green zich afgewend van de in Engeland heersende new wave: hij koos luie reggae en langzame ballades.

De sfeer van de nieuwe cd is nauwelijks anders dan die van de platen uit zijn gloriedagen, zoals Cupid & Psyche 85 uit 1985). Op Anomie & Bonhomie wordt meegespeeld (op bas) en gezongen door Meshell Ndegéocello en door Allen Cato, de zoon van de gitarist van Sly Stone. En er is rap van Mos'Def en Lee Majors. Want zoals Green in de jaren tachtig in de ban was van soulmuziek, zo heeft hij zich de afgelopen jaren op hiphop gestort. ,,Dat was mijn enige contact met de muziekwereld: ik ging af en toe naar Londen om een stapel hiphop-cd's te kopen.''

Green groeide op in een blank arbeidersgezin in Zuid-Wales en was vóór de jaren tachtig nooit blootgesteld aan zwarte muziek. ,,Ik groeide op met suikerzoete pop van blanke mannen. Hiphop staat daar lijnrecht tegenover, daar draait het niet om melodie en harmonie, maar om beats. Toen ik twee jaar geleden weer wat muziek begon te maken op mijn Apple Macintosh, ben ik me eerst op die beats gaan concentreren.''

Zwarte muziek was al eerder van blijvende invloed op Green. Toen hij na zijn debuut (Songs To Remember, 1982) naar Amerika ging, ontdekte hij soulzangeressen als Aretha Franklin en Chaka Khan (voor beiden zou hij later nummers schrijven). Hun zang en muziek maakten zo'n indruk dat bij het opnemen van de tweede cd zijn stem onherkenbaar veranderd bleek. ,,Hun stemmen maakte iets in mij wakker. En toen ik daarna mijn mond open deed, klonk ik anders. Van een Engels accent, was het nu een Amerikaans accent geworden. En ik klonk zachter, zonder een zweem van mijn working class-achtergrond.

,,Mijn zangstem lijkt los te staan van mezelf, als een plek waar ik naartoe ga. Die hoge transparante stem is voor mij de stem van naïviteit. Ik noem hem `mijn ideale ik'. Mijn stem staat voor de versie van mezelf die het liefst zou willen zijn, maar door uiterlijke bepaaldheden - man en blank - nu eenmaal niet kan zijn. Natuurlijk zou er uit mij ook een diep mannengeluid kunnen komen, maar dat laat ik niet gebeuren.''

Op de nieuwe cd wordt zijn lichte stem in sommige nummers belaagd door zware rockgitaren, een novum voor Scritti Politti, want Green had vroeger een hekel aan dit instrument. Dit is voortgekomen uit zijn skateboardmanie. ,,Skaters luisteren veel naar allerlei soorten rockmuziek en skatepunk. Omdat ik zelf graag skate en met die jongens omga, hoorde ik ineens muziek die ik wel kon waarderen.'' Vervolgens ging hij met gitaar-samples experimenteren. ,,Want ik zocht een bekleding voor mijn beats. Hiphopmuzikanten gebruiken daarvoor vaak jazz, maar jazz heeft mij nooit geboeid. Dus speelde ik stukjes gitaar en samplede mezelf. Om het op echte samples te laten lijken deed ik er special effects doorheen: het gekraak van grijsgedraaide platen.''

Inmiddels heeft Green een nieuwe single uit, het strak ritmische Tinseltown To The Boogietown. Is hij niet bang opnieuw door de popmachine te worden opgeslokt? ,,Nee, ik voel me er nu veilig voor. En ik heb m'n leeftijd mee. Ik kan en hoef niet meer te concurreren met iemand als Britney Spears. Dat is een rustige gedachte.''

Scritti Politti: Anomie & Bonhomie (Virgin CDV 2884)