Eerst zien en dan geloven

Voordat nieuwe luchtschepen de lucht in mogen moet `Den Haag' goedkeuring verlenen. Hoe staat de Tweede Kamer tegenover deze vervoersvorm?

WIE OP HET BINNENHOF de partijkantoren afgaat met de vraag wie de luchtschepen in zijn portefeuille heeft, kan nog altijd rekenen op enig meesmuilend gelach. ,,We zijn hier bezig met het nieuwe belastingplan'', antwoordt een medewerker op een toon, die aangeeft dat hij met zo'n triviaal onderwerp niet gestoord wenst te worden. Bij zowel het CDA,, de VVD als D66 duurt het even om degene te achterhalen die zich over dit onderwerp heeft mogen of moeten ontfermen.

Toch bespeurt Gerrit Valk (PvdA), die zich heeft ontpopt als een van de meest enthousiaste voorstanders van de sigaarvormige luchtschepen in de Tweede Kamer, een kentering. ,,Toen ik het onderwerp twee jaar geleden voor het eerst aan de orde stelde, werd dat in de Kamer met grote hilariteit ontvangen. Die Valk, dat is een grappenmaker, werd er gezegd.. Maar er is veel veranderd. Er is nu toch bepaald serieuze belangstelling voor.''

Hij vindt het een belangrijk signaal dat ook een gerenommeerd bedrijf als Stork betrokken is bij het project in Lelystad. ,,Als het allemaal luchtfietserij was geweest, zou dat heus niet hebben meegedaan.''

De meeste grote partijen staan er inmiddels in principe positief tegenover. Ze menen dat de zeppelin een nuttig alternatief kan zijn voor het vliegtuig, vooral omdat die niet ernstig vervuilt en geen lawaai maakt. ,,Zoiets moet je niet lichtvaardig opzij schuiven'', stelt Theo Stroeken van het CDA. De meest sceptische woordvoerder is Jan te Veldhuis (VVD). Hij sluit niet uit dat luchtschepen bepaalde mogelijkheden bieden, maar hij verheelt niet dat zijn verwachtingen niet hooggespannen zijn. ,,Wel met beide benen op de grond blijven staan'', beveelt hij aan. ,,De praktische gebruikswaarde moet eerst nog worden bewezen. Eerst zien, dan geloven.'' Hij betwijfelt of er vandaag de dag wel een markt is voor zeppelins. ,,Zijn ze, zeker op langere afstanden, niet te langzaam en zijn er wel genoeg mensen die voor hun plezier in zo'n ding willen stappen?''

Bij de Rijksluchtvaartdienst (RLD), die namens het ministerie van Verkeer en Waterstaat onderzoekt of de zeppelins wel luchtwaardig zijn, maakt men zich over dat laatste niet zo druk. Daar ligt de nadruk op de veiligheid van de luchtvaartuigen die Rigid Airship Design (RAD) in zijn toekomstige fabriek in Lelystad wil produceren. Het gaat daarbij om zaken als de bestuurbaarheid van de zeppelins, de windgevoeligheid, de brandbaarheid en de mogelijkheden om de passagiers in geval van nood snel te evacueren.

De specialist van de RLD op dit gebied is Paul van Daalen. Hij is de man die moet certificeren dat alles met de zeppelins in orde is voor ze het luchtruim kiezen. Daarbij gaat hij niet over één nacht ijs. In totaal zijn er zo'n 2.000 documenten en rapporten nodig voor het ministerie zijn goedkeurig zal hechten aan de productie van de luchtschepen. De eisen waaraan zeppelins moeten voldoen, omvatten in totaal inmiddels al een boekwerk van 120 pagina's. Met de hele procedure gaan al snel zo'n vier tot vijf jaar heen.

Van Daalen mag van het ministerie de pers volstrekt niet te woord staan, waardoor de indruk wordt gewekt dat hij zich met een zeer geheim project bezighoudt. Verkeer en Waterstaat is slechts bereid een interview van de expert met het interne blad Transponder ter hand te stellen. Daarin legt Van Daalen uit dat men bij de zeppelins met een zeer bijzondere situatie heeft te maken. Op het terrein van de veiligheidseisen moet er in één keer een sprong worden gemaakt van zo'n zestig jaar. ,,De huidige standaard voor vliegveiligheid is zeer hoog en mede tot stand gekomen door het leergeld dat we hebben betaald in de vorm van ongelukken en incidenten'', aldus Van Daalen. ,,Die ervaring missen we bij luchtschepen. Zestig jaar geleden houdt het plotseling op. Maar de veiligheidseisen moeten wel van deze tijd zijn.''

De RLD stelt niet alleen hoge eisen aan de luchtwaardigheid maar ook aan de productie, het onderhoud, het luchthaventerrein, de exploitant en de bemanning. Ook de luchtverkeersleiding zal precies moeten weten volgens welke regels de zeppelins moeten worden begeleid. Alvorens de luchtschepen ten slotte de lucht in mogen, zal er nog een grondige audit worden gehouden bij Rigid Airship Design. Elk afzondelijk luchtschip zal trouwens ook daarna nog zorgvuldig worden geïnspecteerd voor het de lucht in mag.

Zeppelin-vriend Valk heeft er bij de vaste Kamercommissie voor Verkeer en Waterstaat inmiddels op aangedrongen eens met z'n allen te gaan naar Duitsland, waar al luchtschepen in aanbouw zijn, om met eigen ogen te aanschouwen wat de mogelijkheden daarvan luchtschepen zijn. Het voorstel is welwillend ontvangen, maar een datum is er nog niet voor gekozen.

Als de RLD zijn fiat geeft aan de luchtschepen, vinden sommige partijen dat de zeppelins ook van staatswege steun verdienen. ,,Zoiets moet je stimuleren als overheid'', meent woordvoerder Bert Herberigs van GroenLinks. ,,Je mag best er best wat overheidsgeld in steken om dat aan te blazen.''

Ook de CDA'er Stroeken is daar niet vies van. Hij wijst erop dat er over het algemeen heel makkelijk zeer veel geld wordt gestoken in bestaande infrastructuur zonder dat dat altijd even veel rendement voor de samenleving oplevert. Met investeringen in nieuwe technologie is men veel terughoudender, al kan daar soms met weinig geld veel worden bereikt. ,,Je moet ook wel eens de moed hebben om fouten te durven maken'', aldus Stroeken.