Banken teren in op reserves

Nadat de banken een week eerder zeer ruim in hun slappe was zaten, was de afgelopen week een sterke daling van de post `rekeningen-courant (inclusief reserverekening)' waar te nemen. Daardoor daalde de gemiddelde aanhouding op de reserverekening bij het Eurosysteem in een week tijd van 106,6 miljard naar 105,3 miljard euro. De banken voldoen daarmee echter nog ruimschoots aan de reserveverplichting die de Europese Centrale Bank vorige week aanpaste van 103 miljard naar 102,6 miljard euro.

De daling van de aanhouding op de reserverekening werd voornamelijk veroorzaakt door twee factoren. In de eerste plaats was de nieuwe basisherfinancieringstransactie 4 miljard euro krapper dan de vervallende. De nieuwe transactie bedroeg 82 miljard euro.

Het aantal inschrijvers hierop lag met 783 een fractie lager dan het gemiddeld aantal inschrijvingen op de twee laatst uitgevoerde herfinancieringstransacties (819). Dit geeft aan dat de animo voor het `centrale-bankgeld' wat afneemt.

Ook de daggeldrente ligt echter dicht tegen de refi-rente aan, zodat de banken de afweging maken geld uit de markt te halen of het van de Europese Centrale Bank te lenen. Dit kan het aantal inschrijvers ook gedrukt hebben. Hoe dan ook, de banken die inschreven deden dat fors. Het totaal ingeschreven bedrag bedroeg 1335 miljard euro, waarvan uiteindelijk slechts 6,1 procent werd toegewezen.

De tweede oorzaak van de afname van de aanhouding op de reserverekening is de stijging van het tegoed van overheden met ruim 1 miljard euro. Schommelingen in dit tegoed worden veroorzaakt door inkomsten- en uitgavenpatronen van een aantal zuidelijke lidstaten waaronder Spanje en Italië.

Zowel de kleinere herfinancieringsfaciliteit als de stijging van het tegoed van overheden zorgden voor een verkrapping van de relatief ruime geldmarkt. Doordat de Europese Centrale Bank de banken tot nu toe ruim van liquiditeiten heeft voorzien vertrekt de daggeldrente geen spier.

De relatief ruime positie van het bankwezen zorgt ervoor dat de daggeldrente met 2,51 procent dicht tegen de refi-rente van 2,50 procent wordt aangedrukt.

Bron: ING Economisch Bureau