Algerije wil wel vrede maar niet vergeven

Vandaag wordt in Algerije een referendum gehouden over de `wet op de nationale verzoening'. Hiermee wil president Bouteflika de basis leggen voor herstel van de vrede in Algerije na zeven jaar moslim-extremistische terreur. Slachtoffers hebben gemengde gevoelens.

El-Attaf is een dorp in de provincie Aïn Defla, zo'n 180 kilometer ten zuidwesten van de Algerijnse hoofdstad Algiers. El-Attaf, 9.000 inwoners sterk, is bijzonder zwaar getroffen door de bloedige machtsstrijd tussen moslim-extremisten en het bewind in Algiers die in 1992 begon en die inmiddels zeker 100.000 levens heeft geëist. El-Attaf leed vooral de laatste drie jaar, toen de extremisten van de Gewapende Islamitische Groep (GIA) door het leger uit de Mitidjavlakte ten zuiden van Algiers werd verdreven en het geweld zich naar meer afgelegen gebieden verplaatste.

,,Er zijn hier overal moorden en misdaden gepleegd, iedere dag weer'', zegt Radia Mahdjoun (24). ,,Iedereen hier leeft met geweld - wij ook. Mijn vader is drie jaar geleden vermoord, neergeschoten door een groep gewapende mannen. De situatie is nu wat minder gespannen, maar vorige week is 150 meter van onze deur nog een buurman gewond bij een bomontploffing.''

Radia stemt vandaag vóór de `wet op de nationale verzoening' van president Bouteflika, die zo snel mogelijk Algerije op orde wil brengen. De wet voorziet in een amnestie voor gewapende extremisten die geen bloed aan de handen hebben. In ruil daarvoor heeft een fundamentalistische strijdgroep, het Leger van Islamitische Redding (AIS), definitief de wapens neergelegd.

,,De nationale verzoening is de enige uitweg, de enige kans om vrede te krijgen'', zegt Radia. ,,Maar wij zullen nooit vergeven. Voor de vrede gaan we voor de wet op de nationale verzoening stemmen. Het is iets rationeels, er is geen andere optie. Maar op het persoonlijke vlak ligt dat heel anders. Wij kunnen wat is gebeurd niet vergeten of vergeven. Wij kunnen het niet aanvaarden.''

,,De dood van onze vader deed ons zoveel verdriet. Het leven viel op slag stil. We wisten wie de daders waren. Er was iemand bij die we kennen, Kadourie heet hij. Hij is de meest radicale van de moslim-extremisten hier. Nu zit hij in de gevangenis in Chlef, dertig kilometer hiervandaan. Hij is veroordeeld tot 20 jaar, maar zijn advocaat is in beroep gegaan, en de kans is groot dat hij vervroegd vrijkomt, vooral nu met de wet op de nationale verzoening.''

,,Mijn moeder huilt elke dag. Het is vreselijk voor haar. En wij worden er telkens weer mee geconfronteerd. Of we nu bij kennissen langsgaan of er komen buren bij ons op bezoek, het is het eerste en laatste onderwerp van al onze gesprekken. Bijna iedereen is slachtoffer, heeft familieleden en vrienden verloren.''

Radia zit met zeven familieleden rond de salontafel, en vier van hen zitten hardop te snikken. De andere hebben tranen in de ogen. ,,Je moet je indenken dat over heel Algerije honderdduizenden families met dergelijke gevoelens zijn'', zucht Radia's zwager Abed (34). ,,We zijn in de rouw en we moeten met een groot verlies leven. Dat is het beeld van Algerije: een volk dat rouwt om zijn doden. We kunnen alleen maar hopen dat de nieuwe wet gaat werken, want er moet een einde komen aan het moorden. Maar de schuldigen moeten worden berecht; ze mogen hun straf niet ontlopen.''

Voor Radia's oudere zuster Nacira mag de overheid over alle moorden en gruweldaden de spons vegen. ,,Als dat de prijs is die we voor de vrede moeten betalen, dan willen we dat ook de leiders en de beulen amnestie krijgen. Als het moet zullen wij leren leven naast de moordenaars van mijn vader. Alleen op vergiffenis moeten ze niet rekenen.''

In Algiers voeren de leden van het Nationale Comité Tegen Het Vergeten En Het Verraad (CNOT) actie tégen het project van president Bouteflika. Een van hen is Keltoum Zinou. Haar man was journalist bij de onafhankelijke krant Liberté. Nadat hij met de dood was bedreigd, werd hij in 1995 in Blida vermoord. ,,In brieven die door het Front van Islamitische Redding (FIS) waren ondertekend, was hij gemaand met zijn werk te stoppen. We waren gelukkig, we wilden kinderen. En toen was ik weduwe, 28 jaar oud.''

Ze is woedend. ,,Hoe is het mogelijk dat de leider van het AIS, Madani Mezrag, op de Algerijnse televisie mag vragen zijn aanhangers niet te kwetsen als zij zich overgeven? Hoe zit het met ònze gevoelens? Mezrag heeft niet eens de moeite genomen om het volk om vergiffenis te vragen. Hij is een moordenaar, een gezochte terrorist op wiens hoofd een prijs staat. Waar is Bouteflika aan begonnen?''

Zinou heeft pamfletten verspreid tegen de wet op de nationale verzoening, en opgeroepen het referendum van vandaag te boycotten. Ze is daarbij door de politie opgepakt. De tegenstanders van de wet weten zich gemarginaliseerd. De meeste Algerijnse partijen, van de `gematigde fundamentalisten' tot de `democratische oppositie' hebben zich achter het voorstel van de president geschaard die zich zo van een grote meerderheid heeft verzekerd.

Maar de tegenstanders geven het niet op. ,,We krijgen gelijk'', zegt Yasmina. Haar broer is vijf jaar geleden vermoord. Hij was 54 en ijverde als inspecteur voor modernisering van het onderwijs. ,,Het FIS komt terug, zijn fundamentalistische project is niet vergeten en met de amnestie krijgt de partij de kans zich te hergroeperen'', meent ze.

,,Er zijn heel wat mensen die het niet eens zijn met Bouteflika, maar ons wordt de mond gesnoerd'', zegt Yasmina. ,,De president wil geen debat. Hij heeft de gave van het woord, dat hebben we al kunnen merken. Hij is sinds zijn verkiezing in april alleen aan het woord. De staatsomroep ENTV is zijn persoonlijke spreekbuis en hij heeft zijn overwinning binnen. Maar ook de uitslag van dit referendum komt uit de toverdoos - het is een gevaarlijke vervalsing. Want de Algerijnen eisen een waarheidscommissie, een rechtbank die de schuldigen van de moordpartijen straft voor al hun misdaden tegen de menselijkheid.''