Vervoerbedrijf A'dam boekt 3,5 miljoen winst

Het Amsterdams Gemeentevervoerbedrijf (GVB) heeft over 1998 een winst van 3,5 miljoen gulden geboekt. Dit blijkt uit het jaarverslag van het GVB. Vorig jaar kwam het GVB met 19.000 gulden winst voor het eerst sinds decennia uit de rode cijfers. Wel is het openbaar vervoer nog steeds verliesgevend. De winst is vooral te danken aan inkomsten uit reclame, vervoer voor gehandicapten of vervoer per touringcar en uit advieswerk voor derden.

Directeur financiën, H. van Vliet, benadrukt dat de geboekte winst niet het gevolg is van `window-dressing'. ,,We hebben 29 miljoen gulden gereserveerd om de afschrijving en rente van onze investeringen te kunnen financieren.''

Voor 1999 bedraagt de winstprognose naar aanleiding van de halfjaarcijfers zes miljoen gulden. In 2001 zou dat 17 miljoen gulden moeten zijn, waarvan 10 miljoen afkomstig uit het openbaar vervoer.

Met het oog op de voorgenomen externe verzelfstandiging in uiterlijk 2002 (het GVB wordt een Naamloze Vennootschap maar de gemeente bezit alle aandelen) is op dit moment een ,,prestatiecontract'' in de maak met de Amsterdamse wethouder van Verkeer Köhler. Dit contract moet volgens algemeen directeur A. Testa gezien worden als ,,een oefencontract'' met afspraken over prijzen en dienstregeling.

Het GVB heeft nog altijd te maken met een onveilig imago, achterstallig onderhoud en een geringe arbeidsproduktiviteit. Het rijdend personeel zit maar de helft van de 36-urige werkweek daadwerkelijk achter het stuur. De directie wil dat binnen vier jaar op 65 procent brengen. Van Vliet verwacht dat dit ,,met veel emoties gepaard zal gaan''. Verder wil het GVB zo'n 75 extra mensen inzetten om de veiligheid en de service in de voertuigen te vergroten. De metrostations zullen verbouwd worden en er zullen volgend jaar tourniquettes komen.

Het is nog niet gelukt om op elke tram een conducteur te zetten. Conducteurs geworven via de Melkert-regeling kunnen niet eens het aantal conducteurs dat vertrekt opvangen. Volgens Testa staan er ,,een groot aantal herintredende vrouwen zonder uitkering te trappelen'', maar die voldoen niet aan de Melkert-criteria. Testa vindt dat de conducteurs uit Melkertregeling moeten. ,,Ik snap er geen zak van waarom dat zo lang moet duren. Het geld uit het Melkert-potje kan toch worden overgeheveld naar een het potje voor het stedelijk openbaar vervoer?''